Door redactie op woensdag 20 november 2013
Sírkulo Antiyano Tilburg (S.A.T.) bestaat dit jaar vijftig jaar en is de oudste Antilliaanse vereniging in Nederland. Vandaag het eerste deel over de beginjaren tot en met de jaren tachtig. Morgen volgt het tweede deel, de jaren tachtig tot nu. Wie vandaag de dag in Antilliaanse kringen in Tilburg en daarbuiten de naam S.A.T. laat vallen, bespeurt ongetwijfeld een blik van herkenning. Maar wat S.A.T. nu precies is, vult iedereen verschillend in. Voor de een is het een statig herenhuis aan de Goirkestraat; voor de ander een club voor ontmoeting en gezelligheid in eigen kring. Degenen die het nieuws volgen, koppelen de naam S.A.T. aan de recent gekregen MAAPP Award. MAAPP is een erkenning voor vrijwilligers die zich inzetten voor de Arubaanse of Antilliaanse gemeenschap in Nederland. Vijftigste verjaardag S.A.T. viert op 22 november haar vijftigste verjaardag als vereniging. Bij zo’n heuglijk feit past een stukje historie. Sírkulo Antiyano Tilburg zag het levenslicht als T.A.K., Tilburgse Antilliaanse Kring. T.A.K. werd op 22 november 1963 opgericht door een groep enthousiaste studenten: Marco de Castro, Victor Bareño en Camilio Boekhoudt. ‘Zielsblij met nieuws uit de Antillen’ Filomena Cratsz was secretaris in dat bestuur en herinnert zich de beginperiode nog goed: “We waren studenten die vooral de binding met de toenmalige Nederlandse Antillen wilden behouden en vergroten. In cultureel, maatschappelijk en ook politiek opzicht. In heel Nederland had je maar vijf van dit soort organisaties. Er woonden niet meer dan veertig Antillianen in Tilburg. De vrouw van de bekende burgemeester Becht was onze mentor. Wij betaalden twee gulden contributie per maand en kwamen maandelijks een keer bij elkaar in een zaal boven in café De Roskam aan de Korte Heuvel, bij Engelien en Frans Voskens. Je zorgde ervoor ruim op tijd te zijn, want dan kon je ook kranten uit de Antillen lezen. Dat gebeurde beneden aan de stamtafel. Dat die kranten een maand oud waren, kon ons weinig schelen. Je was zielsblij dat je het nieuws van de eilanden kon volgen. Het waren heel andere tijden, ver vóór het digitale tijdperk.” Leerschool voor jonge studenten Daarnaast was S.A.T. ook bedoeld als leerschool voor de jonge studenten in Tilburg. Zo organiseerde het bestuur een driedaags wetenschappelijk congres over de Nederlandse Antillen ter gelegenheid van het eerste lustrum van T.A.K. In het congresboekje wijst de toenmalige voorzitter, Freddy “Mac” Curiel zijn leden nogmaals op het belang van het zich verenigen: “Ik wil hier gretig van de gelegenheid gebruikmaken om ervoor te pleiten dat we ons bewust worden van de plaats die wij straks zullen moeten gaan innemen in de Antilliaanse gemeenschap.” Coro Canta Antiya Een SAT-symbool dat in die eerste jaren werd opgericht en dat tot op de dag van vandaag tot de verbeelding spreekt, is het koor Coro Canta Antiya. Jopi Hart, Pablo Walter en Papi Mambi waren bekende dirigenten van dit koor dat in heel Nederland en daarbuiten bekend was. Alle Antillianen konden lid worden Eind jaren zeventig begin jaren tachtig vestigden meer Antillianen zich in Tilburg en daarmee kreeg S.A.T. een nieuwe rol. In deze periode werden de statuten van S.A.T. zodanig aangepast dat alle Antilianen, studenten én werkenden, lid konden worden van de vereniging. Niet lang daarna kreeg de verenging van de gemeente Tilburg het pand aan de Goirkestraat toegewezen. Nu S.A.T. eindelijk de beschikking had over een eigen lokaliteit, konden allerlei activiteiten structureel worden aangeboden. Niet alleen schoolse en opvoedkundige activiteiten maar ook activiteiten van sociaal-culturele aard. Eén en al bedrijvigheid Lucio de Windt, bekend onderwijsman en jarenlang S.A.T.-voorzitter, vertelt met veel enthousiasme over deze periode: “Het was de glorietijd van het verenigingsleven en vrijwilligerswerk. S.A.T. was een en al bedrijvigheid. We hadden in die tijd welgeteld drieëntwintig commissies”. Dat waren kleinere groepen vrijwilligers die verantwoordelijk waren voor een bepaalde activiteit. Zo was Kodide belast met sportactiviteiten; Notisat was verantwoordelijk voor de externe communicatie en er was een zeer productieve theater- en dansgroep. Elke commissie had een eigen voorzitter en secretaris. Leren vergaderen, onderhandelen en besturen “S.A.T. was inderdaad een goede leerschool. Bij S.A.T. heb ik leren vergaderen. Hier heb ik ook leren onderhandelen en besturen,” zegt Roy Pietersz, die tot voor kort gevolmachtigd minister voor Curaçao in Den Haag. Met hem zijn er vele andere prominenten die dankbare herinneringen hebben aan hun functioneren binnen S.A.T. Morgen: deel 2. Wat zijn jouw herinneringen aan SAT? We horen ze graag! Laat je reactie hieronder achter.
