Door redactie op donderdag 29 oktober 2015
Afgelopen vrijdag was in Tilburg een bijeenkomst van Control Alt Delete over etnisch profileren. Aanwezigen konden meedenken, discussiëren en praten over etnisch profileren door de politie. Ook was er een miniworkshop 'Straatrecht' waar deelnemers juridische en praktische tips kregen over hoe om te gaan met politie. Wat voor effect heeft etnisch profileren en wat levert zo’n discussieavond op? Etnische minderheden worden in Nederland vaker onderworpen aan politiecontroles dan 'witte' Nederlanders. ‘Etnisch profileren’ is een vorm van discriminatie en daardoor in strijd met de mensenrechten. Aanwezigen Er waren zo’n 70 mensen bij de bijeenkomst. Het overgrote merendeel waren allochtone jongeren. Ook de politie was aanwezig en de districtschef Hart van Brabant Peter Verschuur. Het werd een avond met discussies. Iedereen luisterde goed en iedereen kreeg ook de kans om zijn verhaal te doen. Daarnaast was er ook ruimte voor optredens. Wat is etnisch profileren? Amnesty International verstaat onder etnisch profileren: het gebruik door de politie van criteria of overwegingen omtrent ‘ras’, huidskleur, etniciteit, nationaliteit, taal en religie bij opsporing en rechtshandhaving terwijl daarvoor geen objectieve rechtvaardiging bestaat. Objectieve rechtvaardiging is bijvoorbeeld dadersignalement. Volgens Amnesty International maakt politie zich schuldig aan discriminatie bij identiteits- en verkeerscontroles. De politie pikt vaker allochtonen uit dan autochtonen. Dit zogenoemde etnisch profileren is volgens Amnesty discriminatie en dus in strijd met de mensenrechten. Negatieve beeldvorming Tijdens de bijeenkomst bleek dat de aanwezige jongeren helemaal geen vertrouwen hebben in de politie en justitie. Ze hebben het gevoel dat ze te maken hebben met etnische profilering door de politie. Een inwoner van Tilburg Noord gaf aan dat hij dagelijks gecontroleerd wordt. Hoe vaak etnische profilering door de politie gebeurt kon de districtschef niet zeggen. Er zijn geen cijfers en onderzoeken die dit gevoel kunnen staven. Politiechef keurt discriminatie af Een ding was wel duidelijk op deze avond: districtschef Peter Verschuur keurt etnisch profileren af! Hij liet ondubbelzinnig weten dat hij politiediscriminatie afkeurt en dat niet accepteert in zijn korps. Agenten die zich hieraan schuldig maken worden ontslagen. Toch geen stopformulieren In de zomer zou een proef komen met stopformulieren in Tilburg. In zo’n formulier wordt vastgelegd waarom mensen staande worden gehouden en wat hun nationaliteit is. Deze formulieren zijn niet geïntroduceerd omdat het te bureaucratisch is, zegt de districtchef. Ook gelooft hij niet dat het tot een fundamentele oplossing leidt. De politie in Brabant kiest liever voor een netwerk ‘multicultureel vakmanschap’ dat trainingen organiseert om bewustwording bij agenten teweeg te brengen. Maar wat is erger, vraagt een jongere, "Discriminatie of meer bureaucratie? Het gaat toch om het tegengaan van etnisch profileren?" Workshop Straatrecht Na de discussie was er een workshop over je rechten op straat. 1. Filmen - Je mag in alle openbaren ruimtes filmen. - Houd wel voldoende afstand en hinder de politie niet. Voldoende afstand is 2 á 3 meter. - Film altijd met de camera liggend. Je krijgt er meer op. - Probeer vanaf het begin tot het einde te filmen. - Leg uit waarom je filmt. - De gemaakte film kun je ook gebruiken bij een klachtenprocedure. - Het recht op filmen betekent niet dat je de film ook op YouTube mag zetten.   2. Klagen - Ben je het niet eens met de politiecontrole dan mag je een klacht indienen. - Een klacht indienen doe je schriftelijk op: www.politie.nl/contact/klachtformulier.html - De coördinator nodigt je uit voor een gesprek. Het doel van dit gesprek is om het conflict bij te leggen. - Ben je ontevreden over de oplossing dan kun je je klacht voorleggen aan een onafhankelijke klachtencommissie. De commissie stuurt dan een advies naar de politiechef. - Als dit ook niet leidt tot een goede oplossing dan kun je naar de Ombudsman stappen.
