Door redactie op donderdag 10 juli 2014
De discussie die eind vorig jaar ontstond over het fenomeen Zwarte Piet gaat deze zomer verder. Op 3 juli oordeelde de bestuursrechter dat burgemeester Van der Laan van Amsterdam de verleende vergunning voor de Sinterklaasintocht 2013 moet herzien. Ook vindt een VN-werkgroep Zwarte Piet racistisch. Een overzicht van de discussie. In 2011 start Quinsy Gario het kunstproject ’Zwarte Piet Is Racisme’. Tijdens de Sinterklaasintocht in Dordrecht dat jaar draagt hij een T-shirt met de tekst ‘Zwarte Piet Is Racisme’. Hij wordt gearresteerd. Wereldwijd verschijnen de berichten over de arrestatie. Quinsy vindt dat Zwarte Piet racistisch is en respectloos naar mensen van Afrikaanse afkomst. Sinterklaasintocht gaat door Tegenstanders van Zwarte Piet probeerden vorig jaar te voorkomen dat bij de Amsterdamse intocht van 17 november Zwarte Pieten meeliepen en spanden een kort geding aan. Ze hoopten hiermee te bereiken dat de gemeente de vergunning voor een intocht van Sinterklaas met Zwarte Pieten zou intrekken. De voorzieningenrechter hield de vergunning in stand. In deze zaak diende daarna een bodemprocedure. Zwarte Piet is kwetsend De bestuursrechter heeft vrijdag geoordeeld dat de intocht van Sinterklaas niet discriminerend is, maar dat Zwarte Piet wel leidt tot een negatieve stereotypering van mensen met een donkere huidskleur. Volgens de rechtbank heeft Van der Laan onvoldoende rekening gehouden met de gevolgen van een negatieve stereotypering van de zwarte mens, veroorzaakt door de figuur van Zwarte Piet - 'dikke rode lippen, dom en knecht'. De burgemeester van Amsterdam heeft bij het verstrekken van de vergunning voor de intocht niet met alle belangen rekening gehouden. Van der Laan moet zich nu van de rechter opnieuw over de vergunning buigen. Aanpassingen uiterlijk Zwarte Piet De organisatie van de intocht in Amsterdam besloot de tegenstanders vorig jaar al iets tegemoet te komen na overleg met de burgemeester en enkele bezwaarmakers. De Zwarte Pieten droegen verschillende kleuren lippenstift, geen gouden oorringen en ze mochten variëren in haardracht. Ook blijft burgemeester Eberhard van der Laan met de tegenstanders van Zwarte Piet in gesprek over hoe de volgende intocht van Sinterklaas eruit moet gaan zien. De burgemeester ziet de invulling van de intocht niet als taak van de overheid. “Het is een volkstraditie en daar moet de samenleving, het volk, over praten. En dat ligt dus primair bij de Sinterklaas-comités.” Adviezen voor Zwarte Piet Op initiatief van het Nederlands Centrum voor Volkscultuur en Immaterieel Erfgoed (VIE) wordt gesproken over de toekomst van het Sinterklaasfeest. Bij dat overleg zijn verschillende partijen betrokken, waaronder het comité ‘Zwarte Piet Is Racisme’ van Quinsy Gario, het Sinterklaasgenootschap en D66 Amsterdam. Na onderzoek kwam het VIE in juni met het advies om Zwarte Piet te moderniseren. De nieuwe Zwarte Piet heeft geen kroeshaar meer, is wel bruin, heeft geen rode lippen meer, geen gouden oorringen en een wat hipper pak. Ook zou hij minder dom moeten zijn en een gelijkwaardiger relatie met Sinterklaas moeten hebben. De Verenigde Naties hebben ook een mening over Zwarte Piet De tegenstanders kregen bijval uit een onverwachte hoek. De VN-werkgroep voor Mensen van Afrikaanse Afkomst concludeert na onderzoek dat de figuur van Zwarte Piet een uiting van racisme is die bestreden moet worden via het onderwijs. De traditie is achterhaald. Dit bleek vrijdag tijdens de presentatie van voorlopige bevindingen op een persconferentie in Den Haag. De conclusies van de VN zijn aanbevelingen die verwerkt worden in een rapport. Afschaffen van het feest vindt de werkgroep niet nodig. “Uiteindelijk is het aan het Nederlandse volk om over de affaire te discussiëren én te beslissen.” Sinterklaasfeest is van het volk Aanvankelijk hield het kabinet zich in de discussie nog zo stil mogelijk. Premier Mark Rutte stelde dat Zwarte Pieten geen zaak van de regering zijn, maar van de samenleving. “Zwarte Piet is zwart, daar kunnen we weinig aan veranderen.” Vicepremier Asscher benadrukt dat het Sinterklaasfeest aan het volk moet worden gelaten, maar dat hij wel iets zou zien in een langzame evolutie. Wat vindt jij van Zwarte Piet? En hoe zouden we dit probleem moeten oplossen? We zijn benieuwd naar je mening!
