Door redactie op woensdag 3 september 2014
Maristella Martis schreef samen met haar moeder en man het boek ’Amor pa grandinan’. De moeder van Maristella is Mildred Straker. Ook zij schreef een boek: ‘Curaçao Antes’. Wat beweegt moeder en dochter om boeken te schrijven? Een portret van twee veelzijdige vrouwen. Vandaag deel 1: Mildred Straker. Volgende week het tweede deel: Maristella Martis. Mildred Straker is in 1940 op Curaçao geboren en opgegroeid op Groot Kwartier. “Een kind van de oorlog” zegt ze zelf. Ze komt uit een groot gezin, 11 kinderen. “Ik heb een leuke jeugd gehad. We speelden allerlei spelletjes op straat zoals telefon di bleki, kaatsenballen, bikkelen, hinkelen en touwtjes springen. Bij het touwtjes springen zongen we allerlei kinderversjes in het Nederlands. Zoals ‘Anna stond te wachten, te wachten op haar man’.” Nieuwsberichten lezen In 1958 ging Mildred werken bij Radio Hoyer. Ze heeft tot 1995 gewerkt. Zij moest eerst de telefoon bedienen, maar er was niet veel te doen. Dus ging Mildred nieuwsberichten die binnen kwamen lezen. “Ik las alles, want van school af hield ik van lezen.” Van 1995 tot 2005 werkte ze als omroepster bij een ander radiostation. Presenteren Kort daarna werd Mildred achter de microfoon gezet om het nieuws te presenteren. “Ik had helemaal geen ervaring. Maar ik deed het gewoon. En ik deed het goed. Ik kon het nieuws voorlezen in het Spaans, Engels, Nederlands en later in het Papiaments.” Mildred las niet alleen het nieuws maar ze deed ook de techniek. Typisch Mildred: dingen zelf doen. Tanchi Mildred In de jaren 70 presenteerde Mildred een kinderprogramma ‘Floresia Hubenil. Ze werd bekend als Tanchi Mildred. “Mensen spreken mij nog hier op aan”. Mildred had zin in een kinderprogramma en mocht zelf ook het programma helemaal inrichten. “Ik ging naar Horacio Hoyer, de oprichter van het radiostation, en zei tegen hem: Geef mij een kwartier van het pianoprogramma en dan maak ik een kinderprogramma.” En dat gebeurde. Het kwartiertje werd binnen korte tijd twee uur. Tijdschriften Mildred produceerde ook tijdschriften voor de jeugd en ook voor ouderen. Esaki ta mi tera In de jaren 80 kreeg Mildred een weer ander idee. Ze wilde iets cultureels gaan doen. Ze maakte het programma ‘Esaki ta mi tera.’ Het programma gaat over de geschiedenis van Curaçao van de 18e tot en met de 20ste eeuw en over verhalen van populaire schrijvers. Weer produceerde en presenteerde zij zelf het programma. Naar Nederland In 2005 kwam Mildred naar Nederland voor een vakantie van 3 maanden. Haar 3 kinderen woonden inmiddels al in Nederland. Mildred besloot te blijven. In het begin had ze wel heimwee maar daarna ging het prima. Want, zegt Mildred, “Ik kan doen waar ik zin in heb. In 2006 maakte ik via mijn zus kennis met Antaru 55+, een club voor senioren in Tilburg. Het is even gezellig als op Curaçao. Via Antaru55+ ben ik in aanraking gekomen met het Koor Kleurrijke Mama’s in Tilburg. En ik zing ook nog steeds af en toen mariachi liedjes.” Boek: Curaçao di antes Al het materiaal van het programma ‘Esaki ta mi tera’ heeft Mildred meegenomen naar Nederland. Omdat Mildred niet stil kan zitten heeft zij van dit materiaal een boek gemaakt: ‘Curaçao di antes’. ”Ik wilde een boek. Ik had niks te doen en ik had prachtig materiaal in mijn bezit. Ik heb het allemaal zelf geschreven en geproduceerd.” Het boek werd voornamelijk op Curaçao en onder Curaçaoënaars in Nederland verkocht. Het boek is in het Papiaments want anders “e saus ta kita.” Meer informatie Het boek is jammer genoeg niet meer verkrijgbaar.
