Door redactie op vrijdag 12 februari 2016
De World Health Organization (WHO) heeft het oprukkende zikavirus uitgeroepen tot internationale noodsituatie voor de volksgezondheid en hoopt zo dat de bestrijding sneller gaat. Experts vrezen dat het virus zich razendsnel zal verspreiden en dat kan fatale gevolgen hebben. Inmiddels is het virus in 24 landen in Latijns-Amerika en het Caribische gebied aangetroffen. Op Curaçao zijn tot nu toe vier gevallen bekend. Curaçao is dan ook door het Amerikaanse instituut voor de volksgezondheid CDC en de Pan American Health Association (Paho) op de lijst gezet van landen waar zika is geconstateerd. Er is geen negatief reisadvies afgegeven. Maar Curaçao heeft de afgelopen dagen goed carnaval gevierd. Zal na carnaval het aantal zika-gevallen toenemen? Is het zikavirus verspreid tijdens carnaval? Gezondheidsexperts zijn bang dat het zikavirus zich tijdens het carnaval heeft verspreid. De combinatie van de virusepidemie en de miljoenen schaars geklede mensen op straat zijn volgens kenners een 'explosieve cocktail'. Het virus wordt verspreid door de zogenoemde Aedes aegypti-muggen, die begin februari het hoogtepunt van hun paartijd beleven, precies tijdens carnaval. De feestgangers dragen tijdens dit feest geen beschermende kleding. Daarom is waarschijnlijk dat het aantal zika-gevallen zal toenemen. Wat doet Curaçao tegen de zikavirus? Protocol voor zwangere vrouwen   Het ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur (GMN) heeft op basis van het advies van de Pan American Health Association (PAHO), richtlijnen opgesteld voor zwangere vrouwen. In het protocol is vastgelegd hoe medici om moeten gaan met het virus en zwangerschap. Inspectie woningen   Het ministerie is sinds december 2014 bezig met het controleren van muggenbroedplaatsen. In september 2015 volgde de tweede ronde. En toch wordt het ministerie de laatste dagen overspoeld met klachten over zika en muggenbroedplaatsen. Het inspectieteam dat belast is met het elimineren van die broedplaatsen is daardoor voornamelijk bezig met het reageren op klachten, waardoor het reguliere werk in het gedrang komt. Zwerfvuil   Een andere belangrijke factor is het ophalen van (zwerf)vuil. Tijdens een project dat in december 2014 is gestart en drie maanden duurde is er ruim 3,6 miljoen kilo vuil verzameld. Op illegale stortplaatsen werd nog eens 2,6 miljoen kilo vuil aangetroffen. Medio september 2015 is er ook zo’n actie uitgevoerd, waarvan echter (nog) geen cijfers bekend zijn. Het is de bedoeling dat het project wordt uitgebreid. Maar volgens Melvin Cijntje van de partij Pueblo Soberano (PS) is de overheid zelf de grootste vervuiler en de laatste tijd worden steeds meer illegale stortplaatsen door de burger ontdekt. Campagne   Op de televisie- en radiokanalen zijn er reclamespots. De informatie wordt ook via de Facebook-pagina van het ministerie verspreid: GMN TV. Ook worden er posters geplakt op diverse locaties op Hato. Speciaal informatienummer   Er is een speciaal informatienummer (9345) voor zika. Volgens de minister van GMN komen per dag zo’n tien à vijftien vragen binnen van bezorgde mensen en klachten over vuildump. De Amigoe (een krant op Curaçao) heeft meerdere keren naar het nummer gebeld, maar niemand nam op. Het ministerie is nu bezig met het beschikbaar stellen van een 0800-nummer. Welke maatregelen kun je zelf treffen? Mocht je toch op reis besluiten te gaan, volg dan de volgende regels: Draag bedekkende kleding Smeer onbedekte huid in met een muggenwereldmiddel dat DEET bevat. Voor kinderen en zwangere vrouwen geldt wel: mijd concentraties boven de 30%. Slaap altijd onder een klamboe of in een muggenvrije ruimte. Voor vrouwen die zwanger zijn of zwanger willen worden, wordt aangeraden het reisadvies van de WHO en de Nederlandse overheid te volgen. Wat is het zikavirus? Het zikavirus is een virus dat wordt verspreid door zogenaamde Aedes-muggen. Door het oplopen van het virus kan iemand zika koorts krijgen. Meestal verloopt de ziekte vrij mild, maar er zijn aanwijzingen dat een infectie tijdens de zwangerschap kan leiden tot bepaalde neurologische geboorteafwijkingen (microcefalie), al is er nog geen wetenschappelijk bewijs gevonden voor dat verband. De Aedes-muggen verspreiden, naast het zikavirus, ook dengue en chikungunya. De muggen zijn vooral tijdens daglicht actief en leven