Door redactie op woensdag 25 juni 2014
Oude muntnamen en muntstukken, wie kent ze nog? Daarom een overzicht van oude, (bijna) niet meer courante muntsoorten die op Curaçao zijn gebruikt als betaalmiddel of rekenmunt. Soms waren het officiële namen, maar vaak ook vondsten die in het dagelijks gebruik ontstonden. Bijvoorbeeld het oude en nog steeds gebruikte dòlò (verbastering van dollar). Serka Shon Nènè un bleki di ‘black marón’ tabata kosta doria dos plaka i un bleki sardinchi marka Brunswyck tabata kosta un giotín. Un kakiña tabata kosta dos plaka i un paki di pinda herebé tabata kosta dies plaka serka Tomasa. Na barku di fruta na Punda bo por a kumpra un brasa di bakoba kaska hel pa un chilín. Bubu = 100 centen (gulden) Sèn chikito = ½ cent Sèn grandi = 1 cent Chilín = 62 ½ cent Depchi = 10 centen Dies plaka = 25 centen Diesun plaka = 27 ½ cent Doria = 30 centen Doria un plaka = 32 ½ cent Doria dos plaka = 35 cent Doria tres plaka = 37 ½ cent Doria kwater plaka = 40 centen Doria sinku plaka = 42 ½ cent Dos sèn grandi = 2 centen Dos plaka = 5 centen Fuèrtè = 2,50 (rijksdaalder) Gurdein / Gardein = 50 cent (halve gulden) Heldu = 100 centen (gulden) Giotín = 50 cent (halve gulden) Kuater plaka = 10 centen Kuater ria = 60 centen Locha = 5 centen Mei fuèrtè = 1,25 Ria = 15 centen Nuebe ria = 1,35 Nuebe plaka = 100 centen (gulden) Ocho plaka = 20 centen Ocho ria = 1,2 Ocho ria kuater plaka = 1,3 6 sèn grandi = 6 centen
Door redactie op dinsdag 17 juni 2014
Verschillende Caribische Nederlanders zijn onderscheiden voor hun bijzondere bijdragen en prestaties in het afgelopen jaar. Negen mensen ontvingen op 14 juni in Rotterdam de Pearls of the Dutch Caribbean-award. Dit jaarlijks terugkerend evenement wordt georganiseerd door de jongerencommissie van het Overlegorgaan Caribische Nederlanders (OCAN). Positieve beeldvorming van de Caribische Nederlander Doel van de Pearls of the Dutch Caribbean Award is om de enorme potentie en talenten binnen de Caribische Nederlandse gemeenschap een kans te geven om tot volle bloei te komen. Door het selecteren en zichtbaar maken van succesvolle Caribisch-Nederlandse rolmodellen wordt de sociale identiteit en het geloof in eigen kunnen van de Caribische Nederlander versterkt. Het evenement draagt zo ook bij aan de positieve beeldvorming over de Caribische gemeenschap in Nederland. Ook wordt op termijn een duurzaam netwerkplatform gecreëerd waar inspiratie, kennisdeling en samenwerking gefaciliteerd worden. Netwerkbijeenkomst Voorafgaand aan de Pearls of the Dutch Caribbean Gala & Award Show was er een netwerkbijkomst. Deelnemers maakten kennis met de Gevolmachtigde ministers, Minister van Binnenlandse Zaken Plasterk, hoogwaardigheidsbekleders en de andere genomineerden voor de Pearl Awards. Muziek, dans en comedy Tijdens de Gala en Award Show werden de genomineerde talenten en professionals in de verschillende categorieën gepresenteerd aan de aanwezige gasten. Het publiek genoot van een show met verschillende artiesten op het gebied van muziek, dans en comedy. De winnaars De community pearl: Quinsy Gario De science pearl: Jerson Martina De art & literature pearl: Iri & Ayra Kip De sport pearl: Odillio Kurt Willems De music & entertainment pearl: Shirma Rouse De business pearl: Annemarie Nodelijk De student pearl: Nataly Linzey De most oustanding pearl: Jeffry Williams
Door redactie op woensdag 11 juni 2014