Door Carmon op dinsdag 26 augustus 2014
In het Caribisch gebied kun je lekker eten. Maar wist u dat veel van die gerechten hun oorsprong vinden in de slaventijd? Die gerechten worden ‘food of slavery’ genoemd. Delilah Eugenio weet alles over deze bijzondere keuken. Ze vertelt erover in dit artikel. En nodigt u uit om zelf te komen proeven. De benaming ‘food of slavery’ is te danken aan het verleden, toen er voor de armen en slaven weinig middelen ter beschikking waren. Deze eetgewoontes hebben velen van onze voorouders de kracht gegeven om zware werkzaamheden te verrichten, vele kilometers af te leggen en tóch gezond te blijven. Door met de beschikbare middelen te experimenteren, creëerde men de meest merkwaardige en geweldige gerechten die tot op de dag van vandaag aangeduid worden als armengerechten (kuminda di hende pober), terwijl ze heel voedzaam waren. De kunst was om met weinig middelen toch een gezin van 10 tot 12 personen te voeden. Het ontstaan van tutu Men wist van producten zoals maïsmeel de lekkerste pap of funchi te maken (polenta, maismeelkoek). Van rijst werd papa di aros (rijstepap) gemaakt, en van bonen heerlijke bonensoepjes. Later verzon men allerlei nieuwe gerechten om wat meer variatie te krijgen. Zo ontstond onze ’tutu’, een mengsel gemaakt van kidneybonensoep (bonchi kora / bonchi wowo pretu) en funchi. En ook tutu di sebu (funchi gemengd met varkensbuikvet). Dit gerecht was zo voedzaam dat men een hele werkdag niks meer hoefde te eten. De veelzijdige funchi Funchi werd in combinatie met vele bijgerechten gegeten zoals giambo (okersoep), cadushi (cactussoep) en guarapa di tamarijn (tamarindesoep). Het lekkerste was natuurlijk wanneer de funchi daags daarna in schijven werd gesneden, lekker in olie gebakken en met zout werd bestrooid: funchi hasa (Tacos). Kinderen kregen vaak funchi hasa in plaats van boterhammen mee naar school. Zat men écht op zwart zaad (tempi berans), dan kreeg je funchi ku manteka (boter), suku (suiker), kalmeki (karnemelk), lechi (melk), sardienchi/piska/bokkel (sardientjes, vis, bokking), spam (lunchmeet) of cornedbeef voorgeschoteld. De reskoek Een ander gerecht dat met weinig middelen toch voedzaam was, was de reskoek (pannenkoeken), gemaakt van meel, een snufje zout /suiker, water of melk en indien mogelijk kaneel en rozijnen. Men maakte het beslag zo dik dat je een voldaan gevoel kreeg na het eten van 1 of 2 stuks. Bekende variaties zijn: reskoek di aros (pannenkoek met rijst), reskoek of repa di pampuna (pompoen pannenkoek), reskoek di bakoba (bananen pannenkoek) en reskoek ku keshi (kaas pannenkoek). Dranken Verfrissende limonadesiroop maakte men van de tamarinde of limoenvrucht, gekookt in water met bruine suiker. Kruidenthee werd getrokken van verschillende kruidenbladeren zoals oregano, limoengras (citroengras), sorsaka (zuurzak), tamarijn (Tamarinde). In mijn voorraadkast ontbreken nooit een zak funchi, blikjes lunchmeet, sardientjes, saucijsjes of cornedbeef. Want je weet nooit wanneer er een crisis uitbreekt! Wilt u de oorspronkelijke gerechten uit het Caribisch gebied zelf ook proeven? Mi Tayó (Mijn Bordje) nodigt u uit om op 29 augustus te komen genieten van de pure eenvoud van eten dat door de eeuwen heen de grootste rijkdom van het Caribisch gebied vormt. Dit wordt georganiseerd ter gelegenheid van de nationale ‘Dia di Tula’ op Curaçao op 17 augustus. Tula was aanvoerder van de grote Curaçaose slavenopstand van 1795. Datum: 29 augustus Tijd: 18:30 – 22:00 uur Prijs: € 10,- Locatie: Wijkcentrum De Poorten, Hasseltstraat 194, Tilburg Kaartverkoop:  06 – 24439579 Delilah Eugenio
Door Carmon op woensdag 2 juli 2014
Ook Curaçao raakt steeds meer in de ban van het WK voetbal 2014. Het Nederlands elftal is na het doelpunt van Leroy Fer tegen Chili één van de favorieten op het Caribisch eiland. Op veel plaatsen zijn de wedstrijden te zien op grote schermen. Een impressie. Cabana Beach heet Playa Oranje   Kokomo Beach heet Kokomo polar arena   Royal Dutch Cheesery   Plein Café Wilhelmina   Opa van Leroy Fer juicht bij het doelpunt van Leroy bij Chit Chat