Door redactie op woensdag 13 november 2013
Ongeveer 2000 mensen op Curaçao zijn dit jaar hun baan kwijtgeraakt. Dat heeft het platform van werkgevers, werknemers en sociale partners op het eiland, Kolaborativo, bekendgemaakt. Het platform spreekt van een economische crisis en vraagt de regering om in te grijpen. Het platform maakt de vergelijking met Nederland. “Daar wonen 100 keer zoveel mensen als op Curaçao. Het zou betekenen dat 200.000 in tien maanden werkloos zouden worden.” De redenen voor het banenverlies op Curaçao zijn divers en niet alleen te wijten aan internationale factoren. Ze zijn ook het gevolg van het ontbreken van duidelijke lange termijn-denken en hervormingen door meerdere regeringen. Maar ook faillissementen van grote bedrijven als de Kura Hulanda hotels en luchtvaartmaatschappij DAE en de overheidsbezuinigingen kostten veel mensen hun baan.  Redenen banenverlies Curaçao leek de afgelopen jaren afzijdig te blijven in de mondiale financiële crisis. Zo bleef het toerisme relatief stabiel en waren er nauwelijks faillissementen. Maar de afgelopen periode lijkt de crisis toe te slaan met onder meer twee failliete hotels, vele ontslagen en overheidsbezuinigingen als gevolg van opgebouwde tekorten. In juni vorig jaar dwong premier Mark Rutte Curaçao tot bezuinigingen. Die werden vanaf begin dit jaar doorgevoerd met onder meer verhoging van de pensioenleeftijd, bezuinigingen in de gezondheidszorg en meer belasting op luxe goederen. Volgens deskundigen heeft dit een nadelig effect op de uitgaven van de bevolking. Gegevens zijn niet transparant De partners van Kolaborativo hebben een lijst gemaakt die laat zien hoeveel mensen hun baan hebben verloren en van welke organisaties deze ex-werknemers afkomstig zijn. De lijst is samengesteld op basis van rapporten van de Kamer van Koophandel, Vereniging Bedrijfsleven Curaçao, de vakbondscentrales SSK en CGTC, en de ontslagcommissie. De organisatie geeft aan dat de lijst wegens gebrek aan transparantie niet geheel kan worden bevestigd, maar wel een duidelijke trend laat zien. Moeilijk beschikbare gegevens Gegevens over werkloosheidscijfers zijn moeilijk beschikbaar. Alleen de werkloosheidscijfers cijfers van de jaren 2009 en 2011 zijn bekend. Recentere cijfers zijn er niet voorhanden. De werkloosheidscijfers zijn afkomstig van het Centraal Bureau voor de Statistiek die om de twee jaar een enquête uitvoert naar de werkloosheid op Curaçao. In 2009 hadden 6.325 mensen geen baan wat neerkomt op een werkloosheidspercentage van 9,6. In 2011 steeg het aantal werklozen naar 6.721 dus een werkloosheidspercentage van 9,8. Hoop op een dialoog met de overheid Kolaborativo probeert continu om met de overheid in dialoog te treden. Zij hopen dat de overheid de ernst van de situatie nu zal erkennen en naar de overlegtafel zal komen om mogelijke interventies en oplossingen te bespreken. Bedrijf/sector Aantal werknemers Reden AMFO projecten 375 Stopzetting projecten vanwege overheidsbeslissing over lokale financiering en verhouding met Nederland DAE 300 faillissement Aqualectra 250 Regeringsbeslissing inzake begroting Building depot 75 Brand Mees Pierson 45 Internationale bedrijfsbeslissing Importeurs (inkrimping) 150 AOV/ZV/9% beslissing regering Kleine bedrijven (minder dan 50 werknemers) 160 AOV/ZV/9% beslissing regering Free Zone 50 Globale economie Horeca 60 Economie Constructie 50 Economie Overheidsambtenaren 160 10/10/10 overgang maakte inkrimping arbeidsplaatsen met 1000+ nodig op termijn Venetto Hotel and Casino 15+ Economie Kura Hulanda Otrabanda 80 Faillissement Kura Hulanda Lodge 70 Faillissement Overig 70   Totaal 1910+  