Door redactie op donderdag 8 oktober 2015
Op 10 oktober vieren Curaçao en Sint Maarten hun autonomie. Ook de staatskundige situatie voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba is vijf jaar geleden veranderd. Wat heeft 10-10-‘10 voor de eilanden, de bewoners en het Koninkrijk der Nederlanden nou echt gebracht? Een mooi moment om de voorlopige stand op te nemen. Is 10-10-‘10 tot nu toe een succes of een regelrechte ramp? De Nederlandse Antillen (zes eilanden in de Caribische zee) waren van 15 december 1954 tot 10 oktober 2010 een land binnen het Koninkrijk der Nederlanden. In 1986 ging Aruba als afzonderlijk land binnen het Koninkrijk verder. In 2010 volgden Curaçao en Sint Maarten, terwijl Saba, Sint Eustatius en Bonaire (ook bekend als de BES-eilanden) als 'bijzondere gemeenten' werden opgenomen in het moederland als Caribisch Nederland. Nos mes por (wij kunnen het zelf)? De aanloop naar 10-10-‘10 was ‘Nos mes por’, een gevleugelde uitspraak bij een grote groep op Curaçao. Op Bonaire vreesden ze een tsunami van ‘meteorologische vluchtelingen’ uit Nederland. Sint Maarten keek ernaar uit om op eigen benen te staan. Vijf jaar later en kijkend naar de berichten in de kranten lijkt het alsof de voormalige Nederlandse Antillen afstevenen op een ramp. Aanwijzingen, moorden en de maffia domineren de eilanden. Of zoals Ronald van Raak (tweede Kamerlid voor de SP) het formuleerde: een rekolonisatie, maar dan door de onderwereld. Curaçao bevindt zich in een onverzorgde staat. Bonaire is veel duurder geworden. De gemeenschappelijke Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten en de gemeenschappelijke Procureur Generaal functioneren slecht. Sint Maarten heeft al vijf regeringen versleten en er hangt een dikke zweem van corruptie en inmenging van onderwereld in de politiek. Negatief of onverschillig In de voorbereiding op dit artikel hebben we verschillende mensen gevraagd naar hun ervaringen met 10-10-‘10. De geluiden zijn ronduit negatief: het is alleen maar slechter geworden. De lokale mensen vinden dat de eilanden zelfs achteruit zijn gegaan. Criminaliteit neemt toe en de tweedeling (verschil tussen arm en rijk) in de maatschappij is enorm toegenomen. Veel bewoners gaan gebukt onder diepe armoede. De stroom valt om de haverklap uit. Kortom: er zijn meer problemen dan vóór 10-10-’10. Daarnaast is integriteit bij politici ver te zoeken. De moord op Helmin Wiels vat alle bovengenoemde zaken in zekere samen. Inmiddels reageren mensen in veel gevallen onverschillig. Of zoals de bekende Pater Römer het ooit zei: "er heerst een zekere 'inertia' onder de mensen. Un exito of fracaso (succes of mislukking)? De vraag die wij ons bij de redactie oprecht hebben gesteld is: is het echt zo dramatisch of horen we alleen de stem van de ontevredenen? Zijn er ook positieve zaken te melden? Is er een verschil in beleving tussen de mensen die op de Antillen wonen en de mensen die hier vanuit Nederland de ontwikkelingen daar volgen? Kortom, wat houdt de mensen bezig en wat denkt men over deze 5 jaar? Is 10-10-‘10 een exito of een fracaso? Wij horen graag jullie reacties Wij horen graag de reacties en verhalen van onze lezers. Over bijvoorbeeld: Wat is er volgens jou veranderd na 10-10-’10 op Curaçao, Sint Maarten en BES-eilanden? Wat betekent 10-10-’10 voor jou, of je nu op de Antillen woont of in Nederland? En uiteraard als je een ander verhaal met ons wil delen, horen wij dat ook graag. Je kunt reageren door op de knop ‘reactie’ te drukken. Je kunt ook reageren op onze facebookpagina
Door redactie op maandag 6 juli 2015
Marvelyne Wiels, de zus van de in 2013 vermoorde Curaçaose politicus Helmin Wiels, heeft sinds haar aantreden als Gevolmachtigde Minister gelogen, getreiterd, mensen geïntimideerd en de werksfeer op het Curaçao huis volledig verziekt. Het onderzoek van de Ombudsman van Curaçao en de uitspraak van de rechter zijn kraakhelder; Marvelyne Wiels heeft zich sinds haar aanstelling schuldig gemaakt aan onbehoorlijk gedrag en niet-integer handelen. Het onderzoek van de Ombudsman en uitspraak van de rechter In het najaar van 2014 heeft de Ombudsman van Curaçao op eigen initiatief een onderzoek ingesteld naar de gedragingen en vermoedelijke integriteitsschendingen door Marvelyne Wiels in haar functie van Gevolmachtigde Minister van Curaϛao in Nederland. Dit naar aanleiding van de aanhoudende geluiden uit zowel de Curaçaose als de Nederlandse samenleving dat Wiels zich herhaaldelijk schuldig zou hebben gemaakt aan gedragingen die haar integriteit als vertegenwoordiger van de regering van Curaçao in Nederland op ernstige wijze schenden.  