Door redactie op woensdag 11 juni 2014
Waarom beperkt de Nederlandse man zich tijdens zijn huwelijksleven meestal tot één vrouw en de Curaçaose man, die toch ook voor het altaar stond en dezelfde juridische regels kent, blijkbaar niet? De algemene stereotype beeldvorming van de sociale werkelijkheid van de Curaçaose man is dat hij naast zijn vrouw of vriendin regelmatig een tweede of derde ‘bijslaap’ heeft. De Curaçaose man lijkt het begrip huwelijkstrouw voornamelijk op te vatten als: financieel voor je vrouw zorgen. Is dit nu echt de algemeen geaccepteerde norm geworden? Is een man op Curaçao nu eenmaal meer een levensgenieter en een jager? En is de Curaçaose vrouw heimelijk blij met zo'n partner, want toont hij zich daarmee niet juist écht een man? ’Het tweede bed’ In het boek ’Het tweede bed’ stellen de schrijvers aan Curaçaose mannen en vrouwen een aantal vragen om erachter te komen of er een kern van waarheid zit in de stelling dat op Curaçao mannen meer vrouwen zouden hebben. En zo ja, wat de achtergronden zijn van dit fenomeen. In het boek komen ook deskundigen aan het woord. Veel Curaçaose mannen hebben een ‘by side’ De meeste geïnterviewden onderschrijven de stelling dat de Curaçaose man naast zijn vrouw of vaste vriendin één of meer vriendinnen heeft. Een belangrijke oorzaak voor dit gedrag is te vinden in het slavernijverleden. Slaven hadden toen geen recht op een gezinsleven, omdat ze elk moment verkocht konden worden. Een andere oorzaak ligt in het feit dat jongens in hun opvoeding een rolmodel missen van een man die wel trouw is. Ook wordt dit machogedrag op Curaçao maatschappelijk gezien getolereerd. ’De man is nu eenmaal zo’ De schrijvers komen tot de conclusie dat het begrip ‘trouw’ in de Curaçaose context anders wordt gedefinieerd dan in Nederland. Trouw betekent op Curaçao dat de man goed voor zijn wettige echtgenote of vaste vriendin zorgt. De situatie wordt door de gemeenschap geaccepteerd en het is een nieuwe norm geworden. ´De man is nu eenmaal zo’ is de heersende mythe in de Curaçaose cultuur geworden. En de vrouw past zich hier uit zelfbehoud op aan door het wel te zien, maar tegelijkertijd te ontkennen. Productinformatie van het boek “Het tweede Bed” Auteur:    Valdemar Marcha, Paul Verweel Co-auteur:    Jacqueline Werman Overige betrokkenen:    Jeroen Hoogendoorn   Uitgever:     Caribpublishing BV ISBN:    9789088501937 ISBN10:    9088501939    Bestel dit boek voor € 14,90 | Het-Tweede-Bed‎ | www.bol.com
Door redactie op woensdag 28 mei 2014
In Nederland haalde de PVV net zoals D66 vier zetels. De PvdA en de VVD komen beide uit op drie, de SP en ChristenUnie/SGP op twee zetels. De Partij voor de Dieren haalt voor het eerst een zetel, 50Plus haalt geen zetel en GroenLinks haalde twee zetels. Curaçao Het CDA won ook op Curaçao. De christendemocratische partij kreeg de helft van de uitgebrachte 556 stemmen. De nummer acht op deze lijst, is de op Curaçao geboren Marc Frans. Hij heeft campagne gevoerd op het eiland en sleepte daarmee 257 van de 282 stemmen binnen. D66 werd de tweede partij met 105 stemmen. PvdA en VVD kwamen ieder uit op 46 stemmen. Bonaire Op Bonaire heeft de lijst ‘Ik Kies voor Eerlijk’ de meeste stemmen gekregen. Aruba Ook op Aruba won het CDA. Het CDA kreeg 313 van de 870 uitgebrachte stemmen. Net als op Curaçao ging het overgrote deel van de stemmen naar Marc Frans. Als tweede werd de lijst “Ik kies voor eerlijk” met 249 stemmen. Deze stemmen gingen naar de kandidaat Armando Lampe die op Aruba woont. D66 kreeg 110 stemmen, PvdA 59, VVD 32, PVV 21 en GroenLinks ook 21 stemmen. Sint Maarten Op Sint Maarten is D66 de grote winnaar geworden met vijftig stemmen. De PvdA werd tweede met 33 stemmen Het CDA kreeg 19 stemmen, de VVD en GroenLinks ieder twaalf stemmen en de PVV tien.