vooral in stedelijke gebieden. Wat zijn de symptomen? Het zikavirus is een relatief mild virus. Een groot deel van de mensen die het virus oplopen hebben geen last van symptomen. Mochten er toch symptomen optreden, zijn dat de volgende: Spier- en gewrichtspijn vaak in handen en voeten Plotselinge koorts Oogontsteking Huiduitslag vaak beginnend met het gezicht Gevoelloosheid Minder vaak: hoofdpijn, gebrek aan eetlust, overgeven, diarree en buikpijn Waar komt het voor? Het zikavirus is al ontdekt in Centraal- en Zuid-Amerika, de Caraïben en Zuidoost-Azië. De WHO verwacht dat het virus zich naar nog meer landen zal verspreiden. Op dit moment komt het virus vooral veel voor in de volgende landen: Barbados, Frans-Guyana, Mexico, Thailand, Bolivia, Guadeloupe, Nicaragua, Venezuela, Brazilië, Guatemala, Panama, Virgin Islands, Colombia, Guyana, Paraguay, Curacao, Haiti, Puerto Rico, Dominicaanse Republiek, Honduras, Salomonseilanden, Ecuador, Kaapverdië, Saint-Martin, El Salvador, Martinique en Suriname. Is er een behandeling voor de besmetting? Nee, momenteel zijn er geen medicijnen beschikbaar om het zikavirus te behandelen. Nu WHO heeft gesproken van een ‘wereldwijde noodsituatie’ zal er wel alles aan worden gedaan zo snel mogelijk een vaccin op de markt te brengen. Gevolgen besmetting De gevolgen van het oplopen van het zikavirus zijn meestal te overzien. Bovendien kun het virus hoogstwaarschijnlijk maar eenmaal oplopen. Na een infectie met het virus, ben je de rest van je leven immuun. Bovendien heeft het oplopen van het virus geen invloed op een mogelijke zwangerschap in de toekomst. Voor zover bekend is het virus binnen drie weken na infectie uit het lichaam verdwenen. Vanaf dat moment vormt het virus dan ook geen gevaar meer voor een ongeboren kind.
Door redactie op woensdag 3 februari 2016
Corine van Ringen (46 jaar) woont sinds juli 2013 samen met haar man en kinderen op Curaçao. Als echte Limburgse en carnaval liefhebber krijgt ze al bij de voorbereiding van dit feest heimwee naar Vastelaovond. Wat betekent Carnaval voor Corine en hoe gaat ze op Curaçao om met haar heimwee? Corine is een echte Limburgse: geboren en getogen in Castenray, een dorp in de gemeente Venray in Limburg. Ze werkte als beroepsmilitair bij de Koninklijke Marine. Daarna als trainer/consultant bij een adviesbureau en op een personeelsafdeling. “Maar ik had altijd een droom: fantasiekostuums ontwerpen en creëren. Zo heb ik een eigen atelier, ‘Het koffertje van Corine’ opgericht.” Het koffertje van Corine Wat begon met wat carnavalskleding maken voor kinderen is uitgegroeid naar enorme naaiprojecten voor de carnavals- & vriendengroep ‘Weej Zette Ze Boete’.” Een passie voor kunstige kostuums was geboren. “We maken kleurige en originele kostuums en hoeden. Het atelier groeide, Loes Hendricks kwam erbij en we kregen ook opdrachten van andere carnavalsverenigingen. We gingen workshops geven om hoeden te maken, Mooje Hoeden Workshop.” Naar Curaçao In 2013 is Corine met haar gezin op Curaçao komen wonen. Haar man is beroepsmilitair en kreeg hier een tijdelijke aanstelling. Ze vindt Curaçao een prachtig eiland. “Ik geniet van elke minuut. De stranden, de mensen, de zon en geen stress. Door het hele jaar heen heb ik geen enkele last van heimwee, tot na de kerstvakantie.” Carnaval diep in haar hart Als echte Limburgse, wordt Corine dan onrustig. “Ik mis de aanloop naar de Vastelaovend, zoals Carnaval bij ons in Limburg heet. De gezelligheid, de creativiteit, het hele huis dat langzaam omgetoverd wordt tot naaiatelier om kostuums en hoeden te maken. Rondvliegende boaveren en glitters, onze eigen muziek die op de achtergrond speelt, de hulp aan de kinderen voor hun optocht, de geur van de schminkkoffer die opengaat, de voorpret. Ergens, ook al woon ik nu 9.000 km ver weg, zit deze periode heel diep in mijn hart.” In Limburg zijn Als Vastelaovend éénmaal begint, krijgt Corine heimwee en wil ze in Limburg zijn. “Als ik foto's van vrienden krijg vanuit de kroeg, wil ik hier niet zijn, maar in de kroeg, in Limburg. Samen met vrienden en familie, sjiek verkleed en geschminkt, pratend in ons dialect, feestend, samen zijn, en lachen. Vastelaovend is het voor mij maar op één plek en dat is thuis in Limburg.” Ter verduidelijking zegt ze: “In het Westen (van Nederland) wordt Carnaval gevierd, in Limburg (zuiden) is het