Mevrouw Wiels was het niet eens met de handelwijze van de Ombudsman en heeft daarom een Kort geding bij de civiele rechter op Curaçao aangespannen tegen de Ombudsman. Bovendien wilde ze niet dat de misstanden op het Curaçaohuis in het rapport van de Ombudsman openbaar werden gemaakt. Zij vond dat haar positie en reputatie als persoon en Gevolmachtigde Minister in het geding is en vind dat zij niet bloot gesteld mag worden aan “lichtvaardige” verdachtmakingen. Met een Kort geding wilde zij daarom publicatie van het rapport voorkomen (klik hier voor het volledige rapport). Op 26 juni 2015 werd het vonnis in het Kort geding uitgesproken. Het gerecht verklaarde de minister niet-ontvankelijk in haar vordering tegen de ombudsman wat neerkomt dat zij op nagenoeg alle fronten ongelijk kreeg in het Kort geding dat zij tegen de Ombudsman had aangespannen . Marvelyne Wiels Marvelyne Wiels (Curaçao, 15 mei 1963) is de zus van de in 2013 vermoorde Curaçaose politicus Helmin Wiels. Haar CV maakt melding dat ze de dr. Martin Luther Kingschool in Willemstad doorlopen heeft en aan de Haagse Hogeschool in Den Haag heeft gestudeerd. In haar loopbaan beschrijft ze dat ze internationaal werkzaam was in de hotelbranche en van 1998 tot 2011 bij ABN AMRO een toppositie bekleedde. Hierna begon ze een eigen consultancybedrijf op Curaçao. Op 7 juni 2013 werd Marvelyne Wiels (namens Pueblo Soberano) benoemd als de opvolger van Roderick Pieters, die in het transitiekabinet op nadrukkelijk verzoek van wijlen Helmin Wiels, de functie van Gevolmachtigde Minister bekleed heeft. Controversen Marvelyne Wiels komt al vanaf het begin van haar aantreden in opspraak en voortdurend negatief in de publiciteit. Het begon met haar academische titel (MSc). Het Haagse Hogeschool meldde echter dat Marvelyne Wiels haar opleiding aan de Haagsche Hogeschool niet afgerond heeft. Daarnaast bleken er nog meer opmerkelijke onjuistheden in haar C.V. te staan. Al gauw volgden andere beschuldigingen aan het adres van de omstreden minister zoals nepotisme en vriendjespolitiek, wanbeleid, intimidatiepraktijken, valsheid in geschrifte in notulen en memo’s, pesterijen, afluisterpraktijken, onrechtmatige ontslag en demoties van personeel en overschrijdingen van comptabiliteitsregels. Eind februari 2014 verscheen Marvelyne Wiels opnieuw negatief in de media vanwege het zwaar over de schreef gaan met haar agressief gedrag tegenover de NOS journalist Dick Drayer. En begin mei 2014 werden nieuwe leugens bloot gelegd over een miljoenen verbouwing van het Curaçaohuis in Den Haag. De Nederlandse regering en de Tweede Kamer De Nederlandse regering zit met Marvelyne in haar maag. Volgens de Statuten is de regering van Curaçao politiek verantwoordelijk voor de Gevolmachtigde minister. De Gevolmachtigde minister van Curaçao heeft echter ook zitting in de Ministerraad van het Koninkrijk. Zowel Minister President Mark Rutte als minister Ronald Plasterk (Antilliaanse zaken) houden de kaken stijf op elkaar. Beiden stellen dat zij de verdenkingen tegen Wiels als uitermate ernstig ervaren maar vinden dat het niet aan Nederland ligt om daar een oordeel daar over te vellen. Zij wijzen dat het Statuut voor het Koninkrijk bepaalt dat de Gevolmachtigde minister van Curaçao wordt benoemd door de regering van Curaçao en dat het aan de Staten van Curaçao is de besluiten van de regering van Curaçao te controleren. In de Tweede Kamer wordt Marvelyne Wiels al lange tijd niet serieus genomen. Dat is vanwege haar persoonlijke instelling en vanwege de problemen die er ontstaan zijn en die niet zijn/worden weggenomen. Naar aanleiding van het vernietigende rapport van de Ombudsman hebben de leden van de Tweede Kamer hebben zich behoorlijk kritisch en negatief uitgelaten. VVD Tweede Kamerlid André Bosman vindt dat de verantwoordelijke regering van Curaçao maatregelen moet nemen. Ronald van Raak (SP) denkt niet dat Wiels te handhaven is. Hij vraagt aan Mark Rutte om bij Curaçao aan te kloppen of ze niet iemand anders kunnen sturen. De Curaçaose regering Marvelyne Wiels is tot nu toe altijd uit de wind gehouden door Minister President Ivar Asjes van Curaçao. Ondanks al haar strapatsen (nare streken) heeft partijgenoot Ivar Asjes en zijn regering de zaken gebagatelliseerd en haar steeds het hand boven het hoofd gehouden. Hetgeen bijzonder is omdat de vermoorde Helmin Wiels juist dit soort gedragingen in de Curaçaose politiek wilde aanpakken in zijn politieke strijd. De vraag is hoe lang dit nog vol te houden is. E Bon Yiu di Kòrsou (YdK) of Nationale schaamte ? Zowel op sociale media als op straat zijn er veel discussies over het functioneren van Marvelyne Wiels. De reputatie van Marvelyne onder de YdK’s hier in Nederland lijkt niet zo erg geweldig te zijn. Mensen zeggen zich te schamen voor haar gedrag en zijn van mening dat hun politieke vertegenwoordiger in Nederland een voorbeeldfunctie moet hebben in plaats van met haar gedrag het imago van E bon YdK’s negatief te beïnvloeden. Aan de andere kant zijn er ook mensen die vinden dat de Nederlanders niet moeten zeuren. Of zoals Rignald het zei tijdens een verhitte discussie: “Politiconan Makamba ta hòrta nèchi, nos Politiconan ta hòrta brutu. Pero tur ta mes ladron” Hoe nu verder…? Tot op heden hebben noch Marvelyne Wiels, noch het Curaçaohuis en noch de Curaçaose regering van zich laten horen naar aanleiding van de uitspraak van de rechter en de zeer schokkende bevindingen van de Ombudsman. Het woord is nu aan de Staten van Curaçao. Deze beschikt beschikt over het volledig rapport met de bevindingen en oordelen van de Ombudsman, waardoor de Statenleden een beter en objectiever beeld hebben van de situatie rondom minister Wiels. Gelet op de snoeiharde kritiek op het functioneren van mevrouw Wiels als Gevolmachtigde Minister, ligt het voor de hand dat zij niet in deze belangrijke functie in het Curaϛaohuis in Nederland gehandhaafd kan blijven. Het zal echter niet de eerste keer zijn dat Marvelyne Wiels ondanks haar strapatsen in functie mag blijven. Haalt Minister President en partijleider Ivar Asjes, Marvelyne Wiels deze keer wel uit haar functie of houdt hij haar weer uit de wind en laat hij haar misschien bewust als aangeschoten wild verder bungelen?