Door Carmon op woensdag 30 april 2014
Op Bonaire wordt op 30 april al vijfentwintig jaar ‘Dia di Rincon’ gevierd. Het wordt daarom de Koninginnedag van Bonaire genoemd. In voorgaande jaren was 30 april al een officiële vrije dag omdat het Koninginnedag was. Maar sinds dit jaar is er op 27 april Koningsdag. Wat gebeurt er met ‘Dia di Rincon’? Op deze dag laten de bewoners van Rincon hun cultuur, hun tradities en hun geschiedenis zien. Duizenden mensen bezoeken het dorpje. Ze komen niet alleen van Bonaire maar ook uit andere Antilliaanse eilanden en zelfs uit Nederland. Wat ooit klein begon, is uitgegroeid tot een waar volksfeest. Bonairianen zijn bezorgd Sinds het besluit om met ingang van dit jaar Koningsdag op 27 april te vieren, maken Bonairianen zich zorgen over de viering van hun ‘Dia di Rincon’. Het feest is een succes omdat veel bezoekers uit Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Nederland naar Rincon komen. Als 30 april geen vrije dag meer is, komen ze niet meer omdat ze dan een vrije dag moeten opnemen. Vaak combineerden ze hun bezoek met de vrije dag op 1 mei: de Dag van de Arbeid. Argumenten voor 30 april ‘Dia di Rincon’ zorgt niet alleen voor de overdracht van het cultureel erfgoed, dat van levensbelang is voor het behoud van de Bonairiaanse identiteit. Het is ook het grootste volksfeest op het eiland. Het trekt jaarlijks een groot aantal bezoekers naar het eiland en is daarmee belangrijk voor de economie. 30 april is niet alleen voor Bonaire belangrijk. Het levert in combinatie met 1 mei extra vrije dagen op. Ook voor de inwoners van Curaçao, Aruba en St. Maarten, die daarvan gebruik maken om hun verblijf op Bonaire te verlengen. Stappen om te komen tot een vrije dag De Eilandsraad van Bonaire vindt dat 30 april in de toekomst een officiële vrije dag moet worden. Het Bestuurscollege van Bonaire heeft ook Curaçao en Aruba gevraagd om gezamenlijk te kijken of 30 april tot een officiële vrije dag kan worden uitgeroepen. Kort geleden heeft het Openbaar Lichaam Bonaire een verzoek ingediend bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelatie (BZK) om van 30 april een officiële feestdag te maken. Dit verzoek is in behandeling in Den Haag. Nog steeds geen vrije dag Nederland heeft nog geen toestemming gegeven om 30 april als officiële vrije dag aan te merken. Het Openbaar Lichaam Bonaire geeft haar ambtenaren vrij, maar de Rijksambtenaren krijgen geen vrij. Ook in de private sector moeten werknemers die dag gewoon werken. Op Aruba is op 27 april Koningsdag gevierd. Curaçao viert dit jaar Koningsdag op 30 april. Plasterk: officiële feestdag in 2015 Minister Plasterk stelt voor de aankomende 30 april een praktische oplossing te zoeken door afspraken te maken tussen werkgevers en werknemers. “Ik streef ernaar om in overleg tijdig de regelgeving aan te passen zodat 30 april 2015 een officiële feestdag kan zijn voor Bonaire.” Plasterk zegt dat hij de diensthoofden van de Rijksambtenaren op het eiland oproept om ruimte te creëren. Zodat iedereen op een passende manier de dag kan beleven.
