Door redactie op woensdag 20 maart 2013
 Volgens het Ministerie van OC&W is het aantal voortijdig schoolverlaters in Nederland opnieuw is gedaald; dit jaar met zes procent. Ook ROC Tilburg heeft door een intensieve en resultaatgerichte aanpak voortijdige schooluitval bij haar leerlingen met succes weten te bestrijden. Tussen 2005 en 2010 waren de Antillianen en Arubanen zowel landelijk als in Tilburg oververtegenwoordigd voor wat betreft voortijdig schoolverlaten. Het aantal Antilliaanse en Arubaanse jongeren (18–23 jaar) dat in Tilburg zonder startkwalificatie de school verliet was veel hoger dan het algemeen stedelijk gemiddelde: 8,7 procent tegen 4,3 procent. Antilliaanse/Arubaanse jongeren volgen de trend Voor BAAT waren de cijfers aanleiding om het ROC te vragen of er ook bij de Antilliaanse en Arubaanse jongeren op het ROC een daling van het voortijdig schoolverlaten was. Inderdaad bleek dat de Antilliaanse/Arubaanse jongeren op het ROC de landelijke trend volgen. Wie is een voortijdige schoolverlater? Jongeren tot 23 jaar die geen startkwalificatie hebben en niet meer op school komen, worden door de school bij de gemeente aangemeld als voortijdig schoolverlater. Een startkwalificatie is het minimale onderwijsniveau dat nodig is om een baan te vinden. Het gaat om een diploma havo, vwo of mbo (niveau 2, 3 of 4). Een vmbo-diploma geeft weliswaar toegang tot het mbo, maar wordt niet als startkwalificatie beschouwd. Belang startkwalificatie Voor een groot deel van de jongeren zonder startkwalificatie is het vooruitzicht dat zij langer werkzoekend zijn en minder kans hebben op een baan. Ook veroveren ze een minder goede positie op de arbeidsmarkt, stromen niet gemakkelijk door naar een betere baan met een beter inkomen, en hebben een hogere kans om in de criminaliteit te belanden. Redenen genoeg om het probleem van voortijdig schoolverlaten serieus aan te pakken. Positief BAAT vindt het positief dat steeds meer Antilliaanse en Arubaanse jongeren een startkwalificatie halen en hoopt dat deze ontwikkeling zich door blijft zetten. Zeker in deze moeilijke economische tijden is dat een belangrijke voorwaarde om je kansen op de arbeidsmarkt te vergroten.
Door redactie op woensdag 13 maart 2013
Op 17 maart organiseert de bibliotheek Midden-Brabant in samenwerking met het Peerke Donders Paviljoen een combinatieprogramma rond het thema van de Boekenweek van dit jaar; Gouden tijden , zwarte bladzijden. Het programma bestaat uit een rondleiding door de tentoonstelling in het Peerke Donders Paviljoen en twee lezingen in de Bibliotheek Tilburg Centrum. Gouden Tijden, Zwarte Bladzijden gaat over roemrijke perioden en schaduwkanten van de geschiedenis van de Lage Landen. Voorbeelden van dit 'belast erfgoed' zijn onder andere de verhalen over het koloniale verleden in Suriname en Curaçao. Op 17 maart komen nuances en dilemma’s dan ook aan bod in de tentoonstelling Zielenzorg & Zielenmoord in het Peerke Donders Paviljoen en in lezingen van de auteurs Cynthia Mc Leod en Eardly van der Geld. Programma Om 13.00 uur start de rondleiding bij de tentoonstelling Zielenzorg & Zielenmoord in het Peerke Donders Paviljoen. De lezingen zijn tussen 14.30 en 16.30 uur in de Bibliotheek Tilburg Centrum. Twee lezingen door de auteurs Cynthia Mc Leod (Hoe duur was de suiker?) en Eardly van der Geld (Curaçaos bloed) in de Bibliotheek Tilburg Centrum. De Bibliotheek Midden Btrabant nodigt mensen uit deel te nemen aan het programma waarbij eerst de tentoonstelling en daarna de lezingen bezocht worden. Tentoonstelling Zielenzorg & Zielenmoord Missionaris Peerke Donders verbleef gedurende de 19e eeuw in Suriname om zo veel mogelijk mensen zijn geloof te brengen, om hen te dopen en hun zielen te winnen. Peerke sprak daarbij zijn afschuw uit over de mishandeling van slaven. In het Peerke Donders