Door Carmine Palm op woensdag 6 mei 2015
Prinses Beatrix heeft op Curaçao op 2 mei de tentoonstelling ‘Guera na Kòrsou’, oorlog op Curaçao, geopend. Met de expositie wil het eiland aandacht vragen voor haar rol tijdens de Tweede Wereldoorlog. Curaçao was vooral van belang door de levering van brandstof aan de geallieerden. De rol van Curaçao in de Tweede Wereldoorlog is niet bekend bij iedereen. Zelf weet ik van mijn moeder dat haar vader stuurman was op een olietanker. De tanker voer van Venezuela naar Curaçao. Mijn oma was altijd heel blij als opa weer thuis was want de tocht was heel gevaarlijk. En mijn vader vertelde dat ’s nachts de ramen geblindeerd werden zodat de Duitse onderzeeërs het eiland niet konden lokaliseren. Olie uit Venezuela Voor de olie, die uit het Venezolaanse meer van Maracaibo werd gewonnen, hadden de oliemaatschappijen havens en opslagplaatsen nodig. Venezuela en de oliemaatschappijen kozen voor Aruba en Curaçao vanwege de goede havens en politieke rust. En zo vestigde zich in 1918 De Koninklijke Olie Petroleum Maatschappij(KNPM)/Shell op Curaçao. Het kreeg de naam van de plek, het schiereiland Isla aan de haven van Willemstad. Olie en de geallieerde troepen Doordat Curaçao deze olieraffinaderij had, speelde het een speciale rol tijdens de oorlog. De raffinaderij voorzag in de olie- en kerosinebehoeften van de Engelse, de Franse en de Amerikaanse vliegtuigen. De raffinaderij leverde een groot aandeel in de brandstofvoorziening voor de legers van de geallieerden en was daarom strategisch van grote waarde. Gevaar op het water Er werd op Curaçao en op Aruba niet gevochten, maar de wateren rondom de eilanden waren zeer gevaarlijk. Duitse onderzeeërs loerden met hun torpedo's op olietankers op zee. Ze hielden de haven van Willemstad ook goed in de gaten. Stoppen olieproductie De Nederlandse regering was tijdens de oorlog in ballingschap. De overzeese eilanden moesten zich tot de bevrijding zelf redden. Daarom werd Curaçao eerst door de Engelsen en later door de Amerikanen bezet om het eiland te verdedigen tegen de Duitsers. De Amerikanen hadden in die tijd 1400 man op Curaçao gestationeerd om de raffinaderij en het eiland te bewaken. Niet onnodig want de Duitsers probeerden met van duikboten gelanceerde torpedo's de olieproductie te stoppen. Schutters Curaçao zelf had onder de eigen bevolking 3000 'schutters' gerekruteerd. Mannen die met veel animo en toewijding het eiland veilig hebben weten te houden. Curaçao is in de oorlogsjaren door zijn bewoners met succes verdedigd en de raffinaderij draaide op volle toeren, waardoor brandstof kon worden geleverd aan de geallieerden. Curaçao in het donker Ruim drie jaar lang moesten de inwoners van Curaçao tussen 18.00 uur en 06.00 uur hun lichten uit laten of hun huis lichtdicht blinderen. Na 21:00 uur mocht er geen lampje meer branden. Overal hingen zwarte kleden voor de ramen en zelfs voor de autolampen werden zwarte doeken geplakt. Je zag helemaal niets meer en hoorde vaak urenlang het geluid van de laagvliegende gevechtsvliegtuigen. Het is de Duitsers nooit gelukt om Curaçao, of buureiland Aruba waar ook een raffinaderij was, te benaderen of te beschadigen. Meer weten? In Het Curaçaos Museum in Willemstad is tot en met 12 juli de tentoonstelling te zien. Voor meer informatie klik hier. Carmine Palm
Door redactie op woensdag 29 april 2015
In de gemeente Tilburg kregen 34 personen een Koninklijke onderscheiding tijdens de jaarlijkse lintjesregen die dit jaar 200 jaar bestaat. Dit jaar kregen twee vrouwen uit de Antilliaanse gemeenschap in Tilburg een lintje: Rose-Marie van Abeelen Tecla en Mariëta Emers. Tilburg, met ruim 200.000 inwoners, heeft een Antilliaanse gemeenschap van 4.400 inwoners. Hieruit zijn twee vrouwen onderscheiden met een lintje. Rose-Marie van Abeelen Tecla is benoemd tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau en Mariëta Emers is benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Rose-Marie van Abeelen Tecla Rose-Marie is op 20 april 1947 geboren op Curaçao en op 14-jarige leeftijd in Nederland komen wonen. Parochie Rose-Marie doet sinds 1981 gevarieerd vrijwilligerswerk binnen de parochie Frater Andreas (voorheen St. Lucaskerk). Ruim 25 jaar verzorgde ze de kinderwoorddiensten en samen met haar man doet ze nog steeds de huwelijksbegeleiding. Zij betekent veel voor de Antilliaanse gemeenschap. Dankzij haar betrokkenheid voelt de Antilliaanse gemeenschap zich thuis in de parochie. Antaru Rose-Marie is ook secretaris van Antaru, een werkgroep van Antillianen en Arubanen in Tilburg. Vanuit een Antilliaanse en Arubaanse achtergrond maakt de werkgroep Antaru zich sterk