Door redactie op woensdag 2 april 2014
Op 12 maart debatteerde de Tweede Kamer over het initiatiefwetsvoorstel ‘Vestigingseisen van Nederlanders uit Aruba, Curaçao en Sint Maarten in Nederland’, ook wel bekend als de Bosmanwet. Acht vragen mét antwoorden over dit wetsvoorstel 1. Wat regelt de Bosmanwet? VVD-Tweede Kamerlid André Bosman wil de instroom van inwoners van Aruba, Curaçao en Sint Maarten beperken. De VVD wil de prikkel om naar Nederland te komen wegnemen en de eilanden dwingen om zelf te investeren in hun mensen. 2. Houdt het wetsvoorstel rekening met andere verdragen? Bij dit initiatiefwetsvoorstel wordt rekening gehouden met de grenzen van de internationale verdragen, het Statuut voor het Koninkrijk en de Grondwet. De Bosmanwet is gemodelleerd naar de landsverordeningen die Aruba, Curaçao en Sint Maarten hebben om een grote instroom van personen op hun eilanden tegen te gaan. Deze landsverordeningen zijn destijds goedgekeurd, dus ziet de VVD’er niet in waarom het wetsvoorstel niet goedgekeurd kan worden. 3. Waarom wil de VVD Antillianen weren? Kansarme Antillianen staan vaak bovenaan in de lijstjes van criminaliteitscijfers. Volgens Bosman zijn er miljoenen in gestopt om ze op het rechte pad te krijgen maar vaak vergeefs. VVD en PvdA hebben overigens in het Regeerakkoord al afgesproken dat zij de vestiging van mensen uit Aruba, Curaçao en Sint Maarten wilden reguleren. 4. Wat zijn de criteria? Dat kan alleen wanneer zij voldoen aan de volgende criteria Ze hebben een baan of eigen bedrijf; Ze kunnen met eigen middelen in eigen onderhoud voorzien;  Ze volgen een erkende opleiding; Ze hebben een direct gezinslid in Nederland. De wet geldt niet voor mensen die voor de ingangsdatum al in Nederland staan ingeschreven. Personen die niet aan één van deze eisen voldoen krijgen geen vestigingsvergunning. Hierdoor kunnen zij bijvoorbeeld geen uitkering aanvragen. 5. Wat vind de commissie-Meijers van dit wetsvoorstel? De commissie Meijers onderzocht het wetsvoorstel. De commissie Meijers bestaat uit deskundigen op het gebied van vreemdelingenrecht en vindt dat dit wetsvoorstel er niet mag komen om de volgende redenen: De wet is onverenigbaar met internationale verplichtingen omdat er direct onderscheid tussen Nederlandse staatsburgers wordt gemaakt naar afkomst. De wet is strijd is met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. De wet Bosman draagt niet bij aan de oplossing van problemen en kan zelfs nieuwe veroorzaken. De betrokken Antilliaanse burgers zijn ook burgers van de Europese Unie (EU). Het voorstel is in strijd met het EU-recht, omdat de Antillianen zich niet mogen vestigen in een specifieke EU-lidstaat. 6. Kan dit niet anders geregeld worden? Ja, dat kan via een Rijkswet Personenverkeer. Als die er komt, trekt Bosman zijn wetsvoorstel in. Voor een rijkswet moeten alle landen in het Koninkrijk (Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten) afspraken met elkaar maken over hoe personen zich tussen de eilanden en Nederland kunnen verplaatsen en welke voorwaarden en regels daarbij gelden. In het (recente) verleden is vanuit Nederland een aantal keer geprobeerd een Rijkswet Personenverkeer te maken, maar deze initiatieven zijn altijd stukgelopen omdat de landen Aruba, Curaçao en Sint Maarten erop tegen waren. 7. Kan de Bosmanwet goedgekeurd worden? Ja, dat kan. Organisaties kunnen adviezen geven aan de Tweede Kamer, maar die zijn niet doorslaggevend. De Kamer bepaalt of deze wet er wel of niet komt. 8. Wat gebeurt er als de Tweede Kamer instemt met de Bosmanwet? Dan wordt het wetsvoorstel naar de Eerste Kamer gestuurd. Die gaat eerst schriftelijk vragen stellen en daarna over het wetsvoorstel debatteren. Ook de Eerste Kamer moet in meerderheid instemmen met het wetsvoorstel. Er kunnen in deze fase geen wijzigingen meer gedaan worden aan het wetsvoorstel. Als ook de Eerste Kamer instemt, moet de wet ondertekend worden door de Koning. Daarna is de wet een feit. Maar het is nog lang
Door Carmon op woensdag 26 februari 2014