Waarom beperkt de Nederlandse man zich tijdens zijn huwelijksleven meestal tot één vrouw en de Curaçaose man, die toch ook voor het altaar stond en dezelfde juridische regels kent, blijkbaar niet? De algemene stereotype beeldvorming van de sociale werkelijkheid van de Curaçaose man is dat hij naast zijn vrouw of vriendin regelmatig een tweede of derde ‘bijslaap’ heeft. De Curaçaose man lijkt het begrip huwelijkstrouw voornamelijk op te vatten als: financieel voor je vrouw zorgen. Is dit nu echt de algemeen geaccepteerde norm geworden? Is een man op Curaçao nu eenmaal meer een levensgenieter en een jager? En is de Curaçaose vrouw heimelijk blij met zo'n partner, want toont hij zich daarmee niet juist écht een man? ’Het tweede bed’ In het boek ’Het tweede bed’ stellen de schrijvers aan Curaçaose mannen en vrouwen een aantal vragen om erachter te komen of er een kern van waarheid zit in de stelling dat op Curaçao mannen meer vrouwen zouden hebben. En zo ja, wat de achtergronden zijn van dit fenomeen. In het boek komen ook deskundigen aan het woord. Veel Curaçaose mannen hebben een ‘by side’ De meeste geïnterviewden onderschrijven de stelling dat de Curaçaose man naast zijn vrouw of vaste vriendin één of meer vriendinnen heeft. Een belangrijke oorzaak voor dit gedrag is te vinden in het slavernijverleden. Slaven hadden toen geen recht op een gezinsleven, omdat ze elk moment verkocht konden worden. Een andere oorzaak ligt in het feit dat jongens in hun opvoeding een rolmodel missen van een man die wel trouw is. Ook wordt dit machogedrag op Curaçao maatschappelijk gezien getolereerd. ’De man is nu eenmaal zo’ De schrijvers komen tot de conclusie dat het begrip ‘trouw’ in de Curaçaose context anders wordt gedefinieerd dan in Nederland. Trouw betekent op Curaçao dat de man goed voor zijn wettige echtgenote of vaste vriendin zorgt. De situatie wordt door de gemeenschap geaccepteerd en het is een nieuwe norm geworden. ´De man is nu eenmaal zo’ is de heersende mythe in de Curaçaose cultuur geworden. En de vrouw past zich hier uit zelfbehoud op aan door het wel te zien, maar tegelijkertijd te ontkennen. Productinformatie van het boek “Het tweede Bed” Auteur:    Valdemar Marcha, Paul Verweel Co-auteur:    Jacqueline Werman Overige betrokkenen:    Jeroen Hoogendoorn   Uitgever:     Caribpublishing BV ISBN:    9789088501937 ISBN10:    9088501939    Bestel dit boek voor € 14,90 | Het-Tweede-Bed‎ | www.bol.com
Door redactie op woensdag 4 juni 2014
Nederlanders afkomstig uit de voormalige Nederlandse Antillen waren ook vorig jaar oververtegenwoordigd in de negatieve statistieken van schoolverlaters, criminaliteit, werkloosheid en uitkeringen. Dat blijkt uit de laatste rapportage Antilliaanse-Nederlanders 2013, die minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken aan de Tweede Kamer stuurde. Het onderzoek wordt sinds 2010 jaarlijks uitgevoerd in de 22 Antillianengemeenten om inzicht te krijgen in de situatie van Nederlanders met een Caribische achtergrond en om de effectiviteit van beleid te meten. De bedoeling was vroegtijdige schooluitval te voorkomen, de werkloosheid in deze groepen te verlagen, hen minder afhankelijk van een uitkering te maken en de criminaliteit terug te dringen. Teleurstellend De 32 miljoen euro die het rijk tussen 2009 en 2012 heeft gestopt in het aanpakken van problemen van Antillianen en Marokkanen in de desbetreffende gemeenten heeft