Door redactie op woensdag 6 november 2013
Elk jaar verlaten veel jongeren het Caribisch deel van het Nederlandse Koninkrijk om in Nederland te komen studeren. Dit jaar had dit voor mij een persoonlijk tintje. Mijn nichtje van 17 jaar kwam ook studeren en ik werd tijdelijk voogd! Ik ga regelmatig naar Curaçao voor familiebezoek. Tijdens een van deze bezoeken vroeg mijn zus of haar dochter bij mij kon komen wonen. De jongste dochter van mijn zus wilde graag een Hbo-opleiding in Nederland volgen, maar ze was nog maar 17. Ik zei meteen volmondig ja. Ik dacht dat ik alleen iemand in huis nam en dat was geen probleem. Ik heb een zolderkamer en mijn nichtje kon daar wonen. Ik wist niet dat je ook tijdelijk voogd moest worden. En dat er een voogdijregeling bestaat tussen Nederland en het Caribisch deel van het Nederlandse Koninkrijk. Voogdijregeling De verplichting om een voogd te benoemen komt voort uit de Voogdijregeling Antilliaanse en Arubaanse Minderjarigen. Deze regeling is een onderdeel van een officiële overeenkomst tussen de toenmalige Nederlandse, Antilliaanse en Arubaanse ministers van justitie over de samenwerking op het gebied van de voogdij over minderjarige Antillianen en Arubanen. Ik kom in aanmerking Iedereen die achttien jaar of ouder is en niet onder curatele staat of aan een geestelijke stoornis lijdt, kan tijdelijke voogd worden. Ouders kunnen zelf voorstellen aan wie zij de tijdelijke voogdij over hun kind willen toevertrouwen. Nou, ik kwam in aanmerking. De eerste stap was gezet. Benoeming De Voogdijraad op Curaçao bepaalt of de persoon benoemd kan worden. Een tijdelijk voogd wordt benoemd door de rechter. Ik moest een verklaring afleggen bij de gemeente Tilburg en een verklaring afleggen dat ik voor mijn nichtje wilde zorgen en de opvoeding voor mijn rekening wilde nemen. Ook moest ik verklaren dat ik mijn nichtje in huis wilde nemen. Uiteraard moest ik bewijzen dat ik in de gemeente Tilburg ingeschreven was. Verklaring van geen bezwaar Een jongere kan pas naar Nederland vertrekken als de Voogdijraad van Curaçao een Verklaring van geen bezwaar heeft afgegeven. Hierin staat wie in Nederland met de tijdelijke voogdij van de jongere wordt belast. De Raad voor de Kinderbescherming in Nederland doet op verzoek van de Voogdijraad op Curaçao onderzoek naar de tijdelijke voogd. Onderzoek Raad voor de Kinderbescherming De Raad van Kinderbescherming onderzocht of ik de taak als tijdelijk voogd op me kon en wilde nemen. Ik kreeg een interview van ruim een uur. Hoe goed kende ik mijn nichtje, wat wist ik van haar, hoe ik woonde, wat voor werk deed ik, hoe was mijn gezinssamenstelling etc. Vervolgens werd een rapport opgesteld en samen met een aanbeveling verstuurd naar de Voogdijraad op Curaçao. Ik word voogd Na ruim acht weken kwam voor mij het verlossende woord. De rechter benoemde mij tot tijdelijke voogd. Mijn nichtje mocht uit Curaçao vertrekken om haat studie in Nederland te beginnen. Voor meer informatie over dit onderwerp: klik hier Carmine Palm zit in de redactie van BAAT. Sinds deze zomer woont haar nichtje uit Curaҫao bij haar.
