Door redactie op maandag 16 december 2013
Veel mensen geven veranderingen in hun leefsituatie niet of niet tijdig door aan de gemeente. Toch is dit erg belangrijk. Ruim 600 overheidsorganisaties gebruiken uw persoonlijke gegevens zoals die bij de gemeente zijn geregistreerd. Zorg er dus voor dat uw gegevens bij de Gemeentelijke Basisadministratie (GBA) kloppen. U voorkomt daardoor veel gedoe voor u zelf. Wilt u gedoe voorkomen? Controleer dan op mijn.overheid.nl of u goed geregistreerd staat bij uw gemeente. Waarom is het belangrijk om uw gegevens te controleren? Uw gegevens die in de Gemeentelijke Basisadministratie staan worden door organisaties als de Belastingdienst, UWV en de SVB gebruikt voor bijvoorbeeld het toekennen van kinderbijslag, zorgtoeslag of een uitkering. Ook de gemeente gebruikt deze gegevens, onder andere voor het uitgeven van parkeervergunningen of bij het verstrekken van een nieuw paspoort, verstrekken en verlengen rijbewijs en het versturen van stempassen. Staat u niet goed geregistreerd? Dan ontvangt u misschien niet de uitkering of de toeslagen waar u recht op hebt. Of duurt een aanvraag van een paspoort of parkeervergunning een stuk langer. Ook als u recht hebt op een erfenis, is het belangrijk om goed geregistreerd te staan bij uw gemeente. Zo kan de notaris u gemakkelijk vinden. Voorkom dat u een erfenis misloopt en controleer uw gegevens. Wijzigingen op tijd doorgeven Het is belangrijk dat uw gegevens in de GBA kloppen. En dat u op tijd wijzigingen doorgeeft. Volgend jaar komt er namelijk een nieuwe wet. Volgens deze wet kan de gemeente u een boete opleggen als u wijzigingen niet op tijd doorgeeft. U moet bijvoorbeeld uiterlijk vijf dagen na verhuizing uw nieuwe adres doorgeven. Een boete is maximaal € 325,-. Controleer uw gegevens via mijn.overheid.nl, en geef wijzigingen tijdig door en voorkom een boete. Hoe controleert u uw gegevens? Ga naar mijn.overheid.nl, log in met uw DigiD en controleer uw gegevens. Kloppen uw gegevens niet? Of gaat u bijvoorbeeld verhuizen of emigreren? Meld dit dan bij uw gemeente. Als uw gegevens niet kloppen neem dan contact op met de gemeente waar u woont. Meer weten? Kijk op www.voorkomgedoe.nl.
Door redactie op woensdag 11 december 2013
Het Beraad Antillianen Arubanen Tilburg heeft besloten om zowel haar rol en functie als ‘beraad’ als haar formele ‘signaal- en brugfunctie" tussen de gemeente Tilburg, de lokale politiek, maatschappelijke organisaties en de Antilliaanse/Arubaanse gemeenschap van Tilburg per 31 december 2013 te beëindigen. BAAT gaat in 2014 verder als communicatie- en mediaplatform baat013.nl. De vertrouwde communicatie- en mediakanalen, www.baat013.nl, facebookpagina Beraad Antillianen Arubanen Tilburg en twitter account @baat013 blijven in de lucht onder de verantwoordelijkheid van de redactie van baat013.nl. Wil je meer weten over de achtergronden van ons besluit en wat het betekent, lees hier verder.  Mocht je nog vragen en/of opmerkingen hebben, dan kun je het bestuur van BAAT tot 31 december bereiken via info@baat013.nl. De redactie van baat013.nl is te bereiken via redactie@baat013.nl. Het bestuur van BAAT bedankt iedereen voor de constructieve en prettige samenwerking in de afgelopen jaren. De redactie van baat013.nl zal u begin volgend jaar informeren over de invulling van de nieuwe richting in 2014.