Vastelaovend.” Schitterend cadeau Op Curaçao krijgt Corine een schitterend cadeau. De verschillende marcha’s (optochten) van Carnaval. Hier hoeft ze geen kostuums te maken. Hier geniet ze. “Natuurlijk ga ik kijken, het is genieten, het is echt helemaal schitterend wat hier neergezet wordt door héél veel mensen, in één woord fantastisch! Kostuums die je in één oogopslag niet kunt bevatten, dans waarbij je als Nederlander al na 10 minuten pijn van in je heupen krijgt, muziek, veelal live, brassbands. Allemaal feestende mensen om je heen, swingende groepen van wel 300 mensen kleuren de straten. Je kijkt en beleeft zo’n twee tot drie uur en beseft eigenlijk pas wat je meegemaakt hebt als je thuis bent. Het Carnaval op Curaçao is bruisend.” Carnaval in Limburg en carnaval op Curaçao “Vastelaovend, Carnaval, Karnaval, Karnival, of hoe het ter wereld ook heet,” zegt ze, “is het grootste volksfeest van de (oud)-katholieke regio’s, en zorgt op grote schaal voor verbinding tussen mensen en tussen alle lagen in de maatschappij. De essentie is dat iedereen mee kan doen. Het is het grootste culturele evenement in Limburg en ook op Curaçao, gebaseerd op dezelfde historische tradities met dezelfde elementen alleen met een andere uitvoering.” Op sjiek In Limburg is de trend om met Vastelaovend op ‘sjiek’ te gaan. “Een goedkoop of sexy pakje is, met uitzondering van de tieners, not done. Je gaat ook altijd verkleed en geschminkt naar alle evenementen vóór de echte Carnaval, als natuurlijk Carnaval zelf. Wij Limburgers, en dan met name de vrouwen, gaan creatief en uitbundig.” Het zit in je bloed “Limburgs Carnaval is hoempa muziek in eigen dialect, kleurig, feestelijk, in de kroeg en buiten, en chauvinistisch,” vertelt Corine. “Curaçaos carnaval is swingend, in Papiamentu, exotisch, nóg kleuriger, vol bravoure en chauvinistisch met ook niet-katholieke invloeden. Carnaval heeft te maken met je “roots”, met je eigen identiteit en doe je in je eigen taal en cultuur. Een Carnavalsfeest zonder historie (gewoon even verkleden en gek doen), is geen Carnaval, het zit in je bloed, je bent er mee opgegroeid en daar is dan ook iedereen trots op.” Kunst van Carnaval op de website Op Curaçao heeft Corine een Fotografie-opleiding en Webdesign-opleiding gevolgd. Een website die ze gemaakt heeft is DiValiZia Magazine. Er komen verschillende edities. In de eerste editie die gemaakt is geeft Corine de mensen achter de verschillende ‘marcha’s’ op Curaçao een gezicht. Deze editie is zowel in het Nederlands als in het Papiaments, onder redactie van Minerva Hieroms. Het is een hommage aan de mensen van Curaçao Karnaval, aan alle mensen die dit feest waarmaken. Volgend jaar komt er een Limburgse editie. Toekomst van DiValiZia Magazine “In de toekomst hoop ik alle regio’s in kaart te brengen waar carnaval wordt gevierd, maar we beginnen met Curacao en Limburg. Carnaval is vluchtig, mijn website brengt op een creatieve en stijlvolle wijze beelden en verhalen van de mensen die dit feest maken, ter inspiratie en om alles rustig alles door te nemen. Deze website DiValiZia magazine verbindt straks alle regio’s met Carnaval, elk met zijn eigen kenmerken en culturele achtergronden, maar vanuit historie met elkaar verbonden. Hopelijk verbindt dit ook de mensen zelf, niet alleen binnen de eigen regio, maar ook tussen de regio’s. Let’s color the web, with World’s greatest Party.”
Door Carmon op dinsdag 22 december 2015
Terugblikkend op het jaar 2015 kunnen wij stellen dat wij erg tevreden zijn over wijze waarop onze trouwe baat013.nl bezoekers en facebookvrienden onze inspanningen hebben gewaardeerd. Een zeer welgemeende dank je wel aan iedereen die direct en/of indirect een bijdrage heeft geleverd. Wij gaan door en kijken er graag naar uit om jullie ook in het komende jaar 2016 door een Antilliaanse bril te informeren over relevante nieuws, bijzondere en opvallende mensen, gebeurtenissen en wetenswaardigheden.  De redactie van baat013.nl neemt een winterbreak en gaat op woensdag de 27 januari a.s. weer van start met nieuwe publicaties op deze site. Op onze Facebook-pagina beraad antillianen arubanen tilburg kunt u ons blijven volgen en onder andere genieten van de kerst- en nieuwjaarstemming. De redactie wenst u, uw familie en uw vrienden fijne eindejaarsfeestdagen en vooral veel geluk, kracht, wijsheid en gezondheid in 2016.