Door redactie op woensdag 30 oktober 2013
Andrea (leeftijd) is een Antilliaanse tienermoeder. Zij vertelt: “Mijn moeder was erg trots toen ik in juni 2008 te horen kreeg dat ik geslaagd was voor mijn VWO-examen. Ook de hele familie, vrienden en kennissen waren trots en hoopvol met betrekking tot mijn toekomst als student in Nederland. Het KLM-ticket was geboekt en mijn inschrijving aan de Universiteit van Amsterdam was geregeld. Ik zou in augustus 2008 vertrekken om aan een rechtenstudie van vier jaar en een nieuwe fase in mijn leven te beginnen. Mijn wereld stortte in In juli 2008 ontdekte ik mijn zwangerschap. Ongelukje? Welnee, met alle mogelijke anti conceptie methodes is een ‘ongelukje’ anno nu niet te verklaren. Ongepland, dat wel. Een verschrikkelijk slechte timing, dat ook. Mijn wereld stortte in. Hoe moest ik dit aanpakken? Wilde ik wel moeder worden en was ik daar klaar voor? Het antwoord op beide vragen was nee. Ik wilde nog geen moeder worden en ik was er helemaal niet klaar voor. Toch naar Nederland vertrokken Toch besloot ik om de zwangerschap voort te zetten. Ik kon mijn beslissing niet uitleggen: ik had geen middelen om een kind mee groot te brengen en wist niet hoe ik het ouderschap kon combineren met mijn studie. Die ik beslist voort wilde zetten. Het was mijn intuïtie die een voor de hand liggende abortus tegenhield. Ik wilde de euforie van mijn trotse familieleden niet verpesten en zonder iemand over mijn zwangerschap te vertellen ben ik naar Nederland vertrokken om aan mijn studie te beginnen. Zoeken naar opvang Terwijl ik mijn boekenlijst online bestelde en met overige studie gerelateerde zaken bezig was, onderzocht ik de mogelijkheden voor opvang van zwangere vrouwen. In de eerste week in Nederland heb ik kennis gemaakt met het Leger des Heils, FIOM, De Bocht en nog vele andere organisaties die zich inzetten voor zwangere vrouwen. Overal haalde ik informatie over hoe ik mijn studie zou kunnen combineren met het ouderschap. Rust gevonden in Tilburg Ik besefte dat er geen reden was voor paniek en dat het spreekwoord ‘waar een wil is, is een weg’ inderdaad iets betekende. Door mijn positieve instelling en dankzij de beschermengeltjes op mijn schouder gingen deuren voor mij open. Ik heb het mooie studentenleven in Amsterdam waar ik van droomde achter me gelaten en heb in Tilburg de rust gevonden die ik graag aan mijn kind wilde bieden.” De naam van Andrea is om privacy-redenen gefingeerd.
Door redactie op woensdag 23 oktober 2013
Antilliaanse tieners tussen de 15 en 19 jaar in Nederland zijn zes keer vaker tienermoeder dan het totaal aantal tienermoeders in Nederland. Dit blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).In 2012 kregen in Nederland 2.200 meisjes onder de 20 jaar een kind, het laagste cijfer dat het CBS ooit heeft geconstateerd. Dat is 4,5 op de duizend meisjes. Veertig jaar geleden lag het geboortecijfer nog op 22,3 per duizend meisjes. In vrijwel geen enkel ander Europees land is het geboortecijfer onder tieners nu zo laag als in Nederland.Grote verschillen Ondanks het feit dat het totale aantal tienermoeders in Nederland al ruim veertig jaar daalt, neemt het aantal tienermoeders onder meisjes met een Antilliaanse achtergrond bijna niet af en blijft gewoon hoog. Onder Antilliaanse vrouwen blijft het aantal tienermoeders relatief hoog. Het aantal zwangerschappen onder de eerste generatie is zes keer zo hoog als het gemiddelde voor Nederland. Het geboortecijfer onder de Antilliaanse tieners is 27 per duizend meisjesTweede generatie Onder de tweede generatie tienermeisjes ligt het aantal tienerzwangerschappen een stuk lager, 16 per duizend meisjes. Nog steeds boven het gemiddelde.Veel alleenstaande moeders Veel van de Antilliaanse tienermoeders zijn alleenstaande moeders. Vaak kunnen ze hun opleiding niet kunnen afronden, moeilijk een baan krijgen en door hun slechte sociaaleconomische positie in een sociaal isolement belanden. Ook ontstaan er problemen in de familie. De jonge moeders worden verstoten of moeten met het kind inwonen wat weer tot conflicten leidt. Tienermoeders zijn geen slechtere moeders Er een negatief beeld over alleenstaande tienermoeders. De samenleving veroordeelt een jong kind dat al moeder is of zwanger. Maar tienermoeders zijn ondanks hun jonge leeftijd, niet per definitie slechte moeders. Zeker niet als ze de juiste hulp krijgen. Overigens is het niet de leeftijd van de moeder die bepaalt of iemand een goede moeder is. De leeftijd van de moeder bepaalt niet of iemand een goede moeder is, maar of iemand bewust heeft gekozen voor een kind. Lees volgende week het verhaal van een Antilliaanse tienermoeder….