Door redactie op woensdag 4 december 2013
De meeste mensen weten genoeg over voeding om een gezond eet- en leefpatroon te hebben. Toch kampen we wereldwijd met overgewicht en daaraan gerelateerde gezondheidsproblemen. Hoe komt dat? Aan de ene kant is er een duidelijk verband tussen het menselijk brein en de behoefte aan voeding. En aan de andere kant hebben bepaalde voedingsstoffen effect op onze hersenen en dus op onze emoties. Dit feit bepaalt het succes van een poging tot afvallen en het handhaven van een gezonde leefstijl op de lange termijn. Voedselverslaving Voedselverslaving uit zich onder andere in de volgende vormen: vaak meer eten dan de bedoeling is; dooreten, ook al zit je vol; er alles aan doen om eten dat er niet is toch te krijgen; moeite om te presteren op werk of op school omdat je denkt aan eten; schuldgevoel over het feit dat je teveel eet; steeds meer eten om bepaalde negatieve emoties minder te ervaren, of om je prettiger te voelen; De basis van voedselverslaving Het honger- en verzadigingsgevoel werkt op basis van fysiologische en psychologische aspecten. Het is soms een kip of ei verhaal wat de grondslag is voor voedselverslaving. Wordt iemand verslaafd door de fysiologische aspecten van bepaalde voedingsstoffen op het brein? Of zijn het fysieke uitingen van een door emoties uit de hand gelopen voedselpatroon? Het feit dat de fysiologische effecten van voeding voor iedereen gelden is zeker. Heftige ervaringen in het verleden of het onvermogen om te gaan met stressfactoren in je dagelijks leven zijn de basis voor voedselverslavingen. Meer voeding Honger kun je interpreteren als de behoefte aan meer voeding of aan meer gemoedsrust. Mensen grijpen te vaak onterecht naar voeding. Het erkennen van je gevoelens (ik ben boos of verdrietig) geeft vaak al rust. Je lichaam hoeft niet te blijven schreeuwen om aandacht in de vorm van honger. Aangeleerd Sommige mensen weten geen andere manier dan eten om een bepaald probleem op te lossen. Eten biedt een pleister voor elke wond, een vulling voor elk emotioneel probleem en lijmt elke breuk. Mensen grijpen naar voeding als een emotioneel overlevingsmechanisme. Het is niet hun bedoeling hun lichaam kwaad te doen; het is een ongewenste bijwerking. Om dit patroon te doorbreken moet je uit je comfortzone stappen en nieuwe vaardigheden aanleren voor het omgaan met emoties. Vaardigheden zonder negatieve bijwerkingen. Positieve ervaringen Het is belangrijk te beseffen dat het gevoel van ‘niet vol’ zitten, zowel emotioneel als fysiek, menselijk is. Het hoeft dus geen ramp te betekenen. Als je leven vol genoeg zit met positieve ervaringen en je de negatieve weet te beheersen, is dat vaak al genoeg om gecontroleerd om te kunnen gaan met voedsel. Voedsel in extreme hoeveelheden wordt onnodig. Het is voor iedereen mogelijk dat punt te bereiken. Meer weten over voedselverslaving? Klik hier voor het artikel van Rachna Blom, diëtiste bij In Balance NV op Curaҫao.