nauwelijks effect gehad. Deze groepen scoren nog altijd (veel) hoger in de cijfers over criminaliteit, werkloosheid en schooluitval dan autochtonen. Minister Asscher noemt het niet halen van de meeste doelstellingen 'teleurstellend'. Werkzoekend Het rapport toont aan dat relatief veel Antilliaanse Nederlanders werkzoekend zijn of een uitkering hebben, al is het aandeel van jongeren tussen de 18 en 24 jaar in deze categorieën enigszins afgenomen. Schoolverlaters Het aantal schoolverlaters zonder diploma blijft hoog. Criminaliteit Nederlanders van Antilliaanse afkomst komen ook veel vaker in aanraking met de politie. Het aandeel verdachte jongeren tussen de 18 en 24 jaar is afgenomen maar de oververtegenwoordiging blijft hoog omdat ook bij de andere bevolkingsgroepen een daling te zien was. Hoe nu verder? Het rijk en de gemeenten zijn in 2012 afgestapt van het doelgroepenbeleid. De regering blijft voorstander van een generieke aanpak, die niet gericht is op bepaalde bevolkingsgroepen, maar op algemene problemen als werkloosheid, schooluitval en criminaliteit. Asscher noemt onder meer een project van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, waarbij ouders bewuster worden gemaakt van hun verantwoordelijkheden. Rolmodellen In samenwerking met het ministerie van Veiligheid en Justitie worden rolmodellen ingezet om crimineel gedrag bij jongeren te voorkomen. Op het gebied van onderwijs is er extra aandacht voor beroepsoriëntatie. Asscher gaat ervan uit dat deze inzet bijdraagt aan het verder terugdringen van de problematiek. Download hier het rapport.
Door redactie op woensdag 7 mei 2014
Pierre Lauffer(1920-1981) was een bekende Curaçaose dichter en schrijver. In 1968 verscheen een de bundel, ‘Seis Anja kaska bèrde’ (Zes jaar groene schil), met verhalen over de tijd dat hij politieagent was. Hieronder een kort verhaal uit deze bundel. Pierre Lauffer schreef in het papiaments. Er is geen vertaling van dit verhaal. De gebruikte Papiamentse tekst en spelling dateren uit de jaren zestig. Kas Chiki Dos o tres be m’a hasi wárda na Kas Chiki. Nada di kanta makamba. Un wárda laf, ketu. Den e kas riba e pidasitu seru mi tabata sinta lombra wowo, guli stof di kaja. Poko mas pabow tabatin dos o tres kas, kaminda e polisnan tabata biba. E tempu ei ja Kabaret di Pargata a pasa pa historia. E nomber “Onze vlag”tabata resona ahinda, pero ja e tabata un káska, un kadaver, ku un pasado rebultiá. Un bon resultado so e wárdanan na Kas Chiki a dunami. Ei m’a sera konosi ku ju muhe di un polis. Un pichon koló di mespu. Un kara djispow. I un kurpa manera kurason di kwalke chabalitu por desea. Patras den wárda nos tabatin nos prome enkwentro. Ami no a perde tempu, pero start sali di golpi ku namoramentu . Sunchimentu ku chupamentu di lenga a marka mi entrada. Galinja a gusta ku mi. Di moda kun os a palabra pa sigui e freiashi na su kas. Dia ku mi a bai su kas ni su tata ni su mama no tabata tei. E puitu a blo riba mi, bistí na su larson so. Dos pechu tamanjo di pera a buta mi wowonan span. Sin preliminario e mucha a kombidami bai den kamber . I riba kama di su mama nos a frei, ku matras tabata pidi pordon. Pero ku esei e galinja no tabata satisfecho. E la bistis su panja di banjo, invitami ban landa den un baki di un hófi djis banda di su kas. Den hófo amor a bai gol. Poko tempu despues, na Penstraat 24, mi a konta mi dos amigunan di kwarto, kon bon mi a pasa ku e galinja, ku tabatin kabei rondo di su bikinan di tete. Tur dos mi amigunan a grita hari parew i puntrami: “Bo ke men Nettie? Anto e tin un fret den su pechu?”. Mi ilushon a dirti mes momentu. Tres mosketero pa un puitu tabata di mas. Nunka mas mi a mira Nettie. Kas Chiki uit: P.A. Lauffer, Seis anja káska berde. Curaçao: Van Dorp 1968