Door redactie op woensdag 16 oktober 2013
Wat heeft de Curaçaose politiek met sport te maken? Jeroen Baldwin vroeg zich dat ook af. Hieronder een bijdrage. Jeroen is een Tilburger die op Curaçao woont. Hij is sportredacteur van de Amigoe, een Nederlandstalige krant op Curaçao. Dringende oproep Eerlijk gezegd? Ik vind het om te kotsen. Er is een Curaçaoënaar die een internationale topprestatie levert in zijn sport en zijn land daarmee op de wereldkaart zet en de heren politici buitelen weer over elkaar heen om maar te kunnen scoren. Met andermans veren dus. Bah. Ergens vorige week begon het. Asjes die iets riep over Wladimir ‘Coco’ Balentien. Anderen plaatsten ‘popie’ berichtjes op Facebook. En een of andere onverlaat bedacht dat iedereen de vlag moest uithangen om Balentien te steunen in zijn jacht op het homerunrecord in Japan. Ik zag het allemaal voorbij komen en werd er onpasselijk van. Nu Balentien het record heeft verbroken barst het helemaal los. De regering stuurt een persbericht met de ‘officiële’ felicitaties. Schotte vindt dat er een straat naar Balentien genoemd moet worden. Ik meende gehoord te hebben dat Asjes riep dat de regering de komende jaren miljoenen gaat investeren in de sport... En dan zullen de heren straks pontificaal klaar staan op Hato om hun held te verwelkomen. Familie en fans aan de kant, want de politici hebben voorrang. Jee, wat zullen er weer een foto’s worden gemaakt. Het is niet te hopen dat ze allemaal – zoals Schotte deed toen Churandy Martina aankwam na de Olympische Spelen vorig jaar – hun eigen promotieteam meenemen. Echt, ik word al niet goed nu ik dit opschrijf. Waarom deze tirade, vraagt u zich af? Welnu, omdat ik niet kan uitstáán dat de politici goede sier willen maken met topprestaties van anderen. Ze doen het om te scoren, uit eigenbelang. Ze beseffen dat de Curaçaose sporters immens populair zijn bij het volk. Terécht populair zijn bij het volk. Jongens en meisjes, mannen en vrouwen die Curaçao op een positieve wijze op de kaart zetten met wereldprestaties in hun tak van sport. Ondanks het feit dat hun land nauwelijks iets voor ze heeft betekend. Ga maar na, de sportaccommodaties zijn om te huilen zo slecht. Het nationale stadion is zo goed als failliet. Clubs hebben geen cent om te investeren in materiaal, laat stáán in goede trainers. Individuele sporters moeten hun reizen naar internationale wedstrijden zelf betalen of smeken om een bijdrage van een sponsor. Het bedrijfsleven onderkent het belang van de sport wel. Veel bedrijven doen aan sportsponsoring, natuurlijk ook enigszins in eigen belang, maar toch. Ze doen het wél. In de regering wordt alleen maar gesproken over ‘we moeten iets voor de jeugd doen’, maar boter bij de vis, ho maar. Nee, heren politici, hierbij een dringend verzoek. Laat u niet in met de sport totdat u ook daadwerkelijk een aandeel heeft in de prestaties van onze sporters. En misbruik ze niet door over hun rug te scoren, dat geeft geen pas.