Door redactie op woensdag 6 november 2013
Elk jaar verlaten veel jongeren het Caribisch deel van het Nederlandse Koninkrijk om in Nederland te komen studeren. Dit jaar had dit voor mij een persoonlijk tintje. Mijn nichtje van 17 jaar kwam ook studeren en ik werd tijdelijk voogd! Ik ga regelmatig naar Curaçao voor familiebezoek. Tijdens een van deze bezoeken vroeg mijn zus of haar dochter bij mij kon komen wonen. De jongste dochter van mijn zus wilde graag een Hbo-opleiding in Nederland volgen, maar ze was nog maar 17. Ik zei meteen volmondig ja. Ik dacht dat ik alleen iemand in huis nam en dat was geen probleem. Ik heb een zolderkamer en mijn nichtje kon daar wonen. Ik wist niet dat je ook tijdelijk voogd moest worden. En dat er een voogdijregeling bestaat tussen Nederland en het Caribisch deel van het Nederlandse Koninkrijk. Voogdijregeling De verplichting om een voogd te benoemen komt voort uit de Voogdijregeling Antilliaanse en Arubaanse Minderjarigen. Deze regeling is een onderdeel van een officiële overeenkomst tussen de toenmalige Nederlandse, Antilliaanse en Arubaanse ministers van justitie over de samenwerking op het gebied van de voogdij over minderjarige Antillianen en Arubanen. Ik kom in aanmerking Iedereen die achttien jaar of ouder is en niet onder curatele staat of aan een geestelijke stoornis lijdt, kan tijdelijke voogd worden. Ouders kunnen zelf voorstellen aan wie zij de tijdelijke voogdij over hun kind willen toevertrouwen. Nou, ik kwam in aanmerking. De eerste stap was gezet. Benoeming De Voogdijraad op Curaçao bepaalt of de persoon benoemd kan worden. Een tijdelijk voogd wordt benoemd door de rechter. Ik moest een verklaring afleggen bij de gemeente Tilburg en een verklaring afleggen dat ik voor mijn nichtje wilde zorgen en de opvoeding voor mijn rekening wilde nemen. Ook moest ik verklaren dat ik mijn nichtje in huis wilde nemen. Uiteraard moest ik bewijzen dat ik in de gemeente Tilburg ingeschreven was. Verklaring van geen bezwaar Een jongere kan pas naar Nederland vertrekken als de Voogdijraad van Curaçao een Verklaring van geen bezwaar heeft afgegeven. Hierin staat wie in Nederland met de tijdelijke voogdij van de jongere wordt belast. De Raad voor de Kinderbescherming in Nederland doet op verzoek van de Voogdijraad op Curaçao onderzoek naar de tijdelijke voogd. Onderzoek Raad voor de Kinderbescherming De Raad van Kinderbescherming onderzocht of ik de taak als tijdelijk voogd op me kon en wilde nemen. Ik kreeg een interview van ruim een uur. Hoe goed kende ik mijn nichtje, wat wist ik van haar, hoe ik woonde, wat voor werk deed ik, hoe was mijn gezinssamenstelling etc. Vervolgens werd een rapport opgesteld en samen met een aanbeveling verstuurd naar de Voogdijraad op Curaçao. Ik word voogd Na ruim acht weken kwam voor mij het verlossende woord. De rechter benoemde mij tot tijdelijke voogd. Mijn nichtje mocht uit Curaçao vertrekken om haat studie in Nederland te beginnen. Voor meer informatie over dit onderwerp: klik hier Carmine Palm zit in de redactie van BAAT. Sinds deze zomer woont haar nichtje uit Curaҫao bij haar.
Door redactie op woensdag 23 oktober 2013
Antilliaanse tieners tussen de 15 en 19 jaar in Nederland zijn zes keer vaker tienermoeder dan het totaal aantal tienermoeders in Nederland. Dit blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).In 2012 kregen in Nederland 2.200 meisjes onder de 20 jaar een kind, het laagste cijfer dat het CBS ooit heeft geconstateerd. Dat is 4,5 op de duizend meisjes. Veertig jaar geleden lag het geboortecijfer nog op 22,3 per duizend meisjes. In vrijwel geen enkel ander Europees land is het geboortecijfer onder tieners nu zo laag als in Nederland.Grote verschillen Ondanks het feit dat het totale aantal tienermoeders in Nederland al ruim veertig jaar daalt, neemt het aantal tienermoeders onder meisjes met een Antilliaanse achtergrond bijna niet af en blijft gewoon hoog. Onder Antilliaanse vrouwen blijft het aantal tienermoeders relatief hoog. Het aantal zwangerschappen onder de eerste generatie is zes keer zo hoog als het gemiddelde voor Nederland. Het geboortecijfer onder de Antilliaanse tieners is 27 per duizend meisjesTweede generatie Onder de tweede generatie tienermeisjes ligt het aantal tienerzwangerschappen een stuk lager, 16 per duizend meisjes. Nog steeds boven het gemiddelde.Veel alleenstaande moeders Veel van de Antilliaanse tienermoeders zijn alleenstaande moeders. Vaak kunnen ze hun opleiding niet kunnen afronden, moeilijk een baan krijgen en door hun slechte sociaaleconomische positie in een sociaal isolement belanden. Ook ontstaan er problemen in de familie. De jonge moeders worden verstoten of moeten met het kind inwonen wat weer tot conflicten leidt. Tienermoeders zijn geen slechtere moeders Er een negatief beeld over alleenstaande tienermoeders. De samenleving veroordeelt een jong kind dat al moeder is of zwanger. Maar tienermoeders zijn ondanks hun jonge leeftijd, niet per definitie slechte moeders. Zeker niet als ze de juiste hulp krijgen. Overigens is het niet de leeftijd van de moeder die bepaalt of iemand een goede moeder is. De leeftijd van de moeder bepaalt niet of iemand een goede moeder is, maar of iemand bewust heeft gekozen voor een kind. Lees volgende week het verhaal van een Antilliaanse tienermoeder….