Paviljoen staan de getuigenissen naast elkaar: wat schreef de Tilburgse zielzorger over de slavernij en welke verhalen vertelden de slaafgemaakten? Hoe duur was de suiker? De Surinaamse schrijfster Cynthia Mc Leod (1938) werd op slag beroemd met haar debuutroman Hoe duur was de suiker (1987) waarin zij vertelt over de suikercultuur in de 18e eeuw. Voor veel mensen blijkt het boek een eyeopener, want hoewel iedereen het globale verhaal kent over de Surinaamse kolonie en de Nederlandse gouverneurs heeft niemand een idee hoe het dagelijkse leven er in de slaventijd uitzag. Vaak wordt gedacht in termen van blank en zwart maar er is meer sprake van een culturele diversiteit. Curaçaos bloed 'Niet alleen de slavernij op Suriname behoeft aandacht', zo vindt Goirlenaar Eardly van der Geld (1958) die al jaren ijvert voor maatschappelijke en economische verheffing van de Antilliaanse doelgroep. Van der Geld werd geboren op Curaçao en groeide later op in Suriname. Historisch besef is volgens hem cruciaal voor de broodnodige integratie in Nederland en eind 2012 schreef Van der Geld dan ook zijn boek Curaçaos Bloed, dat gaat over integratie en tolerantie en hoe rolpatronen uit de slaventijd daar nog steeds invloed op uitoefenen Aanmelden Aanmelden voor de tentoonstelling en de lezingen kan via boekenweek@bibliotheekmb.nl. 
Door redactie op woensdag 27 februari 2013
Van 2 tot en met 19 maart nemen zestien topteams, verdeeld over vier poules, deel aan de World Baseball Classic (WBC). Dit is een vierjaarlijks internationaal honkbaltoernooi voor landenteams. Het toernooi wordt gespeeld onder auspiciën van de International Baseball Federation (IBAF) en is geïnitieerd door de Major League Baseball, de Major League Baseball Players Association en andere professionele baseball-competities en hun spelersorganisaties over de hele wereld. Nederland, dat vorig jaar in Panama historie schreef door de wereldtitel te veroveren, neemt het in poule B op tegen Zuid-Korea (2 maart), Taiwan (3 maart) en Australië (5 maart). De poulewedstrijden worden in Taichung (Taiwan) gespeeld. De nummers één en twee uit de vier poules plaatsen zich vervolgens voor de tweede ronde. De tweede ronde wordt van 8 tot en met 12 maart in Tokyo (Japan) gehouden. Tenslotte worden de halve finales (17 en 18 maart) en de finale (19 maart) in San Francisco (USA) gespeeld. Hoog Antilliaans/Arubaanse gehalte Het Nederlands team bestaat uit 28 spelers. Slechts negen van deze spelers staan onder contract bij een club in de Nederlandse hoofdklasse. De overige spelers van het Nederlands team komen uit in diverse buitenlandse professionele honkbalcompetities. Van de 28 selectiespelers zijn er 18 van Antilliaanse/Arubaanse afkomst. Dat geldt ook voor Hensley Meulens, normaal coach van MLB-kampioen San Francisco, die tijdens het WBC de bondscoach van Oranje is. Onvoorspelbaar Het wordt een groot podium waarop de allerbeste honkballanden en bekendste honkbalspelers van de wereld zich etaleren. Titelverdediger Nederland zal het daarom zeker niet gemakkelijk krijgen tussen al dat honkbalgeweld. O zoals de organisatoren zeggen: “There are a few teams that certainly have to be favored to take home the title, but baseball is a game based on unpredictability”, Interessante toevoeging De Curaçaose honkbalfederatie FEBEKO is vorige week tijdens de bestuursvergadering van de wereldhonkbalbond IBAF in het Colombiaanse Cartagena ,officieel als lid erkend. Curaçao krijgt daarmee de kans om onder zijn eigen vlag deel te nemen aan internationale toernooien. Curaçao wordt vooralsnog geen concurrent van het Nederlands honkbalteam. Het geeft de Nederlandse honkbalbond KNBSB en FEBEKO wel een kans om samen te werken. “Het moet voor alle partijen een win-winsituatie worden”, laat KNBSB-technisch directeur Robert Eenhoorn in een reactie weten.