Door redactie op woensdag 9 oktober 2013
Donderdag is het 10 oktober. Curaҫao bestaat dan 3 jaar als land binnen het Koninkrijk. Hieronder een bijdrage van Jeroen Baldwin, een Tilburger die op Curaçao woont en werkt. Jeroen is sportredacteur van de Amigoe, een Nederlandstalige krant op Curaçao. Hond Ik ben aan het werk en stond net buiten even een sigaretje te doen. Mijn oog viel op een - jaren geleden - stuk gestort beton en ik zag er twee hondenpootjes in vereeuwigd staan. Ik schoot in de lach. Mooi, die honden op Curaçao. Ze horen er helemaal bij. Een oom van een vriend van me sprak ooit de gedenkwaardige woorden ‘als de honden op Curaçao weten hoe de honden in Nederland leven, staan ze vanavond nog in de vertrekhal op Hato’. Ik moest ook denken aan een ander beeld en mijn lach werd nog veel breder. Het was 11 oktober 2010. Ik woonde nog in Nederland en zat achter mijn computer, op zoek naar beelden van alle gebeurtenissen op Curaçao, een dag eerder. U weet wel, 10-10-‘10. Er kwam aardig wat voorbij, maar wat precies weet ik eigenlijk niet meer. Een boel belangrijke mensen op een spreekgestoelte in elk geval die veel gewichtige woorden uitspraken. Vergeef me als ik de precieze setting niet meer weet, maar in mijn gedachten ging het zo: op zeker moment moest de vlag van Curaçao gehesen worden. Een plechtig moment, want het zou voor het eerst zijn dat de vlag van het autonome Curaçao gehesen werd. Niks meer Antilliaanse vlag. Nee, de diepblauwe vlag met het grote en kleine gele sterretje. Ik kan me zo voorstellen dat er aan dat moment heel wat vooraf was gegaan. De boel rondom het Brionplein, waar alles zou gaan plaatsvinden, was keurig opgeruimd. Bepaalde elementen hadden een likje verf gekregen; rottend hout was vervangen door nieuwe planken; er waren tribunes geplaatst; er waren planten, bloemen, van alles. Alles om er een dag van te maken waarop alles klopte. Waarop alles volgens plan verliep. Vroeg op de dag al was de omgeving van het Brionplein afgezet. Geen auto’s, geen andere zaken die in de weg konden staan. Er was een veiligheidscordon opgebouwd en alles was klaar voor een prachtige avond. Een avond waarop Curaçao Land Curaçao zou gaan worden. Het was de eerste echte ‘Nos Mes Por’-actie. Nadat vele hotemetoten hun zegje hadden gedaan was het tijd om de vlag te hijsen. Zoals ik al zei, het was een zeer plechtig moment. Iedereen was stil. Degene op het spreekgestoelte kondigde het hijsen van de vlag aan, maar op het moment dat hij daarmee bezig was, viel zijn oog op iets dat niet thuis hoorde op deze avond en deze plaats, in zijn beleving althans. Een andere camera pakte het tafereel op. Vanuit het niets kwam daar plotseling een hond het Brionplein opgelopen. Alsof het een gewone dag was kruiste de hond het Brionplein. Terwijl hij liep, keek hij nog eens in de camera en leek zijn schouders op te halen. Hij kwam uit de haag mensen die het plein omzoomden en verdween er ook weer, aan de andere kant. De hond keek alsof hij wilde zeggen ‘hallo, ik loop hier altijd, hoor’. Ik probeerde me in de hond te verplaatsen om na te gaan wat hij dacht. Het zal zoiets geweest zijn als: ‘eigen land, eigen vlag, veel gedoe, maar het blijft gewoon Curaçao, hoor. Het Curaçao waar ik rond loop, op zoek naar wat te bikken en naar een lekker ding dat ik dan het hof kan maken. Lekker belangrijk allemaal. Morgen loop ik hier weer. Dan zijn jullie er vast niet’.
Door redactie op woensdag 2 oktober 2013
De tweede generatie Antilliaanse en Arubaanse vrouwen in Nederland werkt meer dan autochtone Nederlanders. Driekwart van de Antilliaanse en Arubaanse vrouwen heeft 12 uur of meer per week een betaalde functie. Voor autochtone Nederlanders is dat 68 procent. De tweede generatie niet-westerse vrouwen heeft ook vaker een voltijdbaan dan westerse vrouwen. Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) bij een onderzoek naar arbeidsparticipatie van vrouwen van 25 tot 65 jaar naar herkomst en generatie. Autochtoon heeft vaker betaald werk Autochtone vrouwen van 25 tot 65 jaar hebben vaker betaald werk dan niet-westerse allochtone vrouwen. In 2012 had 68 procent van de autochtone vrouwen van 25 tot 65 jaar een baan van twaalf uur of meer per week. Van de niet-westerse allochtone vrouwen van dezelfde leeftijd behoorde 52 procent tot de werkzame beroepsbevolking. Arbeidsdeelname tweede generatie even hoog als autochtoon Ongeveer één op de vijf niet-westerse vrouwen is in Nederland geboren. Dit is de tweede generatie. De arbeidsdeelname van deze tweede generatie is even hoog als die van autochtone vrouwen. Het aandeel met een baan is bij deze tweede generatie met 68 procent even groot als bij autochtone vrouwen. Van de vrouwen uit de eerste generatie is minder dan de helft (48 procent) aan het werk. Arbeidsdeelname vrouwen van 25 tot 65 jaar naar herkomst en generatie, 2012 Niet-westerse vrouw werkt vaker voltijds Werkende vrouwen van niet-westerse herkomst werken vaker voltijds dan autochtone vrouwen. Dat geldt vooral voor de tweede generatie. In 2012 had van de eerste generatie 36 procent en van de tweede generatie 46 procent een voltijdbaan, tegenover 27 procent van de autochtonen. Vergeleken met autochtone vrouwen, werken niet-westerse vrouwen minder vaak in kleine deeltijdbanen van 12 tot 24 uur per week. Van de niet-westerse vrouwen die in Nederland zijn geboren heeft 14 procent zo’n baan, bij de autochtone vrouwen is dat ruim twee keer zoveel.