Door redactie op woensdag 2 oktober 2013
De tweede generatie Antilliaanse en Arubaanse vrouwen in Nederland werkt meer dan autochtone Nederlanders. Driekwart van de Antilliaanse en Arubaanse vrouwen heeft 12 uur of meer per week een betaalde functie. Voor autochtone Nederlanders is dat 68 procent. De tweede generatie niet-westerse vrouwen heeft ook vaker een voltijdbaan dan westerse vrouwen. Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) bij een onderzoek naar arbeidsparticipatie van vrouwen van 25 tot 65 jaar naar herkomst en generatie. Autochtoon heeft vaker betaald werk Autochtone vrouwen van 25 tot 65 jaar hebben vaker betaald werk dan niet-westerse allochtone vrouwen. In 2012 had 68 procent van de autochtone vrouwen van 25 tot 65 jaar een baan van twaalf uur of meer per week. Van de niet-westerse allochtone vrouwen van dezelfde leeftijd behoorde 52 procent tot de werkzame beroepsbevolking. Arbeidsdeelname tweede generatie even hoog als autochtoon Ongeveer één op de vijf niet-westerse vrouwen is in Nederland geboren. Dit is de tweede generatie. De arbeidsdeelname van deze tweede generatie is even hoog als die van autochtone vrouwen. Het aandeel met een baan is bij deze tweede generatie met 68 procent even groot als bij autochtone vrouwen. Van de vrouwen uit de eerste generatie is minder dan de helft (48 procent) aan het werk. Arbeidsdeelname vrouwen van 25 tot 65 jaar naar herkomst en generatie, 2012 Niet-westerse vrouw werkt vaker voltijds Werkende vrouwen van niet-westerse herkomst werken vaker voltijds dan autochtone vrouwen. Dat geldt vooral voor de tweede generatie. In 2012 had van de eerste generatie 36 procent en van de tweede generatie 46 procent een voltijdbaan, tegenover 27 procent van de autochtonen. Vergeleken met autochtone vrouwen, werken niet-westerse vrouwen minder vaak in kleine deeltijdbanen van 12 tot 24 uur per week. Van de niet-westerse vrouwen die in Nederland zijn geboren heeft 14 procent zo’n baan, bij de autochtone vrouwen is dat ruim twee keer zoveel.