voor alle bewoners, met hun verschillende nationaliteiten, uit de wijk Kruidenbuurt en daarbuiten. Bij Antaru leidt Rose-Marie de seniorengroep Antaru 55+ met de bedoeling om de ouderen met elkaar in contact te brengen en uit hun isolement te halen. Antaru 55+ werkt veel samen met GGZ, Thebe, de GGD en de gemeente. Ook organiseert Antaru 55+ Yoga en Thai Chi lessen. De werkgroep is in 2008 door de gemeente Tilburg uitgeroepen tot vrijwilligers van het jaar. Multicultureel Zo levert Rose-Marie een grote bijdrage aan de multiculturele samenleving. Ze wil graag verschillende nationaliteiten bij elkaar brengen. Ze organiseert al jaren een multiculturele bustocht voor de ouderen in de wijk. Ook is ze de drijvende kracht achter diverse traditionele feesten zoals de jaarlijkse Seú. Seú is het jaarlijkse oogstfeest, een eeuwenoude Antilliaanse traditie, dat op tweede paasdag wordt gevierd. Mantelzorger Rose-Marie is als mantelzorger actief in de Antilliaanse gemeenschap. Zij heeft onder andere 12 jaar gezorgd voor een blinde meervoudige gehandicapte man uit Curaçao. Kindercrèche 22 jaar lang heeft Rose-Marie een kindercrèche in huiselijke sfeer gehad. Zij heeft op 106 kinderen gepast en nog steeds heeft zij veel contact met de kinderen. Zingen Rose-Marie is dol op zingen. Vroeger zong zij in Son Antiyas en nu zingt ze in een multicultureel koor ‘De Kleurrijke Mama’s’. De teksten zijn eigen levenservaringen zoals heimwee, eten, liefde en verdriet. Mariëta Emers Mariëta is op 4 december 1945 geboren op Curaçao en op 14-jarige leeftijd in Nederland komen wonen en studeren. Basisonderwijs Mariëta heeft 40 jaar lesgegeven in het basisonderwijs in Tilburg. Zelf ging zij naar een basisschool op Curaçao van de Zusters van Liefde van Schijndel. In Nederland volgde zij de Kweekschool (later de Pedagogische Academie) in Schijndel. Vrijwilligerswerk Mariëta doet meer dan 20 jaar vrijwilligerswerk. Zowel in Tilburg als buiten Tilburg. En het is te veel om op te noemen. Hieronder een kort overzicht van activiteiten die zij deed en doet. · Lid van het diaconieberaad van de kerk · Lid van SDAR (Stadsdeeladviesraad West) · Lid van TVR (Tilburgse Vrouwenraad) · Bestuurslid HBO-Tiwos (Huurdersbelangenorganisatie) · Bestuurslid OTO (Overlegorgaan Tilburgse Ouderen) · Lid van CAR (Cliëntenadviesraad) van Twern · Verhalenvertelster (Nanzi verhalen en andere verhalen uit onze cultuur) · Genomineerd voor de Emancipatieprijs Tilburg 2011 · Tilburg Dialoog · Deelnemer bij Wintervuur van het Wereldpodium · Bestuurslid Rincolada Verbindende schakel Door het vele vrijwilligerswerk dat Mariëta doet, is zij een verbindende schakel voor diverse contacten en veel organisaties op lokaal, regionaal en landelijk niveau. OcaN Bij OcaN is Mariëta behalve lid van de Seniorencommissie ook GSA Ambassadeur. GSA staat voor Gay Straight Alliance. De ambassadeurs maken door het organiseren van bijeenkomsten homoseksualiteit binnen de gemeenschap bespreekbaar. Stichting Caribische Senioren Tilburg Mariëta heeft in 2007 de Stichting Caribische Senioren Tilburg opgericht met als doel de belangenbehartiging van alle 50+ Antillianen en Arubanen in de regio Tilburg. Zij is als voorzitter van de Stichting Caribische Senioren Tilburg (SCST) een belangrijke sleutelfiguur binnen de gemeenschap. Door activiteiten voor deze groep te organiseren wil ze Caribische ouderen in Nederland ‘empoweren’. Zij zet zich in voor het (mede) organiseren en uitvoeren van groepsactiviteiten, huisbezoeken en bijwonen van overleggen met andere organisaties. Dit binnen de welzijns- en zorgsector in Tilburg en gericht op ouderenbelangen. Zij is niet alleen lokaal actief, maar ook op provinciaal en landelijk niveau in diverse werkgroepen en commissies als het om belangenbehartiging gaat van ouderen en in het bijzonder Caribische ouderen. Zo is zij ook lid van de ouderencommissie van de landelijke organisatie OcaN. Naast het verbinden en bouwen van bruggen vertaalt Mariëta vragen en wensen van senioren naar projecten en activiteiten. Zij is zeer betrokken bij de mensen uit de gemeenschap, is creatief, flexibel en gaat doelgericht te werk. Zonder haar inzet zou de Stichting Caribische Senioren Tilburg niet zo veel voor de gemeenschap kunnen hebben realiseren als nu. Ook zouden de Caribische ouderen veel minder in beeld zijn bij de Tilburgse lokale welzijns- en zorgsector. Haar droom Mariëta Emers kwam met vele anderen van de Antillen naar Nederland. Haar leeftijdgenoten zitten nu in de overwegend witte verzorgingshuizen. Met haar stichting Caribische ouderen werkt ze hard aan een droom: het stichten van een woon- of woon-zorgcomplex voor Caribische ouderen.