Door redactie op woensdag 2 december 2015
Nederland heeft sinds kort een bond voor Urban Dance, de Urban Bond Nederland (UBN). De bond is gevestigd in Tilburg. Drijvende kracht achter de Bond is Gilbert Vanblarcum. Gilbert is 46 jaar en vader van twee tieners. Een interview. Urban is meer dan alleen dansen. De Urban Bond Nederland staat voor alle straatsport en straatkunst. Wat is Urban eigenlijk? Urban Jongeren in de grote steden hebben op straat hun eigen cultuur ontwikkeld. Deze cultuur gaat over alles wat jongeren bezig houdt. Vroeger werd Urban cultuur vooral geassocieerd met hiphop. Maar het is meer. Denk maar aan straatvoetbal, breakdance, freerunning, skaten en graffiti. “Urban is alles wat op straat wordt beoefend of gemaakt, dus is Urban alles. Iedereen doet aan Urban”, vertelt Gilbert. Inspiratie De UBN is gevestigd in een ateliers-pand in het Centrum van Tilburg. Voor Gilbert een mooie omgeving vol inspiratie en creativiteit. “Want Urban is ook kunst, lifestyle en entertainment. En dat moet je laten zien midden in de samenleving.” Naar Nederland Gilbert, geboren op Curaçao, kwam toen hij elf was met zijn ouders naar Nederland en ging in Kaatsheuvel wonen. Hij kon op jonge leeftijd al heel goed dansen. “Ik kon Salsa, Merengue en Cumbia.” Van Curaçao heeft hij hiphop invloeden meegenomen en in Nederland ging hij ermee verder met hiphoppen en breakdancen. Waarom hiphop en breakdance? De keuze voor hiphop en breakdance is niet vreemd. “Hiphop is mede ontstaan door Latijnse invloeden. Hip hop is ontstaan in de arme wijken van New York die bewoond werden door vooral Afro-Amerikanen en Latino’s uit Puerto Rico en Cuba,” legt Gilbert uit. Efteling als speeltuin Gilbert ging samen met andere jongeren dansen in de Efteling. De Efteling zag deze jongeren graag komen. “Ik heb vroeg geleerd dat entertainment beloond wordt. De Efteling was mijn eerste sponsor.” Het was een succes en dansen werd een hobby. Blijven dansen Eerst was dansen een hobby. Battelen met verschillende groepen uit andere steden. “Intussen maakte ik de grafische MTS af. De opgedane kennis heb ik gekoppeld aan mijn hobby. Hoe kan ik mezelf etaleren? Ook een baantje in een drukkerij heeft mij geholpen om verder te kunnen, want daarna begon ik een eigen printshop en was daarnaast ook DJ.” Ondernemer “Ik heb veel shows gegeven in binnen- buitenland. Zoals in Miami, Japan en Spanje.” Een urban danser is vaak op zichzelf aangewezen. Hij moet zelf bewegingen zien te vinden om zich te bewijzen. “Je bent een ondernemer. Je werkt voor jezelf. Ik had mijn eigen bedrijf, Urban Dance Academy daaruit ontwikkeld.” Urban Dance Academy “Na jaren dansen stelde ik mezelf op de achtergrond en ging ik me meer richten op mijn bedrijf. In 2005 heb ik in Eindhoven de eerste Dance Academy opgericht en in 2006 in Rotterdam. Daarna volgden er meer in het zuiden van Nederland. In 2010 had ik 27 locaties in Nederland.” Succesvol “De scholen zijn succesvol omdat het concept goed in elkaar zit. Ik bedenk dat concept en dan begeleid ik de scholen. Daarna laat ik ze los. Ik richt me altijd op de kleintjes. Wat de scholen bindt is respect, waardering en erkenning. Elke school heeft drie lagen: dansers, danschoreograaf en dansschoolhouder. Ik help met locaties zoeken en aanmelden van dansers. Ik ben inmiddels 46 jaar, heb mijn eigen bedrijven en eindelijk begrijp ik zelf hoe de marketing in elkaar zit.” Straatdansers gaan naar deze scholen en niet naar een dansacademie. De scholen doen nu 3 jaar mee aan het Nederlands Urban Dance kampioenschap. Wat wil de bond “Ik ben initiatiefnemer en mede oprichter van de bond. En inmiddels bezig met m’n vierde jaar als voorzitter. De bond is deels opgericht uit eigenbelang. De leden willen professionaliseren, ze willen uit de sterk gedomineerde hobbysfeer. Neem urban dance, deze beroepsgroep danst vaak op hoog niveau maar wordt niet als zodanig gewaardeerd. De bond is ontstaan uit de wens tot professionalisering. We willen kunnen leven van onze passie, net als andere sporters.” Het doel van de bond is om de belangen van de leden te behartigen. De bond heeft als dezelfde kernwaardes als de scholen: erkenning, waardering en respect. Trots op Curaçao Gilbert is trots dat hij op Curaçao geboren is. “Curaçao is een volk dat als een geheel voor elkaar opkomt en het Papiamentu is multi-linguaal. Dat is wat Curaçao onderscheidend maakt. Helaas is de berichtgeving over Curaçao heel eenzijdig.” Gilbert wil graag een positief beeld van Curaçao laten zien voor iedereen die geïnteresseerd is in zijn eiland. “Curaçao heeft een rijke cultuur en die wordt niet geëtaleerd. Cultuur op het gebied van kunst, cultuur, sport en spel en de helden van Curaçao.” Daarom werkt hij mee aan het evenement Curaçao Experience, een idee van Marlon Helmijr uit Tilburg die waarschijnlijk volgend jaar te zien is.