Door redactie op woensdag 18 september 2013
BAAT is deze dagen in de ban van de politiek. Op 15 september was Joseph in Tilburg met zijn nieuwste roman ‘Verkiezingsdans’. Een roman over persoonlijke opoffering, corrupte politici, georganiseerde misdaad, liefde en seks die zich afspeelt op Curaçao. Vandaag een ingezonden stuk van Jeroen Baldwin. Jeroen Baldwin is een Tilburger die op Curaçao woont en werkt. Hij is sportredacteur van de Amigoe, een Nederlandstalige krant op Curaçao. Politieke partij Ik denk dat ik een politieke partij ga oprichten. Waarom? Da’s een goeie. Laat ik het antwoord op die vraag hier eens even motiveren. Een politieke partij dus. Omdat ik een politiek dier ben? Integendeel, ik lees of maak liever de sportpagina’s in de krant. Omdat ik graag vergader? Echt niet, dat oeverloze gezwets! Omdat ik graag met mijn gezicht in de krant kom? Neuh, moet je de hele dag opletten dat ze je goede kant fotograferen en dat je haar een beetje goed zit. Want ja, ijdel moet je volgens mij wel zijn als politicus. Omdat het zoveel schuift? Is dat zo? Dat is iets dat ik nog moet uitzoeken. Omdat ik dan misschien wel populair word? Nou, dat lijkt me op zich best leuk, maar dan word ik liever beroemd met iets dat écht aanspreekt bij de mensen. Sport, muziek of kunst of zo. Dat je écht een held bent, weet je wel? Omdat iedereen dan iets van me wil? Alsjeblieft niet! Ik kan heel moeilijk nee zeggen namelijk. Is trouwens wel een goeie eigenschap voor een politicus, zo krijg ik de indruk. Omdat ik dan gratis kaartjes krijg voor leuke evenementen? Eeh, nou… Ik heb laatst kaartjes voor mij en mijn ega gekocht voor het North Sea Jazz Festival. Als ik die in het vervolg gratis kan krijgen, zeg ik geen nee. Omdat ik dan beveiliging krijg? Tja, dat is tegenwoordig voor niemand overbodige luxe. Maar doe mij dan Gianni Francisca, zij kan lekker boksen, heb ik laatst gezien. En het lijkt me ook een gezellige tante. Omdat ik dan een privéchauffeur krijg? Ook best prettig eigenlijk. Je word er zo moe van om als een soort autocrosser alle gaten te moeten ontwijken omdat anders je auto naar de gallemiezen gaat. Met een chauffeur ben ik van dat probleem af en als-ie eens een gaatje pakt, och, het is toch een auto ‘van de zaak’. Omdat ik dan op alle feestjes en bij openingen word uitgenodigd? Kan leuk zijn, maar dan krijg ik ruzie thuis op den duur, vermoed ik. En bovendien, dan zal ik flink moeten gaan sporten, want anders groei ik dicht, denk ik. Omdat ik zelf mijn agenda een beetje kan bepalen? Zo van: zal ik naar de Statenvergadering gaan of niet? Hé trouwens, dat lijkt me nou wel wat, nu ik er zo over nadenk. Omdat mijn kind dan op elke school die ik zou willen aangenomen word? Hm... Omdat ik dan zo af en toe eens lekker naar het buitenland kan? Business class vliegen, de beste hotels? Ja! Ik heb inmiddels toch een aardig lijstje gemaakt, denk ik. Nu moet ik gaan strepen. De voor- en nadelen tegen elkaar afwegen. Want wat vind ik belangrijk en wat niet? Moeilijk, moeilijk... Ach, weet je wat: dat komt wel, laat ik nu eerst maar eens een naam voor mijn partij verzinnen.