Door redactie op donderdag 25 oktober 2012
Antilliaanse en Arubaanse studenten die net in Nederland zijn, zien het belang van participeren in de Nederlandse gemeenschap niet altijd in. “Ik ga na mijn studie toch weer terug”, zeggen ze. Maar het blijkt dat participatie grote beloningen met zich mee brengt. Afgelopen zomer zijn er weer Antilliaanse en Arubaanse studenten naar Nederland gekomen. Ongeveer 35 studenten kozen voor Tilburg. Tijdens hun introductieweek sprak een BAAT-vertegenwoordiger met ze over het nut van netwerken in Nederland. Nieuwe studenten willen meteen terug Op de vraag hoeveel van deze studenten na hun studie meteen terug willen, zei meer dan de helft dat te willen. Logisch dat het woord participatie deze groep niets zegt. Ze zien Nederland als een land van studie en niets meer. Verandering bij oudejaars studenten Uit verschillende gesprekken met oudere studenten blijkt dat tijdens de studie een steeds groter deel in Nederland wil blijven na hun studie. De verandering van gedachte om toch in Nederland te blijven is niet zo bijzonder. Tijdens hun studietijd merken meer en meer studenten dat Nederland veel te bieden heeft, vooral op het gebied van werk en levensvoorzieningen. Studieschuld Ook een forse studieschuld blijkt een rol te spelen. Een salaris in euro’s maakt het afbetalen van de schuld makkelijker dan een salaris in guldens of dollars. Maar behalve financiële redenen kan ook de relationele situatie een rol spelen. Antilliaanse of Arubaanse studenten kiezen soms voor een Nederlandse partner. En dan wordt het lastiger om terug te gaan. Niet goed voorbereid Dit zijn factoren die niet te voorspellen zijn. Studenten bereiden zich niet goed voor op deze situaties. Tegen de tijd dat ze zich realiseren dat Nederland toch een optie is, hebben ze een achterstand opgelopen ten opzichte van anderen die wel hebben geparticipeerd. Dit betekent gemiste kansen. En het maakt het krijgen van een baan lastiger. Voordelen van participatie Participatie heeft verschillende voordelen. Je aansluiten bij een studie- of studentenorganisatie brengt voordelen voor studenten bij hun banenjacht, omdat je in deze organisaties contact legt met werknemers en alumni. Deze vorm van participatie is optimaal voor het netwerken. Vrijwilligerswerk Behalve studiegerelateerde organisaties zijn er ook non-profit organisaties zoals het Rode Kruis of Amnesty International waar je als vrijwilliger terecht kunt. Hoewel deze organisaties niet altijd direct verband hebben met je studie, staat het volgens verschillende studentendecanen en -adviseurs uitstekend op je CV. Naast de studie- en baangerelateerde aspecten draagt participatie ook bij aan de sociale ontwikkeling van een student. Je komt in contact met andere mensen, leert werken in teamverband en voelt voldoening bij het behalen van goede resultaten. Dus studenten, meedoen! Participatie is voor alle Antilliaanse/Arubaanse studenten aan te raden. Het is een goede manier om met nieuwe mensen in teamverband te werken. Bovendien staat participatie ook goed op je CV en helpt het je bij het netwerken. Wacht dus niet te lang met participeren!