Door redactie op woensdag 5 november 2014
Elk jaar vertrekken rond de 500 jongeren na hun eindexamen uit Curaçao om in het buitenland een studie te volgen. De meeste jongeren willen daarna graag terug naar Curaçao om hun steentje bij te dragen. Maar het vinden van een baan is een struikelblok. Dat blijkt uit onderzoek van het ministerie van Sociale Ontwikkeling, Arbeid en Welzijn. Marvin Madera kan daarover meepraten. Hij vertelt over zijn terugkeer naar Curaçao. Na de afronding van mijn studie besloot ik terug te keren naar Curaçao. Ik was enthousiast om zo spoedig mogelijk mijn bijdrage te leveren aan de ontwikkelingen van mijn eiland. Zes maanden later zit ik nog steeds zonder werk, terwijl mij nog steeds wordt gezegd dat er vacatures openstaan. Hoe is dit mogelijk? Wat mij werd verteld Sinds mijn studentenperiode had ik af en toe mensen horen praten over de knelpunten van remigratie. Zo had ik een alleenstaande moeder gesproken die twee jaar lang probeerde te remigreren. Deze vrouw vertelde dat ze op haar mails en sollicitatiebrieven geen reactie kreeg. Een andere man vertelde mij dat hij met zijn familie naar Curaçao ging nadat hem werd verteld dat hij aangenomen was. Echter, toen hij daar arriveerde, bleek dat de vacature niet meer bestond. Uitzondering of regel? Ik heb meer van dit soort verhalen gehoord, maar dacht altijd bij mezelf dat dit uitzonderlijke gevallen waren. Van mensen die op Curaçao wonen had ik namelijk gehoord dat er verschillende vacatures openstonden. Ook heb ik vaak Curaçaose politici in de media horen klagen dat er een grote vraag is naar de expertise van Curaçaoënaars in Nederland, maar dat dezen niet terugkeerden. Mijn ervaring Sinds maart ben ik bezig met solliciteren. Mijn sollicitatiebrieven werden niet of niet binnen een redelijke termijn behandeld, per telefoon kreeg ik misleidende informatie over de sollicitatieprocedure, en bij één organisatie waren ze zelfs mijn CV en motivatiebrief kwijt. Bellen naar informatie werd door sommige organisaties gezien als lastig. Telefonisten vertikten soms om mij door te verbinden met de bevoegde personen. Demotiverend Ik ben vol ambitie en enthousiasme geremigreerd naar mijn eiland. Het is daarom ontzettend demotiverend als je dit soort dingen moet meemaken. Ik adviseer andere studenten dus ook om op te passen als ze hier komen. Ik vind het niet prettig dat ik negatief moet praten over mijn eiland, maar ik ga mijn medestudenten ook geen misleidende informatie geven in de naam van vaderlandsliefde. Gevolgen voor Curaçao Er zijn meer dan voldoende professionals met Curaçaose roots die het eiland vooruit kunnen helpen. Dit is echter moeilijk te realiseren als het systeem deze professionals afstoot. De tijd om deze kwestie aan te pakken en op te lossen is nu. Anders zal het eiland mensen blijven verliezen. De naam van Marvin is om privacy-redenen gefingeerd.
Door redactie op woensdag 29 oktober 2014
Geld maakt niet gelukkig, zeggen ze weleens. Maar voor degenen die moeten rondkomen van een laag inkomen is elk financieel steuntje in de rug meer dan welkom. Zeker in een tijd waarin de koopkracht van mensen met een laag inkomen door bezuinigingen zwaar onder druk staat. Het kabinet heeft daarom besloten om aan de gemeenten geld beschikbaar te stellen; de eenmalige koopkrachttegemoetkoming 2014. Om zo hun burgers met een laag inkomen in 2014 eenmalig extra financieel te ondersteunen en tegemoet te komen. Wie komt in aanmerking voor de koopkrachttegemoetkoming? Iedereen die 18 jaar of ouder is en een inkomen heeft van ten hoogste 110 % van de geldende bijstandsnorm heeft in 2014 recht op de eenmalige koopkrachttegemoetkoming. Ook moeten ze rechtmatig in één van de gemeentes in Nederland wonen. Voor de vaststelling van het recht op en de hoogte van de tegemoetkoming wordt gekeken naar de situatie (inkomen en gezinssamenstelling) op 1 september 2014. Komen studenten in aanmerking voor de koopkrachttegemoetkoming? Nee, mensen die jonger zijn dan 27 jaar die onderwijs volgen en die al dan niet aanspraak kunnen maken op studiefinanciering komen niet in aanmerking voor de koopkrachttegemoetkoming. Dit geldt dat ook voor gedetineerden, mensen jonger dan 18 jaar en mensen van 18, 19 of 20 jaar die in een inrichting wonen. Welke bedragen zijn beschikbaar? € 100 voor samenwonenden/gehuwden € 90 voor een alleenstaande ouder € 70 voor een alleenstaande Het eenmalige geldbedrag is een belastingvrij extraatje. Het heeft geen gevolgen voor een eventuele uitkering en er hoeft geen belasting over te worden betaald. Automatisch Mensen die op 1 september 2014 een WWB- of een IOAW- of IOAZ-uitkering ontvangen hoeven niets te doen. Zij krijgen de tegemoetkoming automatisch uitbetaald, samen met hun uitkering, rond eind oktober. Zij hoeven dus geen aanvraag in te dienen. Dat geldt ook voor mensen in de pensioengerechtigde leeftijd die per 1 september 2014 recht hebben op een Aanvullende Inkomensondersteuning