Door Carmon op woensdag 30 april 2014
Op Bonaire wordt op 30 april al vijfentwintig jaar ‘Dia di Rincon’ gevierd. Het wordt daarom de Koninginnedag van Bonaire genoemd. In voorgaande jaren was 30 april al een officiële vrije dag omdat het Koninginnedag was. Maar sinds dit jaar is er op 27 april Koningsdag. Wat gebeurt er met ‘Dia di Rincon’? Op deze dag laten de bewoners van Rincon hun cultuur, hun tradities en hun geschiedenis zien. Duizenden mensen bezoeken het dorpje. Ze komen niet alleen van Bonaire maar ook uit andere Antilliaanse eilanden en zelfs uit Nederland. Wat ooit klein begon, is uitgegroeid tot een waar volksfeest. Bonairianen zijn bezorgd Sinds het besluit om met ingang van dit jaar Koningsdag op 27 april te vieren, maken Bonairianen zich zorgen over de viering van hun ‘Dia di Rincon’. Het feest is een succes omdat veel bezoekers uit Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Nederland naar Rincon komen. Als 30 april geen vrije dag meer is, komen ze niet meer omdat ze dan een vrije dag moeten opnemen. Vaak combineerden ze hun bezoek met de vrije dag op 1 mei: de Dag van de Arbeid. Argumenten voor 30 april ‘Dia di Rincon’ zorgt niet alleen voor de overdracht van het cultureel erfgoed, dat van levensbelang is voor het behoud van de Bonairiaanse identiteit. Het is ook het grootste volksfeest op het eiland. Het trekt jaarlijks een groot aantal bezoekers naar het eiland en is daarmee belangrijk voor de economie. 30 april is niet alleen voor Bonaire belangrijk. Het levert in combinatie met 1 mei extra vrije dagen op. Ook voor de inwoners van Curaçao, Aruba en St. Maarten, die daarvan gebruik maken om hun verblijf op Bonaire te verlengen. Stappen om te komen tot een vrije dag De Eilandsraad van Bonaire vindt dat 30 april in de toekomst een officiële vrije dag moet worden. Het Bestuurscollege van Bonaire heeft ook Curaçao en Aruba gevraagd om gezamenlijk te kijken of 30 april tot een officiële vrije dag kan worden uitgeroepen. Kort geleden heeft het Openbaar Lichaam Bonaire een verzoek ingediend bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelatie (BZK) om van 30 april een officiële feestdag te maken. Dit verzoek is in behandeling in Den Haag. Nog steeds geen vrije dag Nederland heeft nog geen toestemming gegeven om 30 april als officiële vrije dag aan te merken. Het Openbaar Lichaam Bonaire geeft haar ambtenaren vrij, maar de Rijksambtenaren krijgen geen vrij. Ook in de private sector moeten werknemers die dag gewoon werken. Op Aruba is op 27 april Koningsdag gevierd. Curaçao viert dit jaar Koningsdag op 30 april. Plasterk: officiële feestdag in 2015 Minister Plasterk stelt voor de aankomende 30 april een praktische oplossing te zoeken door afspraken te maken tussen werkgevers en werknemers. “Ik streef ernaar om in overleg tijdig de regelgeving aan te passen zodat 30 april 2015 een officiële feestdag kan zijn voor Bonaire.” Plasterk zegt dat hij de diensthoofden van de Rijksambtenaren op het eiland oproept om ruimte te creëren. Zodat iedereen op een passende manier de dag kan beleven.