Door redactie op donderdag 26 november 2015
Tijdens de intocht van Sinterklaas op Curaçao dit jaar is geprotesteerd tegen Zwarte Piet. In verschillende media stond dat dit voor het eerst was. Maar klopt dat wel? De actie werd georganiseerd door Fundashon Museo Tula. Ze hadden als leus ‘Piet bai flit’ oftewel ‘Piet donder op’. Fundashon Museo Tula wil niet alleen Zwarte Piet, maar het hele Sinterklaasfeest op Curaçao afschaffen. Daarom werd er bij de intocht geprotesteerd. Populair feest Ook op Curaçao wordt dit kinderfeest gevierd met de intocht van Sinterklaas. Het feest is heel populair. De intocht was zaterdag 21 november. Op een sleepboot kwamen de goedheiligman en de pietermannen de haven binnenvaren. Na een warm onthaal vertrok de stoet naar het Brionplein te Otrobanda voor een groot feest. Meer discussie In 2011 was het eerste protest in Nederland. De Curaçaose Kunstenaar Quincy Gario en zijn groep droegen bij de intocht een T-shirt met ‘Zwarte Piet is Racisme’. Sindsdien staat Nederland op zijn kop vanwege de Zwarte Pieten-discussie. Door de actie van Gario in Nederland werd er op Curaçao meer gediscussieerd over Zwarte Piet. Maar er waren geen protesten of demonstraties. Wel stil protest In 2011 was er wel een openlijk protest tegen de Goedheiligman en zijn zwarte Pieten. Onbekenden hingen een spandoek bij de vestingmuren van het Plaza Hotel. Daarop stond in het Papiaments dat het Sinterklaasfeest racistisch is. Subsidie intrekken Ook dreigde de regering Schotte de subsidie voor het 'Nederlandse feestje' in te trekken, nadat Quincy Gario was opgepakt bij protesten tijdens de Sinterklaasintocht in Dordrecht. Politiek De emoties rond het kleurrijke kinderfeest bestonden op Curaçao, maar speelden nauwelijks een rol. Onder aanvoering van Helmin Wiels leek in eerste instantie ook Zwarte Piet op Curaçao een kort leven beschoren. De sentimenten waren daarbij niet zozeer gericht tegen een mogelijk racistisch element, maar meer tegen het Nederlands karakter van het kinderfeest. Na de dood van Wiels verstomde de discussie. Andere politieke partijen op Curaçao hadden in het verleden vaker aangegeven tegen de koloniale verklaring van Zwarte Piet te zijn. Maar de intocht ging altijd door met subsidie van de regering. Regenboogpieten De discussie die voorzichtig ontstond werd in de kiem gesmoord door de Pakjesboot door een regenboog te laten varen en ook gekleurde Pieten in te voeren. Sinterklaas had behalve Zwarte Pieten ook gekleurde Pieten meegenomen naar het Caribische deel van het Koninkrijk. In het gevolg van de Sint waren onder meer roze, blauwe, groene en gele Pieten te zien. Blanke school In 2014 klonken opnieuw wat tegengeluiden. Opvallend genoeg vanuit een overwegend blanke, Nederlandse school. De vier jaar geleden vanuit Nederland naar Curaçao verhuisde Eveline Wouters startte toen een petitie om "de racistische Zwarte Piet" van haar school te weren en blies daarmee de discussie op het eiland nieuw leven in. Verbreding protest En nu lijkt het protest te verbreden. De eerste demonstratie tegen Zwarte Piet is een feit. En een ander detail; het Sinterklaasfeest moet het nu doen zonder financiële steun van de overheid. De commercie heeft dit jaar extra geld gestoken in de Sinterklaas-business.