Door redactie op donderdag 9 augustus 2012
"Antillianen zijn het vaakst verdacht." Het is zomaar een krantenkop, zoals Antillianen wel vaker negatief in het nieuws komen. Als je niet beter zou weten zou je denken dat het woord Antillianen synoniem staat voor schorriemorrie. Het beeld bestaat in Nederland dat Antillianen luie criminelen zijn. Geert Wilders is ze dan ook liever kwijt dan rijk: "We willen afscheid nemen van de Antillen. Wij gunnen de eilanden volledige soevereiniteit, hoe eerder hoe beter." Als de eilandbewoners zich vol willen proppen met verdovende middelen is dat prima. Maar dan wel op de Antillen. Hier zijn ze niet welkom. Behalve als ze getalenteerd zijn. Dan zijn namelijk wel welkom, zoals dat ook geldt voor andere bevolkingsgroepen. Neem profvoetballer Adam Maher. Die moest kiezen tussen het Marokkaanse en Nederlandse voetbalelftal. Hij koos voor Oranje. Terecht volgens verschillende wijsneuzen, want hij was hier immers opgegroeid. Een argument dat ineens niet meer van relevantie is wanneer Maher een uitkeringstrekkende scootersleutelaar was geweest. Antilliaanse topsporters hoeven niet te kiezen. Hun land hield namelijk in 2010 op te bestaan. Internationale sportbonden besloten daarop het lidmaatschap van de Nederlandse Antillen te beëindigen. Indien sporters nog wilden participeren aan toernooien kon dat (voorlopig) alleen nog maar onder de Nederlandse vlag. En zo gebeurde het dat wereldwijd vier miljard mensen keken naar een man in een oranje pakje bij de 100 meter sprintfinale. De eerste Nederlander in de finale van het koningsnummer sinds Tinus Osendarp in 1936 Zijn naam? Churandy Martina. Voor het grote Nederlandse publiek was hij de grote onbekende. Merkwaardig. Het is namelijk al zijn derde deelname aan de Olympische Spelen. Hij won zelfs al eens een zilveren medaille. Of nee, toch niet. Wacht. Toch wel. In de finale van de 200 meter in Beijing, het onderdeel waarop hij ook vanavond uitkomt, werd hij tweede achter de ongenaakbare Usain Bolt. Erg lang kon hij echter niet genieten van zijn resultaat. De Verenigde Staten diende namelijk een protest in, omdat Martina met zijn voet de binnenste baanlijn passeerde. En dat mag niet. De jury diskwalificeerde Martina. De boze Antilliaanse bond spande een arbitragezaak aan bij het CAS. Hun verweer was dat de Amerikanen hun protest te laat hadden ingediend. U leest het goed. Antillianen die ophef maken over niet op tijd zijn. Het zal u dan ook niet verbazen dat de Antillianen hun zaak kansloos verloren. Toch kreeg Martina zijn medaille. Amerikaan Shawn Crawford, opgeschoven naar de tweede plaats vanwege de diskwalificatie van Martina, wilde zo niet winnen en overhandigde hem zijn zilveren medaille. De goedlachse Martina bewijst dat het snel kan gaan. Letterlijk. Niet al te lang geleden was hij zo’n Antilliaan. Tegenwoordig is hij onze Nederlandse held. Hij is blij omdat de Nederlanders blij zijn, en de Nederlanders zijn blij omdat hij blij is. Hij kreeg het voor elkaar om Antillianen voor de verandering eens niet direct met bolletjesslikkers te associëren. Hij maakte van lui relaxed. Heel Nederland zal hem vanavond aanmoedigen. Dat moet de eerst bejubelde Antilliaan vleugels geven, resulterend in een welverdiende medaille. Hup Holland! Met dank aan: Johan Brinkel (http://johanbrinkel.weblog.nl)
Door redactie op woensdag 4 juli 2012
Op 21 juli bestaat de Stichting Caribische Senioren Tilburg (SCST) vijf jaar. In 2007 is deze stichting opgericht om op te komen voor de belangen van Antilliaanse en Arubaanse senioren in Tilburg. Onder de bezielende leiding van Mariëta Emers organiseert de stichting veel activiteiten zodat de senioren elkaar kunnen ontmoeten. In Tilburg wonen ruim 4.300 Antillianen en Arubanen. Daarvan vallen 636 personen (15%) in de categorie 50plus, de doelgroep van de Stichting Caribische Senioren Tilburg. Ook onder Antillianen en Arubanen neemt de vergrijzing toe. Veel senioren melden regelmatig dat zij weinig de deur uitkomen. Vanwege hun beperkte financiële situatie kunnen ze niet veel doen. Daarnaast zijn ze vaak niet op de hoogte van alle sociale, financiële en gezondheidsvoorzieningen. Isolement en eenzaamheid doorbreken Vijf jaar geleden is de Stichting Caribische Senioren Tilburg opgericht om de belangen te behartigen van de Caribische senioren in Tilburg. De stichting wil het isolement en eenzaamheid binnen de doelgroep doorbreken. Dit doet ze door: het geven van informatie over voorzieningen die niet algemeen bekend zijn het geven van cursussen het begeleiden en het inzetbaar maken van senioren het organiseren van bijeenkomsten De stichting krijgt steeds meer landelijke bekendheid. Eén van de hoogtepunten was de uitzending van Man Bijt Hond op 10 januari van dit jaar. Lustrumactiviteiten Dit jaar heeft de stichting een heel mooi lustrumprogramma opgezet. Zij vieren het vijfjarig bestaan het hele jaar door met activiteiten zoals eens in de maand op vrijdag een gezellig samenkomen, culturele middagen en lezingen. Het Bestuur Mariëta Emers is al vanaf de oprichting van de stichting voorzitter. Samen met de twee andere bestuursleden Delilah Eugenio en Milouschka Lourens verzet ze veel werk.   Kijk voor meer informatie op www.scst2007.webs.com Volg de Stichting ook op Facebook.