Curaçaose studenten die in Nederland studeren weten vaak niet wat voor studietegemoetkoming ze ontvangen. Ook weten ze niet waar ze recht op hebben. Er is ook onduidelijkheid over terugbetalingen. Ex-studenten zitten vaak tot hun nek in de schulden door leningen die ze hebben afgesloten bij Wet Studiefinanciering (WSF) en/of bij Stichting Studiefinanciering Curaçao (SSC). De Curaçaose studenten in Nederland krijgen naast de studiefinanciering van Nederland, de Wet Studie Financiering (WSF), ook de studiefinanciering van de SSC. Je moet dus rekening houden met twee stelsels van studiefinanciering. Die hebben veel raakvlakken met elkaar, maar er zijn ook enkele verschillen. Dus als je in Nederland studeert, bestaat je studiefinanciering uit de basisfinanciering van de SSC en de WSF samen of alleen uit de WSF. Basisfinanciering van SSC De studiefinanciering van de SSC wordt basisfinanciering genoemd en bestaat uit: een basisbeurs, veen aanvullende beurs, een basislening. De basisfinanciering dient ter dekking van je kosten van collegegeld/lesgeld, boekengeld en verzekeringen. Maar ook dekt ze kosten van vestiging en uitrustingskosten. Basisbeurs Je hebt ongeacht het inkomen van je ouders recht op 30% van het basisnormbedrag als basisbeurs bij de SSC. De basisbeurs is een gift van de overheid om het studeren te stimuleren, die je als lening krijgt totdat je aan bepaalde voorwaarden voldoet. Met andere woorden: de basisbeurs is prestatie gebonden. Aanvullende beurs Van je ouders wordt verwacht dat zij 30% van alle essentiële studiekosten dragen. Afhankelijk van het inkomen van je ouders subsidieert de overheid volgens een vooropgesteld schema een deel van deze bijdrage of het hele bedrag. Het bedrag dat de overheid extra financiert voor je ouders, wordt aanvullende beurs genoemd. Voor de aanvullende beurs gelden dezelfde voorwaarden als voor de basisbeurs. Basislening De basislening is een rentedragende lening als aanvulling op de basisbeurs en de aanvullende beurs. Je kunt kiezen voor alleen de basisbeurs en de aanvullende beurs. De basislening is niet verplicht. Studiefinanciering WSF De Nederlandse WSF bestaat uit: een basisbeurs, veen aanvullende beurs, een rentedragende lening en een studentenreisproduct (OV-kaart). Basisbeurs De basisbeurs ontvangt iedere student die recht heeft op een studiefinanciering. Of en hoeveel aanvullende beurs je ontvangt, is afhankelijk van het inkomen van je ouders. Aanvullende beurs en lening bij WSF De basisbeurs en het studentenreisproduct zijn er voor iedereen. Een aanvullende beurs en een lening moet je extra aanvragen. Kunnen je ouders niet meebetalen, dan kun je een aanvullende beurs aanvragen. Je kunt zelf meebetalen aan je studie door naast je studie te werken of door bij ons te lenen. Studenten met ook SSC Studenten met een studiefinanciering van de SSC moeten voor het eerste jaar de maximale WSF aanvragen, dus zowel de basisbeurs, de aanvullende beurs, de rentedragende lening als de OV-kaart. Studieschuld bij twee instanties Na de studie heb je zowel bij de WSF als bij de SSC een studieschuld opgebouwd die rechtstreeks aan de desbetreffende instantie moet worden terugbetaald volgens de principes van elk stelsel. Terugbetaling bij SSC De basisbeurs en de aanvullende beurs hoeven alleen terugbetaald te worden als de student zijn studie voortijdig stopzet. Het betreft een prestatiebeurs die de overheid beschikbaar stelt. De hoogte van de opgebouwde schuld is afhankelijk van het moment waarop je stopt. De basislening betaal je altijd terug. Terugbetaling bij WSF Je beurs is een voorlopige lening. Die voorlopige lening wordt pas een gift als je je diploma binnen 10 jaar haalt, gerekend vanaf je eerste maand studiefinanciering. Dit noemen we ook wel 'prestatiebeurs'. Hoeveel beurs wordt omgezet in een gift, is afhankelijk van de waarde van je diploma. Haal je geen diploma, dan moet je alles terugbetalen: je basisbeurs, je aanvullende beurs en je studentenreisproduct. Alleen je aanvullende beurs over de eerste 5 maanden mag je altijd houden. De rentedragende lening betaal je altijd terug. Meer weten? Kijk op: http://www.ssc.an en http://www.ib-groep.nl/particulieren Stichting Studiefinanciering Curaçao (SSC) Iedereen krijgt: Basisbeurs Dit is een gift, behalve als je je studie niet afmaakt. Dan moet je de beurs terugbetalen. Afhankelijk van het inkomen van je ouders krijg je: Aanvullende beurs Dit is een gift, behalve als je je studie niet afmaakt. Dan moet je de beurs terugbetalen. Iedereen mag vrijwillig afsluiten: Basislening Na je studie moet je de lening terugbetalen, inclusief rente. Wet Studiefinanciering (WSF) Iedereen krijgt: Basisbeurs Dit is een gift, behalve als je je studie niet afmaakt. Dan moet je de beurs terugbetalen. Iedereen krijgt: Studentenreisproduct (OV-kaart) Als je je studie niet afmaakt, moet je de OV-kaart terug betalen. Afhankelijk van het inkomen van je ouders krijg je: Aanvullende beurs Dit is een gift, behalve als je je studie niet afmaakt. Dan moet je de beurs terugbetalen. Iedereen mag vrijwillig afsluiten: Rentedragende lening Na je studie moet je de lening terugbetalen, inclusief rente.