Door redactie op woensdag 4 november 2015
Officieel is het al een tijdje herfst en dat is duidelijk te merken. De dagen worden korter en langzaamaan ook kouder. Tijd voor vallende bladeren, seizoen groenten en… winterkost! De vier seizoenen in Nederland bepalen grotendeels wat we door het jaar heen eten. In de herfst eten we typische seizoengroente, zoals pompoen en verschillende soorten paddenstoelen. In de winter staan er veel verschillende stamppotten en erwtensoep op het menu. Groenten De seizoengroenten die prima groeien bij lage temperaturen en volop verkrijgbaar zijn, zijn pastinaak, knolselderij en groene kool. En ook spruitjes, boerenkool, winterpostelein, koolraap, zuurkool, winterwortel en rode biet zijn groenten die bij dit seizoen horen. Wintergroenten zijn rond deze periode vaak goedkoper dan groente van ver. Winterkost recepten Typische gerechten die nu op tafel komen zijn erwtensoep boordevol vlees, rookspek, rookworsten en natuurlijk knolselderij. En ook allerlei stamppotten aangevuld met een stuk vlees zoals andijviestamppot, zuurkoolschotel, boerenkool, spruitjesstamppot en hutspot (met wortelen en ui). Antillianen Eten Antillianen deze typische Hollandse gerechten als snert en stamppot? Nee, helaas. Slechts 14 procent eet ‘wel eens’ gestampte andijvie, zuurkool of boerenkool. Dit blijkt uit een onderzoek van het bureau MCA Communicatie uit 2008. Onder autochtone Nederlanders is stamppot wel in trek. Maar liefst 78 procent eet het ‘wel eens’. Erwtensoep bevalt de Antilliaan al iets beter. 23 procent van de ondervraagden eet ‘wel eens’ erwtensoep. Ook Nederlanders moeten overigens relatief weinig hebben van snert. Van de ondervraagden zegt 66 procent de soep wel eens te eten. Uitdaging Kloppen deze cijfers nog? De redactie van Baat wil graag weten hoeveel Antilliaanse Nederlanders nu erwtensoep of stamppot eten. En anders wat dan? Wat is jouw favoriete winterkost? Geef hieronder je antwoord!
Door redactie op woensdag 14 oktober 2015
Alex Rosaria, partijleider van Pais wil het Curaçaose witstaarthert tot het nationaal symbool van Curaçao maken. Naar aanleiding van Dierendag heeft Rosaria een brief geschreven aan minister Dick van Onderwijs. In de brief vraagt hij welke dieren op Curaçao bij wet beschermd zijn. Ook vraagt hij om het hert tot een nationaal symbool te maken. Zo heeft Amerika een arend en Nederland een leeuw als nationaal symbool. Arthur Donker pleit in zijn ingezonden stuk voor de geit in plaats van het witstaart hert. Maar waarom kiezen we niet voor de leguaan? Zes redenen om van de leguaan een nationaal symbool te maken. 1. De leguaan is zie je overal De Antilliaanse Groene Leguaan (Iguana delicatissima) is een hagedis uit de familie leguanen (Iguanidae). De leguaan is een van de oorspronkelijke bewoners van het eiland en je ziet hem overal. De leguaan voelt zich thuis op Curaçao. Het Curaçaose witstaarthert is een solitair levend mini-hertje, waarvan er nog maar 100 exemplaren in het Christoffel Park leven. 2. De leguaan is bekend Iedereen op het eiland kent de leguaan en weet hoe het dier eruit ziet. Veel eilandbewoners hebben het hert nog nooit gezien. 3. De toerist kent de leguaan Toeristen kennen allemaal de leguaan. In Punda zie je veel toeristen op de foto gaan met leguanen. Als je op Facebook kijkt naar foto’s genomen op Curaçao dan zie je altijd een foto van een leguaan in de natuur, op het strand, en zelfs in hotels. Het lijkt alsof voor de toerist de leguaan al het symbool van Curaçao. Er zijn nauwelijks foto’s van het hert. 4. De leguaan heeft een makkelijke Latijnse naam De naam van de leguaan in het Latijn is makkelijk: Iguana. Iedereen kan dit onthouden. Het hert heet in het Latijn Odocoileus Vigirianus Curassavicus (zie het ingezonden stuk van Arthur Donker). Een dergelijke naam kun je amper uitspreken laat staan onthouden.   5. De leguaan kost geen geld Doordat de leguaan in binnen- en buitenland bekend is, kost het niet veel geld om het beest tot nationaal symbool te maken. Je hoeft geen informatiecampagne op te starten voor de leguaan. Ook zijn er genoeg volksverhalen over de leguaan onder de bewoners van Curaçao. Kies je voor het hert dan kost het veel geld aan op te richten werkgroepen, campagnes etc. En ook aanpassingen in het Christoffelpark nodig om het dier te kunnen zien. In deze financiële moeilijke tijden voor Curaçao kun je beter kiezen voor de leguaan. 6. De leguaan past beter op de vlag Wil je het nationaal symbool ook op de vlag plaatsen dan gaat het makkelijker met een leguaan. Een leguaan past midden op de vlag maar kan ook in de hoeken. Omdat een leguaan een schutkleur heeft kun je een kleur kiezen die bij de vlag past. Een hert kun je niet makkelijk op de vlag plaatsen. Tot slot Steeds mensen op het eiland houden een pleidooi voor de leguaan. De leguaan krijgt dus steeds meer steun dan het hert.