Door redactie op woensdag 21 augustus 2013
De verhalen over de slimme spin Nanzi bestaan op Curaçao al honderden jaren. Ze komen oorspronkelijk uit West-Afrika, uit Ghana, van het volk van de Ashanti. De Nanzi verhalen kwamen naar het Caribisch gebied met de Afrikanen, die als slaven werden gebracht. Op de plantages mochten de slaven hun eigen cultuur niet uiten en daarom werden de Nanzi verhalen stiekem doorverteld. Omdat de vertellers de verhalen vroeger niet opschreven, maar aan elkaar doorvertelden zijn ze een beetje anders geworden. Iedereen vertelde het verhaal op zijn of haar eigen manier, en soms verzon iemand er dan iets nieuws bij. De Nanzi verhalen zijn volkssprookjes in de vorm van losse verhalen, waarin van alles gebeurd. In 1952 heeft Nilda Pinto voor het eerst de verhalen opgeschreven en 2012 verscheen een geheel nieuwe vierde editie waarin de verhalen niet alleen in het Papiaments zijn maar ook in het Nederlands. Nieuwsgierig geworden? Lees hieronder een Nanzi verhaal. Mondongo grandi ta guli mondongo chikí De grote maag slokt de kleine maag op Un anochi Nanzi cu Sese tabata kómbersa di e bakanan di Shon Arei. Sese a konfia Nanzi, ku e sa bai kórta sebu for di barika di e bakanan, ora luna ta skur: ‘Sese, awe nochi mes mi ta bai ku bo,’ Nanzi di kuné. ‘Nos tur ta gusta kome tutu ku sebu di baka.’ ‘Nó, Nanzi awe nochi nó, luna ta kla. Mondongo grandi ta guli mondongo chikí.’ ‘Sese stóp di papia kos di hende kéns asina. Ta kon bo mes por ke?’ Op een avond hadden Nanzi en Sese het over de koeien van de koning. Sese vertroude Nanzi toe dat hij wel eens vet ging snijden uit de buik van de koeien als er geen maan scheen. ‘Sese, ik ga vanavond nog met je mee,’ zei Nanzi. ‘We zijn allemaal dol op tutumet koeienvet.’ ‘Nee, Nanzi, vanavond niet, de maan is helder. De grote maag slokt de kleine maag op.’ ‘Sese, stop die onzin. Dat slaat nergens op! Ma kiko ku Sese tabata papia no a sirbi di nada. E palabranan a drenta esun orea sali pa e otro. Ora tur e mschanan tabata morto na soño, Nanzia kohe kaminda pa bai kórta sebu di baka di Shon Arei. E no a kaba di drenta barika di e baka, ku mondongo grandi a guli mondongo chikí. Esta ku e baka a guli Nanzi ku paña ku tur. Maar wat Sese ook zei, het hielp geen steek. Zijn woorden gingen het ene oor in en het andere oor uit. Toen alle kinderen diep in slaap waren, ging Nanzi op weg om vet te gaan snijden uit de koeien van de koning. Hij was nauwelijks de buik van koe binnengegaan, of de grote maag verslond de kleine maag. Dat wil zeggen dat de koe Nanzi met kleren en al inslikte. Nanzi tabata sintié tur benout den e baka su stoma, ma e pobersitu baka tabata mas benout ahinda. Su stoma a reis horiblemente. E animal tabata grita di doló: ‘Bu…bu…’ Prome ke e sirbidónan, kriánan i sóldánan di Shon Arei a kuri yega aserka, ya Koma Baka a muri dia. Shon Arei mes a bin weta ta kiko ta sosodiendo. El a puntra wardadónan: ‘Ta kiko tabata falta e baka akí? Mira kon gordo e ta! Su barika ta tur di blas. Yama un veterinario pa saka e bisénan for di dje. Sigur ta tres e pober animal tin!’ Nanzi had het knap benauwd in de maag van de koe, maar de arme koe had het nog benauwder. Haar maag zwol verschrikkelijk op. Het dier loeide van de pijn: ‘Boe…boe…’ Voordat de dienaren, de knechten en soldaten van de koning kwamen aangerend was de koe al gestorven. De koning kwam zelf kijken wat er gebeurd was. ‘Wat is er aan de hand met deze koe?’ vroeg hij aan de herders. ‘Kijk eens hoe dik ze is! Haar hele buik is opgezet. Roep een veearts om de kalveren eruit te halen. Het zijn er vast wel drie die het arme beest bij zich heeft!’ Ora nan a habri barika di e baka, nan no a haña ningun bisé, ma nan a weta un stoma tur ireis. Nan a kórta stoma i mondongo afó i benta nan tras di tranké. Nanzi a keda skucha, te ora el a tende e pasonan bai. Ku su sambéchi el a kórta stoma di e baka habri i el a sali afó. Naturalemente e tabata tur sushi, bou di sanger, un pida karni, poko higra i un tiki tripa. Asina ei mes el a bula tranké. Toen ze de buik van de koe hadden opengemaakt, vonden ze geen kalfjes, maar zagen ze een geweldig opgezette maag. Ze sneden de maag en de ingewanden eruit en gooiden die over de omheining. Nanzi bleef luisteren totdat hij de voetstappen hoorde weggaan. Met zijn zakmes sneed hij de maag van de koe open en kwam naar buiten. Natuurlijk was hij heel erg vies, besmeurd met bloed, een stukje vlees, wat lever en een eindje darmen. In die toestand sprong hij over de omheining. ‘Mahestat, mira kiko bo sirbidónan a hasi ku i. Den mardugá semper mi ta bai tuma un baño i nan a benta mi ku un mondongo di baka.’ ‘Ai, Nanzi, no rabia, ta duel mi mashá. Ban palasio ku mi. Ei lo bo por tuma un baño ilo mi laga kunpra un flus nobo pa bo.’ Nanzi tabata sintié mashá gosá den e baño di Shon Arei. E a hunta su kurpa mas ku tres biaha ku habon dushi. Na kas e sa baña ku habon blou. Den e awa e la basha mitar bòter di awa di holó. ‘Majesteit, kijkt u eens wat uw dienaren mij aangedaan hebben. ’s Morgens vroeg ga ik altijd een bad nemen en nu hebben zij een koeienmaag over me heen gegooid.’ ‘Ach Nanzi, wees niet boos, het spijt me erg. Ga met mij mee naar het paleis. Daar kun je een bad nemen en ik zal een nieuw pak voor je laten kopen.’ Nanzi genoot toen hij in het bad van de koning zat. Hij zeepte zich wel drie keer in met geurige luxe zeep. Thuis gebruikte hij blauwe zeep bij het baden. In het water goot hij wel een halve fles reukwater. El a limpia su djentenan ku skeiru di Shon Arei. Su kabei el a papa ku pomada dushi. El a sintié un otro hende ora e tabata bai kas bon bistí i fresku. Holó dushi tabata plama rònt. Shi Maria tabata pará den porta. E tabata morto spantá, keriendo ku Nanzi tabata yora dia bieu den piskalat. E no por a rekonosé su kasá for di aleu. Ma ora Nanzi a yega aserka, el a kuri bai kontr’é. Bon brasá nan a drenta kas huntu. Hij poetste zijn tanden met de tandenborstel van de koning. Zijn haren smeerde hij dik in met heerlijk geurende pommade. Hij voelde zich een ander mens toen hij naar huis terugliep, goed gekleed en fris. Een heerlijke geur verspreidde zich. Shi Maria stond voor de deur. Ze was erg geschrokken, want ze dacht dat Nanzi allang in de gevangenis zat te jammeren. Vanuit de verte kon zij haar echtgenoot niet herkennen. Maar toen Nanzi dichterbij kwam, rende zij hem tegemoet. En stevig gearmd liepen ze hun his binnen.
Door redactie op woensdag 31 juli 2013
Elke vrijdagavond kunnen Caribische Amsterdammers vanaf 19.00 uur afstemmen op Radio ‘Bos di Sabana’, die vanuit een studio in Amsterdam muziek, nieuws en interessante discussies uitzendt. Tilburgers kunnen de zender beluisteren via het internet. Dit radioprogramma is een initiatief van Stichting Sabana, de Amsterdamse zusterberaad van BAAT. Het hoofddoel van Stichting Sabana is het stimuleren van participatie onder de Antilliaanse en Arubaanse gemeenschap in Amsterdam. Door relevante informatie te verstrekken via het radioprogramma, wil de stichting haar achterban de juiste hulpmiddelen geven om mee te kunnen doen in de maatschappij. Voertaal hoofdzakelijk Papiamentu De voertaal van het radioprogramma is hoofdzakelijk Papiamentu, de taal van de benedenwindse eilanden. Onderwerpen die regelmatig voorbij komen zijn politiek, werk en inkomen, onderwijs en gezondheid, maar ook vrijetijdsbesteding. Correspondenten uit Curaçao en St. Maarten Het programma bestaat uit verschillende vaste onderdelen. Onderdelen die wekelijks naar voren komen zijn nieuws van correspondenten uit Curaçao en St. Maarten