Ouderen (AIO). Zij krijgen het extraatje in oktober automatisch uitbetaald door de Sociale Verzekeringsbank. Geen bijstandsuitkering of uitkering van de gemeente Mensen die op 1 september 2014 geen bijstandsuitkering voor levensonderhoud hebben maar wel een laag inkomen, kunnen bij hun eigen gemeente terecht voor een aanvraagformulier. Dit formulier kan ook worden gedownload op de site van de gemeente. Wanneer aanvraag indienen Volledig ingevulde aanvraagformulieren met de gevraagde bewijsstukken kunnen tot 1 december 2014 worden ingediend. Op het aanvraagformulier staat welke bewijsstukken meegestuurd moeten worden. Voor meer informatie over de koopkrachttegemoetkoming Kijk voor meer informatie over de koopkrachttegemoetkoming op: http://www.laaginkomen.nl/
Door redactie op woensdag 8 oktober 2014
Dr. A.G. ( Mito) Croes is in Paleis Noordeinde in Den Haag ten overstaan van koning Willem Alexander ingezworen als lid van de Raad van State. Croes vervangt mr. Hubert Maduro die vanwege het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd per 1 april vertrok bij de raad. Mito Croes (68 jaar) is geboren en getogen op Aruba. Kabinet Eman II van Aruba droeg hem voor de functie voor vanwege zijn lange staat van dienst en rijke ervaring op het gebied van constitutionele aangelegenheden en wetgeving. Lange carrière Croes heeft een lange carrière achter de rug, onder meer op het gebied van wetgeving en staatsrecht. Hij is Statenlid geweest van de Nederlandse Antillen, minister van de Nederlandse Antillen, minister van Welzijnszaken van Aruba, Gevolmachtigd minister van Aruba in Nederland en wetenschappelijk hoofdmedewerker Staats- en Bestuursrecht aan de Universiteit van de Nederlandse Antillen. Ook was hij kandidaat voor het CDA bij de Europese Verkiezingen in 2009. Opleiding in Tilburg Croes studeerde rechten aan de Katholieke Hogeschool in Tilburg. In 2006 promoveerde hij aan de Universiteit van Tilburg op het proefschrift over de staatkundige verhouding tussen Nederland en de Antillen met de titel: “De herdefiniëring van het Koninkrijk “. Ook heeft hij een dertig wetenschappelijke publicaties op zijn naam staan. Voorzitter van SAT In zijn studententijd in Tilburg was Croes ook enkele jaren voorzitter en bestuurslid van de Tilburgse Antilliaanse Kring (TAK), de voorganger van de vereniging Sirkulo Antiyano Tilburg (SAT). Het is mooi om te zien hoe belangrijk TAK/SAT is geweest in de vorming van velen die later een sleutelpositie zijn gaan innemen in de maatschappij. Advies over wetgeving De Raad van State van het Koninkrijk vergadert eens per maand en geeft advies over wetgeving aan regering en parlement en spreekt recht in bestuursrechtelijke geschillen. Bijzonder trost en masha pabien De redactie van BAAT013.nl is trots op de benoeming van Mito Croes tot lid van de Raad van State van het Koninkrijk voor Aruba. Wij feliciteren hem met zijn aanstelling en wensen hem heel veel succes in zijn nieuwe rol en functie.
Door redactie op donderdag 10 juli 2014
De discussie die eind vorig jaar ontstond over het fenomeen Zwarte Piet gaat deze zomer verder. Op 3 juli oordeelde de bestuursrechter dat burgemeester Van der Laan van Amsterdam de verleende vergunning voor de Sinterklaasintocht 2013 moet herzien. Ook vindt een VN-werkgroep Zwarte Piet racistisch. Een overzicht van de discussie. In 2011 start Quinsy Gario het kunstproject ’Zwarte Piet Is Racisme’. Tijdens de Sinterklaasintocht in Dordrecht dat jaar draagt hij een T-shirt met de tekst ‘Zwarte Piet Is Racisme’. Hij wordt gearresteerd. Wereldwijd verschijnen de berichten over de arrestatie. Quinsy vindt dat Zwarte Piet racistisch is en respectloos naar mensen van Afrikaanse afkomst. Sinterklaasintocht gaat door Tegenstanders van Zwarte Piet probeerden vorig jaar te voorkomen dat bij de Amsterdamse intocht van 17 november Zwarte Pieten meeliepen en spanden een kort geding aan. Ze hoopten hiermee te bereiken dat de gemeente de vergunning voor een intocht van Sinterklaas met Zwarte Pieten zou intrekken. De voorzieningenrechter hield de vergunning in stand. In deze zaak diende daarna een bodemprocedure. Zwarte Piet is kwetsend De bestuursrechter heeft vrijdag geoordeeld dat de intocht van Sinterklaas niet discriminerend is, maar dat Zwarte Piet wel leidt tot een negatieve stereotypering van mensen met een donkere huidskleur. Volgens de rechtbank heeft Van der Laan onvoldoende rekening gehouden met de gevolgen van een negatieve stereotypering van de zwarte mens, veroorzaakt door de figuur van Zwarte Piet - 'dikke rode lippen, dom en knecht'. De burgemeester van Amsterdam heeft bij het verstrekken van de vergunning voor de intocht niet met alle belangen rekening gehouden. Van der Laan moet zich nu van de rechter opnieuw over de vergunning buigen. Aanpassingen uiterlijk Zwarte Piet De organisatie van de intocht in Amsterdam besloot de tegenstanders vorig jaar al iets tegemoet te komen na overleg met