Door redactie op donderdag 8 oktober 2015
Op 10 oktober vieren Curaçao en Sint Maarten hun autonomie. Ook de staatskundige situatie voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba is vijf jaar geleden veranderd. Wat heeft 10-10-‘10 voor de eilanden, de bewoners en het Koninkrijk der Nederlanden nou echt gebracht? Een mooi moment om de voorlopige stand op te nemen. Is 10-10-‘10 tot nu toe een succes of een regelrechte ramp? De Nederlandse Antillen (zes eilanden in de Caribische zee) waren van 15 december 1954 tot 10 oktober 2010 een land binnen het Koninkrijk der Nederlanden. In 1986 ging Aruba als afzonderlijk land binnen het Koninkrijk verder. In 2010 volgden Curaçao en Sint Maarten, terwijl Saba, Sint Eustatius en Bonaire (ook bekend als de BES-eilanden) als 'bijzondere gemeenten' werden opgenomen in het moederland als Caribisch Nederland. Nos mes por (wij kunnen het zelf)? De aanloop naar 10-10-‘10 was ‘Nos mes por’, een gevleugelde uitspraak bij een grote groep op Curaçao. Op Bonaire vreesden ze een tsunami van ‘meteorologische vluchtelingen’ uit Nederland. Sint Maarten keek ernaar uit om op eigen benen te staan. Vijf jaar later en kijkend naar de berichten in de kranten lijkt het alsof de voormalige Nederlandse Antillen afstevenen op een ramp. Aanwijzingen, moorden en de maffia domineren de eilanden. Of zoals Ronald van Raak (tweede Kamerlid voor de SP) het formuleerde: een rekolonisatie, maar dan door de onderwereld. Curaçao bevindt zich in een onverzorgde staat. Bonaire is veel duurder geworden. De gemeenschappelijke Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten en de gemeenschappelijke Procureur Generaal functioneren slecht. Sint Maarten heeft al vijf regeringen versleten en er hangt een dikke zweem van corruptie en inmenging van onderwereld in de politiek. Negatief of onverschillig In de voorbereiding op dit artikel hebben we verschillende mensen gevraagd naar hun ervaringen met 10-10-‘10. De geluiden zijn ronduit negatief: het is alleen maar slechter geworden. De lokale mensen vinden dat de eilanden zelfs achteruit zijn gegaan. Criminaliteit neemt toe en de tweedeling (verschil tussen arm en rijk) in de maatschappij is enorm toegenomen. Veel bewoners gaan gebukt onder diepe armoede. De stroom valt om de haverklap uit. Kortom: er zijn meer problemen dan vóór 10-10-’10. Daarnaast is integriteit bij politici ver te zoeken. De moord op Helmin Wiels vat alle bovengenoemde zaken in zekere samen. Inmiddels reageren mensen in veel gevallen onverschillig. Of zoals de bekende Pater Römer het ooit zei: "er heerst een zekere 'inertia' onder de mensen. Un exito of fracaso (succes of mislukking)? De vraag die wij ons bij de redactie oprecht hebben gesteld is: is het echt zo dramatisch of horen we alleen de stem van de ontevredenen? Zijn er ook positieve zaken te melden? Is er een verschil in beleving tussen de mensen die op de Antillen wonen en de mensen die hier vanuit Nederland de ontwikkelingen daar volgen? Kortom, wat houdt de mensen bezig en wat denkt men over deze 5 jaar? Is 10-10-‘10 een exito of een fracaso? Wij horen graag jullie reacties Wij horen graag de reacties en verhalen van onze lezers. Over bijvoorbeeld: Wat is er volgens jou veranderd na 10-10-’10 op Curaçao, Sint Maarten en BES-eilanden? Wat betekent 10-10-’10 voor jou, of je nu op de Antillen woont of in Nederland? En uiteraard als je een ander verhaal met ons wil delen, horen wij dat ook graag. Je kunt reageren door op de knop ‘reactie’ te drukken. Je kunt ook reageren op onze facebookpagina
Door redactie op woensdag 30 september 2015
De beroemde Curaçaose schrijver, dichter en taalwetenschapper Frank Martinus Arion, pseudoniem van Frank Efraim Martinus, is zondagavond 27 september op 78-jarige leeftijd op Curaçao overleden. Arion was al enige tijd ziek. Hij was voor het laatst in het openbaar in 2014 bij de première van een documentaire over zijn leven. Frank Martinus Arion studeerde Nederlandse letterkunde in Leiden en Amsterdam. In 1971 promoveerde hij aan de Universiteit van Amsterdam over het ontstaan van zijn moedertaal Papiamentu. Zijn proefschrift heette ‘The Kiss of a Slave. Papiamentu’s West-African Connections’. Debuutroman Dubbelspel In 1973 debuteerde hij met de succesvolle roman ‘Dubbelspel’, waarmee