en Caribische muziek. Regelmatig worden gasten uitgenodigd om te komen praten over interessante onderwerpen. Het programma wordt afgesloten met de Ora di Sorpresa (‘verrassingstijd’). Hier behandelt de voorzitter van Stichting Sabana, Ostrid Servinus, op een luchtige manier diverse thema’s. Slavernijherdenkingsjaar In het kader van het slavernijherdenkingsjaar heeft het programma een speciale serie: ‘Magazina 150 aña abolishon di Sklabitut’. Dit programmaonderdeel focust voornamelijk op de Antilliaanse elementen in dit herdenkingsjaar. Zo zal zangeres Izaline Calister de komende weken spreken over haar voorstelling ‘Geen liefde zonder vrijheid’. Vrijwilligers Radio’ Bos di Sabana’ wordt ondersteund door een enthousiast team van vrijwilligers die zich hiervoor elke week inzetten. Met een kleine subsidie, sponsoring en samenwerkingsverbanden draagt Stichting Sabana de kosten van de uitzendingen. Luisteren Luisteraars in Amsterdam kunnen via de kabel (103.8 ) en ether (105.2) de uitzendingen ontvangen. De uitzending is ook elke vrijdag tussen 19.00 en 22.00 uur live te beluisteren op: http://salto.nl/streamplayer/radio/razo_live.asp. Contact De studio is bereikbaar op nummer 020-737 1619 en de redactie via de hoofdredacteur Marlon Reina op e-mail m.reins@simpla.nl.
Door redactie op woensdag 12 juni 2013
Veel mensen vinden het moeilijk om hun administratie thuis op orde te houden. Ze vinden het een gedoe, die papierwinkel. Herkenbaar? Wie graag hulp wil bij het op orde krijgen en houden van de eigen administratie, kan gratis een beroep doen op Thuisadministratie Tilburg. Thuisadministratie Tilburg is een initiatief van Contour De Twern en Humanitas voor alle inwoners van de gemeente Tilburg. Of u nu een goede ordening wilt maken in uw papierwerk, of juist meer inzicht wilt krijgen in uw inkomsten en uitgaven: voor beide vragen biedt Thuisadministratie een oplossing. Misschien heeft u aan één bezoek voldoende, of wordt u een half jaar lang regelmatig begeleid door een vrijwilliger. Hoe vaak en u lang, dat bepaalt u samen met de Thuisadministratie. Het gaat erom dat u zelf weer grip heeft op uw (financiële) situatie. Hulp bij u thuis Vrijwilligers en professionals van de Thuisadministratie komen bij u thuis. Samen met u zoeken ze de papieren uit en gooien weg wat weg kan. Wat overblijft wordt op onderwerp gesorteerd. De vrijwilligers en professionals hebben geheimhoudingsplicht. Sorteren, ordenen en opbergen De werkwijze van Thuisadministratie is opgedeeld in twee fasen: ordening en nazorg. De medewerker van Thuisadministratie helpt u met sorteren, ordenen en opbergen van uw zaken. Vanuit de geordende administratie wordt een financieel overzicht gemaakt en doen zij een check bij berekenuwrecht.nl. De medewerker adviseert u op welke diensten, regelingen, verzekeringen of voorzieningen u recht heeft. Hulp bij formulieren invullen Als dat nodig is, krijgt u ook nazorg. Als u hulp nodig heeft met het invullen van formulieren verwijst de medewerker u door naar de formulierenhulp. In samenwerking met andere instanties worden uw spoedeisende zaken behandeld met bijvoorbeeld Bureau Schuldhulpverlening. Twee organisaties bundelden diensten Thuisadministratie en Formulierenhulp zijn kosteloze diensten van de Humanitas en Contour de Twern. Deze twee organisatie hebben per 1 juni 2013 hun diensten gebundeld en ondergebracht in een dienst met een gezamenlijk doel. Er is nu één meldpunt voor al uw zaken en vragen. U hoeft zich niet meer apart bij Humantas of Contour de Twern aan te melden. Aanmelden via de website Wilt u gebruik maken van Thuisadministratie? Meldt u dan aan via de website www.thuisadministratie.info of neem contact op met de coördinatoren van Thuisadministratie MFA Het Spoor , telefoon 013-542 16 64.