Door redactie op woensdag 11 september 2013
De Curaçaose schrijver Joseph (Jopi) Hart is even in Nederland om zijn nieuwe roman ‘Verkiezingsdans’ onder de aandacht te brengen. Op 15 september doet hij dat in Tilburg. En hij is blij om weer in Tilburg te zijn: “I love the place.” Een interview. Jopi Hart werkte aan het begin van zijn carrière als leraar Engels in Tilburg. Onder meer op het Theresia Lyceum. Hij ziet overeenkomsten tussen Tilburg en Curaçao: “Neem nou het Carnaval. Tilburgers én Antillianen zijn er dol op. En de sfeer in Tilburg is gemoedelijk. Wij Antillianen voelen ons hier op ons gemak. Je maakt gemakkelijk vrienden. Ik spreek zelfs Tilburgs!” Wat later in het gesprek wordt bevestigd als hij het woord ‘schuppen’ gebruikt in plaats van ‘schoppen’. Uitzichtloze situaties Toch bleef Hart destijds niet in Tilburg. “Curaçao trok heel hard. Ik ben een nationalist, begaan met mijn eiland, en met de wijk Otrobanda.” Zijn nieuwe boek ‘Verkiezingsdans’ speelt zich dan ook helemaal af op Curaçao. Wie het leest, heeft de neiging droevig te worden van de uitzichtloze situaties die Hart beschrijft: armoede, drugs, afwezige vaders, mishandeling, vriendjespolitiek… Is Hart somber over de toekomst van Curaçao? Er is hoop voor Curaçao “Nee”, zegt hij stellig. “Ik ben niet somber, omdat er op Curaçao veel mensen zijn met kennis van zaken, die echt begaan zijn met het eiland. Zij doen hun best om dingen te verbeteren.” Hij noemt als voorbeeld Bernard Whiteman, minister van Volksgezondheid. “Die is volkomen onkreukbaar. Als ik hem zie, dan heb ik vertrouwen in Curaçao. En hij is een oud-leerling van mij, hè.” Ook een stichting als SEDA die opkomt voor de belangen van de Curaçaose vrouw doet goed werk. “Door zulke mensen en instanties heb ik hoop voor het eiland.” Hoofdpersoon boek is een idealist Hart wil overigens wel wat rechtzetten. “Mijn boek is niet alleen maar somber. Ja, hoofdpersoon Matthew Bartels heeft een moeilijke jeugd gehad. Maar hij is een idealist, heeft een visie en draagt die uit. Hij komt in de politiek en kan dan zijn idealen verwezenlijken. Het is moeilijk, want ook hij wordt geconfronteerd met corruptie. Maar het is mogelijk.” Oud & Nieuw op de Pontjesbrug Zijn ogen beginnen te glimmen als hij praat over 31 december. “Heb je wel eens Oud & Nieuw gevierd op de Emmabrug, de pontjesbrug op Curaçao? Daar heerst dan een saamhorigheid om u tegen te zeggen. Het ‘wij-gevoel’ ís er op Curaçao. Maar je hebt een Matthew nodig om het eruit te trekken. En het moet eerst slechter worden voordat het beter wordt. Echt, het wordt beter! Door goede mensen komen we eruit. Mijn boek eindigt dan ook positief.” Hij verheugt zich op de bijeenkomst in Tilburg op 15 september. “Ik ga mijn boek presenteren en er uit voorlezen. Maar ik hoop vooral dat er veel vragen komen vanuit de zaal.”   Kom ook naar de boekpresentatie ‘Verkiezingsdans’    Wanneer: zondag 15 september van 14:00 - 17:00 uur Waar: Sirkulo Antiyano Tilburg (SAT), Goirkestraat 80 in Tilburg Muzikale omlijsting: Rudy Emerenciana Entree: gratis. Wel even aanmelden bij info@baat013.nl Joseph (Jopi) Hart (Bonaire, 1940) was leraar Engels (Havo/VWO en    Universiteit van de Nederlandse Antillen). Na zijn pensionering wijdde hij zich volledig aan het schrijven. Hij publiceerde Entrega (2000), een bundel gedichten, en de romans Election Dance (2006) en The Yard (2010). Joseph Hart schreef Verkiezingsdans (2013) in het Nederlands. Hij beschouwt de roman als het Nederlandstalige origineel van Election Dance.