de burgemeester en enkele bezwaarmakers. De Zwarte Pieten droegen verschillende kleuren lippenstift, geen gouden oorringen en ze mochten variëren in haardracht. Ook blijft burgemeester Eberhard van der Laan met de tegenstanders van Zwarte Piet in gesprek over hoe de volgende intocht van Sinterklaas eruit moet gaan zien. De burgemeester ziet de invulling van de intocht niet als taak van de overheid. “Het is een volkstraditie en daar moet de samenleving, het volk, over praten. En dat ligt dus primair bij de Sinterklaas-comités.” Adviezen voor Zwarte Piet Op initiatief van het Nederlands Centrum voor Volkscultuur en Immaterieel Erfgoed (VIE) wordt gesproken over de toekomst van het Sinterklaasfeest. Bij dat overleg zijn verschillende partijen betrokken, waaronder het comité ‘Zwarte Piet Is Racisme’ van Quinsy Gario, het Sinterklaasgenootschap en D66 Amsterdam. Na onderzoek kwam het VIE in juni met het advies om Zwarte Piet te moderniseren. De nieuwe Zwarte Piet heeft geen kroeshaar meer, is wel bruin, heeft geen rode lippen meer, geen gouden oorringen en een wat hipper pak. Ook zou hij minder dom moeten zijn en een gelijkwaardiger relatie met Sinterklaas moeten hebben. De Verenigde Naties hebben ook een mening over Zwarte Piet De tegenstanders kregen bijval uit een onverwachte hoek. De VN-werkgroep voor Mensen van Afrikaanse Afkomst concludeert na onderzoek dat de figuur van Zwarte Piet een uiting van racisme is die bestreden moet worden via het onderwijs. De traditie is achterhaald. Dit bleek vrijdag tijdens de presentatie van voorlopige bevindingen op een persconferentie in Den Haag. De conclusies van de VN zijn aanbevelingen die verwerkt worden in een rapport. Afschaffen van het feest vindt de werkgroep niet nodig. “Uiteindelijk is het aan het Nederlandse volk om over de affaire te discussiëren én te beslissen.” Sinterklaasfeest is van het volk Aanvankelijk hield het kabinet zich in de discussie nog zo stil mogelijk. Premier Mark Rutte stelde dat Zwarte Pieten geen zaak van de regering zijn, maar van de samenleving. “Zwarte Piet is zwart, daar kunnen we weinig aan veranderen.” Vicepremier Asscher benadrukt dat het Sinterklaasfeest aan het volk moet worden gelaten, maar dat hij wel iets zou zien in een langzame evolutie. Wat vindt jij van Zwarte Piet? En hoe zouden we dit probleem moeten oplossen? We zijn benieuwd naar je mening!
Door redactie op woensdag 4 juni 2014
Nederlanders afkomstig uit de voormalige Nederlandse Antillen waren ook vorig jaar oververtegenwoordigd in de negatieve statistieken van schoolverlaters, criminaliteit, werkloosheid en uitkeringen. Dat blijkt uit de laatste rapportage Antilliaanse-Nederlanders 2013, die minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken aan de Tweede Kamer stuurde. Het onderzoek wordt sinds 2010 jaarlijks uitgevoerd in de 22 Antillianengemeenten om inzicht te krijgen in de situatie van Nederlanders met een Caribische achtergrond en om de effectiviteit van beleid te meten. De bedoeling was vroegtijdige schooluitval te voorkomen, de werkloosheid in deze groepen te verlagen, hen minder afhankelijk van een uitkering te maken en de criminaliteit terug te dringen. Teleurstellend De 32 miljoen euro die het rijk tussen 2009 en 2012 heeft gestopt in het aanpakken van problemen van Antillianen en Marokkanen in de desbetreffende gemeenten heeft nauwelijks effect gehad. Deze groepen scoren nog altijd (veel) hoger in de cijfers over criminaliteit, werkloosheid en schooluitval dan autochtonen. Minister Asscher noemt het niet halen van de meeste doelstellingen 'teleurstellend'. Werkzoekend Het rapport toont aan dat relatief veel Antilliaanse Nederlanders werkzoekend zijn of een uitkering hebben, al is het aandeel van jongeren tussen de 18 en 24 jaar in deze categorieën enigszins afgenomen. Schoolverlaters Het aantal schoolverlaters zonder diploma blijft hoog. Criminaliteit Nederlanders van Antilliaanse afkomst komen ook veel vaker in aanraking met de politie. Het aandeel verdachte jongeren tussen de 18 en 24 jaar is afgenomen maar de oververtegenwoordiging blijft hoog omdat ook bij de andere bevolkingsgroepen een daling te zien was. Hoe nu verder? Het rijk en de gemeenten zijn in 2012 afgestapt van het doelgroepenbeleid. De regering blijft voorstander van een generieke aanpak, die niet gericht is op bepaalde bevolkingsgroepen, maar op algemene problemen als werkloosheid, schooluitval en criminaliteit. Asscher noemt onder meer een project van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, waarbij ouders bewuster worden gemaakt van hun verantwoordelijkheden. Rolmodellen In samenwerking met het ministerie van Veiligheid en Justitie worden rolmodellen ingezet om crimineel gedrag bij jongeren te voorkomen. Op het gebied van onderwijs is er extra aandacht voor beroepsoriëntatie. Asscher gaat ervan uit dat deze inzet bijdraagt aan het verder terugdringen van de problematiek. Download hier het rapport.