Door redactie op woensdag 12 februari 2014
Afgelopen vrijdag was op Curaçao de finale van de Festival di Tumba. De tumba is dé muziek van het Curaçaose Karnaval. Wat is een tumba en waar komt deze vandaan? Tumba is een tweedelige dans in tweekwartsmaat die gespeeld wordt op Aruba, Bonaire en Curaçao. De tumba is de meest oorspronkelijke muzieksoort van de eilanden. De tumba heeft een morele boodschap, is vrolijk en brengt mensen samen. Oorsprong tumba De oorsprong van de tumba ligt in Afrika. De naam tumba is afkomstig uit de Bantu-cultuur in Congo. Met de komst van Afrikaanse slaven op Curaçao kwamen ook de Afrikaanse ritmes. Deze ritmes werden gespeeld op landbouwgereedschappen (onder andere Benta, Wiri en Cachu) en zelfgemaakte trommels (Tambu grandi). Tokkel instrumenten in de tumba Tegen het einde van de 19de eeuw wordt ook gebruik gemaakt van tokkelinstrumenten zoals de kuarta (4-snarig gitaar) en de normale gitaar. Dit betekent echter niet, dat de tumba dan geheel van zijn Afrikaanse oorsprong ontdaan wordt. Piano in de tumba Met de komst van de viool en de piano in de tumba in dezelfde periode is ook de West-Europese invloed in de tumba een feit. Met deze invloed komt ook een verandering in de tumba: de Europese school noteert de maat en schrijft noten, de Afrikaanse school bepaalt het tempo. Dansmuziek voor iedereen De tumba wordt zo een polyritmische muzieksoort, waarin elke instrument haar eigen ritme aanhoudt, samengebonden door een instrument, die de melodie voortbrengt. De tumba is de dansmuziek voor iedereen. Een feest was dan ook alleen een feest, als er op piano-tumbamuziek gedanst kon worden. De muziek van het Curaçaose Karnaval De meest merkwaardige verandering die de tumba sinds de 1970er jaren heeft ondergaan is de zogenaamde tumba di karnaval. In 1971 werd de tumba dé muziek van het Curaçaose Carnaval, dat voor die tijd werd gedomineerd door Calypso en steelbands. In het Roxy Theater werd het allereerste tumbafestival gehouden. Boy Dap werd als eerste tot Tumbakoning gekroond. Festival di Tumba Festival di Tumba is een muziekwedstrijd die vier dagen duurt. Tijdens de Festival de Tumba worden carnavalsnummers gepresenteerd. In de finale komt de beste tumba di Karnaval van het jaar uit de bus. De vertolker van het winnende lied wordt de nieuwe Tumbakoning. Eigen vertolkers In haar ruim veertigjarig bestaan, heeft de tumba di karnaval haar eigen vooraanstaande vertolkers voortgebracht: Tata di tumba (tumba’s vader) Anselmus ‘Boy’ Dap, die het festival liefst tien keer op zijn naam wist te schrijven, Elia Isenia, de eerste Reina di (koningin van) Tumba en Farley Lourens, die de titel Rey (koning) drie keer achter elkaar wist te winnen.