Door redactie op woensdag 3 april 2013
Het Sociaal Cultureel Planbureau deed onderzoek naar de sociaal-culturele positie van de vier grootste migrantengroepen in Nederland. Antillianen, Surinamers, Marokkanen en Turken. Wij waren benieuwd hoe de Antillianen uit dit onderzoek komen. Antillianen voelen zich thuis in Nederland, maar blijven zich tegelijkertijd ook Antilliaan voelen. Bijna driekwart (72 procent) van de Antillianen in Nederland voelt zich er ook echt thuis. 32 procent van de Antillianen voelt zich vooral Nederlander en 36 procent voelt zich meer Antilliaan. De rest voelt zich allebei. Cijfer voor Nederland: 6,7 Antillianen in Nederland geven Nederland als rapportcijfer een 6,7. Dat is zelfs iets hoger dan autochtone Nederlanders die een 6,5 geven. Veel contact met Nederlanders Antillianen in Nederland hebben veel contact met Nederlanders, ook in hun vriendenkring en vrije tijd. Antillianen hebben meer contact met autochtone Nederlanders dan de andere migrantengroepen. Slechts 15 procent heeft bijna geen contact met autochtone Nederlanders. 38 procent van de Antillianen in Nederland zegt zelfs meer contact te hebben met autochtone Nederlanders (39 procent) dan met de andere Antillianen (30 procent). De rest zegt met beide groepen evenveel contact te hebben. Ook contact met andere migrantengroepen Antillianen in Nederland hebben ook veel contact met andere migrantengroepen, zoals Surinamers, Marokkanen en Turken. Een derde geeft aan ‘vaak’ contact met andere groepen te hebben. Slechts een kwart heeft geen contact met andere groepen. Contact met familie overzee Contact met familie overzee is er veel. Meer dan de helft van de Antillianen in Nederland heeft ‘veel ’ contact, 37 procent ‘soms’ met familieleden. Bijna een tiende van de mensen (9 procent) bezit zelf een huis op de Antillen. Gemengd huwelijk 92 procent van de Antillianen in Nederland staat open voor een gemengd huwelijk. Slechts 2 procent ziet dit als iets vervelends. In vergelijking: 60 procent van de autochtone Nederlanders staat open voor een gemengd huwelijk, 20 procent heeft hier moeite mee. In 2010 was 40 procent van de Antillianen getrouwd met een autochtone partner. Weinig persoonlijke discriminatie Een kleine minderheid van de Antillianen in Nederland voelt zich persoonlijk wel eens gediscrimineerd. 30 procent zegt dit af en toe’ te ondervinden, 13 procent ‘vaak tot zeer vaak’. 57 procent zegt daar ‘(bijna) nooit’ last van te hebben. De eerste generatie Antillianen voelt zich meer gediscrimineerd dan de tweede generatie, die meer geïntegreerd is in Nederland. Hoogopgeleide Antillianen hebben het minst last van discriminatie, zo meldt het onderzoek. Discriminatie algemeen Antillianen in Nederland denken overigens dat zij zelf minder last hebben van discriminatie dan allochtonen in het algemeen. Uit het onderzoek blijkt dat ze denken dat slechts 13 procent van de allochtonen (bijna) nooit last heeft van discriminatie. 50 procent denkt dat allochtonen af en toe gediscrimineerd worden en 36 procent vaak tot zeer vaak. Die percentages zijn vergelijkbaar met de mening van Surinamers. Marokkanen en Turken vinden dat er minder discriminatie is. Discriminatie neemt wel toe Voor alle groepen geldt dat er meer discriminatie is ten opzichte van metingen in 2002 en 2006. Vooral in het openbaar (67 procent) ondervinden Antillianen last van discriminatie, gevolgd door de werkplek (37 procent) en bij het vinden van een baan (30 procent). Slechte naam Ondanks dat Antillianen zich thuis voelen in Nederland hebben zij de laatste jaren een slechtere naam gekregen. Volgens het onderzoek zijn hiervoor twee redenen: de komst van relatief veel kansarme Antillianen naar Nederland midden jaren negentig en de criminaliteitscijfers.