Door redactie op woensdag 23 april 2014
Jaarlijks komen 1000 studenten uit Curaçao, Aruba, Sint Maarten en Caribisch deel in Nederland studeren. De meeste kiezen voor economie of rechten. Maar Gabi Ras uit Curaçao niet. Zij studeert Knowledge Engineering aan de Universiteit van Maastricht. Een studie die haar helemaal naar Iran bracht. “Daar is het net zo rommelig als op Curaçao.” Als kind al had Gabi een passie voor science fiction, robots en kunstmatige intelligentie. Haar kennis deed ze op via televisie en internet. “Ik kijk graag naar science fiction films en ik lees er graag over. Een van de mooiste boeken die ik heb gelezen is Space Odyssey, een reeks van vier boeken van Arthur C. Clarke. Het verhaal gaat over een computer die doorgeslagen is en mensen doodt. Kunstmatige intelligentie tegen de mens, dat is wat mij boeit.” Wisselen van studie Gabi kwam in 2010 naar Nederland om te studeren. Eerst deed zij Industrial Design aan de Technische Universiteit Eindhoven. Maar haar passie voor kunstmatige intelligentie bleef. Na het halen van haar eerste jaar wilde ze toch iets anders doen. Het werd Knowledge Engineering. Daar vond ze haar passie. Robots spelen voetbal Tijdens haar studie kreeg Gabi de kans om met robots te werken. Ze kwam terecht in het Dutch NAO Team. NAO is het type robot waarmee ze werkt. “Een robot kan in principe alles,” vertelt ze. “Maar deze robots spelen voetbal. Ik leer mijn robot alles over voetbal.” Team doet mee aan competities Het Dutch NAO Team bestaat uit Bachelor en Master-studenten, die door een senior medewerker worden ondersteund. Het team is een samenwerkingsverband tussen de Universiteit Maastricht, Technische Universiteit Delft en Universiteit van Amsterdam. Het Dutch NAO Team doet mee aan verschillende competities van de Robocup. Robots spelen in 2050 tegen de mens Doel van Robocup is om in 2050 robots voetbal te laten spelen tegen de mens. Robocup organiseert jaarlijks wereldcupwedstrijden. Een keer per jaar organiseert een grote wedstrijd en daarnaast andere wedstrijden. Begin april was er eentje in Iran. Gabi deed ook mee. Ze vond het prachtig om naar Iran te gaan. “Wat ik van Iran vond? Even rommelig als Curaçao,” grapt Gabi. Robots kunnen niet denken Robots programmeren vindt Gabi fantastisch. “Als je een computer in een robot doet, wordt het tastbaar. Het gaat bewegen en de robot doet ook wat jij wilt.” Maar, zegt Gabi: “Jij programmeert steeds een robot. Ze kunnen niet zelf denken. Ze kunnen veel. Op het gebied van schaken bijvoorbeeld kunnen ze de mens al verslaan. Maar in 2050 met voetballen de mens verslaan? Daar is het nog te vroeg voor. “ Gabi is nu bezig met de voorbereiding voor de wereldcup voetbal in Brazilië in juli. Met de robots uiteraard. Voor meer informatie: http://www.dutchnaoteam.nl http://www.robocup.nl
Door redactie op woensdag 16 april 2014
Afgelopen zondag was er een bijzondere diplomauitreiking bij IMC Weekendschool. In bijzijn van hun ouders en familieleden kregen 38 leerlingen hun diploma omdat ze de driejarige opleiding hadden afgerond. Eén van hen is Dinaira (13) uit Goirle. Met plezier denkt zij terug aan de afgelopen drie jaar. “Ik heb op de IMC Weekendschool verschillende vakken geleerd. Zoals recht, geneeskunde, journalistiek, film, wiskunde, ondernemen en beeldende kunst. Het leukste vond ik de uitstapjes naar het ziekenhuis voor het vak Geneeskunde. Ik heb veel gezien en van alles meegemaakt”. ‘Meer moeite doen dan je denkt’ Dinaira is in Nederland geboren maar haar grootouders komen uit Curaçao. Dinaira zit nu op De Rooi Pannen. Dankzij IMC Weekendschool heeft Dinaira haar keuze voor deze opleiding kunnen maken. Een ding heeft ze geleerd op de weekendschool: “Je moet meer moeite doen dan je denkt om iets