Door redactie op woensdag 27 juni 2012
Op 19 juni ontving de Curaçaose componist en pianist Wim Statius Muller de Zilveren Anjer. Hij kreeg deze onderscheiding voor zijn bijdrage aan het behoud van het muzikaal erfgoed van de Caribische eilanden, in het bijzonder van de klassieke muziek van Curaçao. Ook werd hij geprezen als mentor en inspirator voor jonge musici in het Caribische deel van het Koninkrijk. De Zilveren Anjer is de jaarlijkse onderscheiding van het Prins Bernhard Cultuurfonds. De onderscheiding wordt toegekend aan mensen die zich vrijwillig en onbetaald hebben ingezet voor cultuur en natuurbehoud in Nederland of in het Caribische deel van het Koninkrijk. Kenmerkende klassieke muziek Wim Statius Muller is in 1930 op Curaçao geboren. Hij groeide op in de wijk Otrabanda en kreeg muziekles van Jacobo Palm. Hier ontstond de voor hem kenmerkende klassieke muziek gebaseerd op salonmuziek en Caribische dansmuziek. In 1949 ging hij muziek (piano en compositie) studeren aan de Juilliard School of Music in New York. Na zijn diploma gaf hij muziekgeschiedenis aan de Ohio State University in Collumbus, Ohio. Regelmatige optredensIn de jaren zestig stopte Statius Muller met zijn werk aan de universiteit en kwam eerst op Curaçao en later in Den Haag en Brussel wonen en werken. Na zijn pensioen in 1995 keerde hij terug naar Curaçao en had hij meer tijd om zijn werken zelf op piano uit te voeren. Statius Muller treedt regelmatig op in de Nederlandse Antillen, Verenigde Staten, Nederland en Polen. Niet om te dansenDe muziek van Statius Muller is niet bestemd om op te dansen maar is meer concertmuziek. Hij heeft een kleine 200 composities gemaakt waaronder; Dr. Maal 80, Nostalgia, Wals Piet Maal en El Maestro. Youtube(Opnieuw) kennismaken met de muziek van Wim Statius Muller? Bekijk het filmpje waarin hij samen met Izaline Calister optreedt met het nummer ‘Atardi Korsou ta bunita’. [vph:fJeytdhhIL0]  
Door redactie op woensdag 27 juni 2012
De gemeente Tilburg en de woningcorporaties vinden het belangrijk dat sociale huurwoningen worden toegewezen aan mensen voor wie ze bedoeld zijn. Daarom hebben ze de volgende afspraken gemaakt over de verhouding tussen huur en inkomen bij het toewijzen van woningen. Sociale huurwoningen zijn goedkope huurwoningen voor mensen die moeite hebben om voor hun eigen huisvesting te zorgen. Deze woningen zijn meestal eigendom van een woningcorporatie. Wat is voor u de minimale huurprijs? En wat de maximale? U ziet het hieronder.   Lage middeninkomens toch in aanmerking voor sociale huurwoning Lage middeninkomens (tussen € 34.085en € 38.000) konden per 7 mei 2012 reageren op een sociale huurwoning. Uit onderzoek bleek dat het voor deze groep bijzonder moeilijk is om passende woonruimte te vinden. Om hun situatie te verbeteren komen zij nu weer in aanmerking voor huurwoningen tussen de € 524 en € 664. De goedkopere huurwoningen blijven alleen toegankelijk voor de laagste inkomens. Bron: www.woninginzicht.nl    
Door redactie op dinsdag 26 juni 2012