te bereiken”. Aanvullend onderwijsprogramma IMC Weekendschool biedt een aanvullend onderwijsprogramma aan jongeren tussen de tien en veertien jaar. Drie jaar lang maken de leerlingen kennis met diverse beroepen die ze van huis uit niet kennen. Het doel van het weekendschoolonderwijs is dat leerlingen goed geïnformeerd in het leven komen te staan, een breed beeld krijgen van wat de maatschappij te bieden heeft en welke mogelijkheden er voor hen zijn. Diverse wijken in Tilburg IMC Weekendschool bestaat uit tien vestigingen in Nederlanden en telt meer dan 1300 (oud)leerlingen. In Tilburg krijgen kinderen uit de wijken Stokhasselt, Quirijnstok, De Heikant en De Stokhasselt uit Tilburg-Noord en uit de Kruidenbuurt en 't Zand in Tilburg-West aanvullend onderwijs op zondag. Leerlingen houden van doen Veel leerlingen houden van ‘doen’ en dat is ook precies wat de weekendschool beoogt: leren door ervaren. Daarom wordt er veel aandacht besteed aan leren in praktijksituaties. Gastdocenten met verschillende beroepen laten de jongeren actief ervaren wat hun beroep inhoudt. Vakexperts laten zien dat je plezier kunt beleven aan je werk – iets wat de leerlingen in eigen omgeving niet altijd meemaken. De leerlingen krijgen les van bijvoorbeeld journalisten, dokters, kunstenaars of advocaten en gaan op excursie naar allerlei spannende en interessante plekken. Hierdoor gaan de leerlingen bewuster denken over welke richting zij aan hun eigen leven willen geven. Kinderen uit achterstandswijken Leerlingen starten met de weekendschool als ze tien jaar zijn, de leeftijd waarop kinderen van nature nieuwsgierig zijn en gemotiveerd om de wereld te ontdekken. Het programma op de weekendschool is voor elk kind zinvol, maar IMC Weekendschool richt zich in eerste instantie op de groep die dit het hardst nodig heeft: kinderen uit sociaaleconomische achterstandswijken. Trotse moeder Dina, de moeder van Dinaira, is in ieder geval trots op haar dochter. “Je zag haar losser worden” vertelt ze. Volgens haar moeder doet Dinaiara altijd haar best op school. Maar over IMC Weekenschool was ze enthousiast. “In drie jaar heeft ze zoveel geleerd van vakken die ze in het reguliere onderwijs niet kreeg. En als ze thuiskwam had ze heleboel verhalen van wat ze geleerd had”. Dina zou haar andere kinderen zo laten meedoen met de IMC weekendschool. “Maar” zegt ze, “de kinderen moeten het zelf willen”.
Door redactie op woensdag 9 april 2014
Tilburgers die recht hebben op de Meedoenregeling kunnen met korting naar Festival Mundial. Drie dagen naar het Festival kost dan maar 10 euro. Koop je entreekaart wel vóór 27 juni. Festival Mundial vindt plaats op 27, 28 en 29 juni in de Spoorzone. Via de Meedoenregeling kun je maximaal twee kaarten per persoon kopen. Dagkaarten zijn niet via de Meedoenregeling te koop. Partner of kinderen met een Meedoenregeling kunnen ook kaarten kopen. Kinderen tot twaalf jaar mogen onder begeleiding van een volwassene gratis naar binnen. Je kunt je kaartjes kopen bij VVV Tilburg, Mundial Productions, de bibliotheken Noord, Reeshof, Centrum en 013. Wat is de Meedoenregeling? Iedereen met een inkomen tot 130 procent van het sociaal minimum komt in aanmerking voor de activiteiten van de Meedoenregeling. Dat is voor gehuwden € 1.670,- netto per maand. Met de Meedoenregeling kunnen deelnemers kiezen uit meer dan tweehonderd activiteiten op het gebied van sport en cultuur. Het budget is 100 euro per persoon per kalenderjaar. Op www.tilburg.nl/meedoenregeling staan de mogelijke activiteiten en voorwaarden waaraan deelnemers moet voldoen. Iedereen die voor de regeling in aanmerking komt, krijgt een boekje met een overzicht van de activiteiten. Meer informatie: www.tilburg.nl/meedoenregeling www.festivalmundial.nl