Op zaterdag 30 juni wordt de ‘Dia di Himno i Bandera‘ in Nijmegen gevierd. Dit is een feestdag die in het teken staat van het volkslied en de vlag van Curaçao. Vanaf 13.00 uur zijn er optredens van Flamboyan en La Banda Loca. Ook is er een Caribische Markt en zijn er hapjes uit de Creoolse keuken. Op Curaçao wordt ieder jaar op 2 juli de ‘Dia di Himno i Bandera’ (Dag van het Volkslied en de Vlag) gevierd. Dan wordt herdacht dat de Eilandsraad op 2 juli 1951 voor de eerste keer bijeen kwam. In 1984 is deze dag uitgeroepen tot nationale feestdag waarop Curaçao zijn autonomie viert en die in het teken staat van vlag, volkslied en wapen. Aruba en de andere eilanden van de Nederlandse Antillen hebben ook een soortgelijke feestdag, maar dan op een andere datum. Vier ‘Dia di Himno i Bandera’ mee in Nijmegen Ook in Nederland vieren de Curaçaoënaars de ‘Dia di Himno i Bandera’. De afgelopen jaren is de landelijke viering door de Stichting Overkoepelend Lichaam Antillianen en Arubanen Nijmegen (SOLAAN) georganiseerd en in Nijmegen gehouden. Ook dit jaar is dat het geval. Op zaterdag 30 juni ben je van 13.00 uur tot 21.00 uur van harte welkom aan de Waalkade in Nijmegen, vlakbij het Casino. De entree is gratis. Voor meer informatie: http://www.solaan.nl/randera.html Luister naar het volkslied: [mp3:curanthem.mp3]     
Door redactie op woensdag 20 juni 2012
In Tilburg wonen ruim 4.300 Antillianen en Arubanen. Met het merendeel gaat het goed. Zij vinden hun weg in Tilburg, hebben het prima naar hun zin in en weten zich zelfstandig te redden. Helaas geldt dit niet voor iedereen. Armoede is een groeiend probleem onder alle bevolkingsgroepen. Ook onder Antillianen en Arubanen. Veel Antilliaanse en Arubaanse huishoudens in Tilburg leven onder de armoedegrens In Tilburg zijn op 1 januari 2011 2.082 huishoudens van Antilliaanse en Arubaanse herkomst. Uit de Integratiemonitor 2011 van de Gemeente Tilburg blijkt dat bijna 30% van deze huishoudens met een laag inkomen (wettelijk sociaal minimumniveau) moet rondkomen en dus in armoede leeft. Vooral eenoudergezinnen worden getroffen door de armoede, maar ook de alleenstaanden. Bijna 10% van alle huishoudens in Tilburg is een minimahuishouden. Huishoudens van Antilliaanse en Arubaanse herkomst met hun gemiddelde van 30% zijn oververtegenwoordigd op het terrein van de armoede. De gevolgen van armoedeArmoede is niet alleen financiële armoede maar gaat veel dieper. Gezondheid, sociale contacten, de opvoeding en ontwikkeling van kinderen worden er ook door beïnvloed. Bovendien kunnen deze huishoudens als gevolg van de armoede vaak niet of nauwelijks deelnemen aan het maatschappelijk verkeer. Ze lopen daarom het risico sociaal uitgesloten te worden met alle gevolgen van dien. In eigen kring wordt er niet over gesproken. De mensen om wie het gaat, praten niet graag over hun problemen omdat zij zich vaak over hun situatie schamen. En bij Antillianen en Arubanen hangt (nog) een taboesfeer rond het onderwerp armoede. Feiten over de armoede bij Antillianen en Arubanen in Tilburg op een rij: Per 1 januari 2011 heeft Tilburg in totaal 99.760 huishoudens. Van deze huishoudens zijn er 2.082 huishoudens (2,1%)  van Antilliaanse/Arubaanse herkomst. Volgens de Integratiemonitor 2011 behoren  608  (29,2%) van deze 2.082 Antilliaanse/Arubaanse huishoudens tot zogenaamde ‘minima-huishoudens’. Dus circa drie van de tien Antilliaanse/Arubaanse huishoudens in Tilburg  (30%) zijn ‘minima-huishoudens’. 608 minima-huishoudens van Antilliaanse/Arubaanse herkomst hebben iedere maand weinig te besteden en veel te betalen en moeten rondkomen met een minimaal inkomen. Van die 608 ‘minima-huishoudens’ vallen  320 huishoudens onder de categorie ‘langdurige minima’.  Deze hebben tenminste 3 jaar een inkomen op het wettelijk sociaal minimum niveau en hebben vaak geen uitzicht op betere tijden. Bron: De Tilburgse Integratiemonitor 2011