hij meteen de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs won. Het boek werd juichend ontvangen en ontwikkelde zich sindsdien tot ‘everseller’. Na ‘Dubbelspel’ publiceerde hij de romans ‘Afscheid van de koningin’ (1975), ‘Nobele wilden’ (1978) en ‘De laatste vrijheid’ (1995). Samen werden deze drie romans in 2006 uitgegeven als de ‘Drie romans’. Alle drie worden ze gekenmerkt door een sociaal en politiek engagement, dat met de jaren actueel is gebleven. Dichter Frank Martinus Arion verwierf bekendheid als schrijver van romans en verhalen. Maar naast romans schreef hij poëzie en essays. Zijn laatste publicatie, zijn verzamelde gedichten, verscheen onder de titel ‘Heimwee en de ruïne’ in 2013. Hij schreef en dichtte in het Nederlands en het Papiamentu. Gedreven verteller Verder was Arion ook een gedreven en meeslepend verteller die de provocatie en de tegenstellingen niet schuwde. Ook sprak hij zich expliciet uit tegen zaken als racisme, onderdrukking en globalisering. Papiamentu Arion was een grote voorvechter van het Papiamentu. Hij was bijvoorbeeld betrokken bij de oprichting van de eerste Papiamentstalige middelbare school. In 2003 werd hij benoemd tot hoogleraar grammatica van het Papiamentu aan de universiteit van Willemstad. Als voorvechter van het Papiamentu zien we hem in felle discussies verwikkeld rondom het invoeren van deze taal op school. Zijn kritische opmerkingen en pleidooien voor erkenning van het Papiamentu deden hem als agressief overkomen. Maar achter dit masker school een vriendelijke persoonlijkheid met grote en welgemeende liefde voor zijn taal en zijn land. Koninklijke onderscheiding In 1992 werd Frank Martinus Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. In december 2008 maakte hij bekend zijn lintje terug te geven aan de Staat der Nederlanden uit protest tegen ‘het rekolonisatieproces’ van Nederland. Hij vond dat Nederland zich te veel met Curaçao bemoeide. M’a kai den sneeuw’ Hieronder een van de bekendste gedichten van Frank met de titel “Ma kai den sneeuw”. Het gedicht alsook de gebruikte Papiamentse tekst en spelling dateren uit de jaren zestig. Ik ben in de sneeuw gevallen Ik ben in de sneeuw gevallen Kun je me niet redden? Val dan neer naast mij En help me huilen. Als je Papiamentu kon spreken Noemde ik je DUSHI Vroeg ik je me met een zoen te redden Maar je kunt niet zwart worden. En ze hebben me gezegd. En ze hebben me bezworen Trouw je met een blanke vrouw Kom je je zwarte land niet meer in. Ik ben in de sneeuw gevallen Kun je me niet redden? Val dan neer naast mij En help me huilen. M’a kai den sneeuw M’a kai den sneeuw Bo n' por sakami? Kai bande mi anto judami jora. Si bo por a papia Papiamentu lo ma jama bo DUSHI pidi bo un sunchi pa sakami ma bo n' por bira pretu. I nan a bisami I nan a hurami: Si bo kasa ku un muhe blanku bo n' por drenta bo tera pretu mas. M’a kai den sneeuw Bo n' por sakami? Kai bande mi anto judami jora. 'M'a kai den sneeuw', in: Frank Martinus Arion, Ta amor so por. Willemstad, Curaçao: Libreria Salas, 1961. Vertaling: Nydia Ecury en Esther Jansma.
Door redactie op donderdag 24 september 2015
Het Papiaments, sinds 2007 een officiële taal op de Nederlandse Antillen, is rijk aan kleurrijke en grappige uitdrukkingen en zegswijzen waar je zowel vrolijk als verdrietig van kunt worden. Veel daarvan stammen nog van vroeger en worden tegenwoordig minder gebruikt. Maar gelukkig zijn er steeds meer jongeren die er belangstelling voor hebben en ze ook meer gebruiken in het dagelijks leven. Daarom besteedt BAAT013 geregeld aandacht aan deze vanuit het leven gegrepen spreekwoorden en gezegden. Hieronder een paar voorbeelden waarbij de Papiamentse uitdrukking vetgedrukt wordt weergeven met daaronder het Nederlandse equivalent of omschrijving. Hoewel het Papiaments maar in een klein taalgebied wordt gesproken is aan onderstaande spreekwoorden en gezegden te zien met hoeveel creativiteit, humor en liefde deze taal zich heeft weten te ontwikkelen en handhaven. Er bestaan twee hoofdvormen van het Papiaments, die vooral in spelling van elkaar verschillen. Het Papiamento dat wordt gesproken op Aruba heeft een etymologisch georiënteerde spelling, terwijl Papiamentu, dat gesproken wordt op Curaçao en Bonaire, fonetisch gespeld wordt. Chupòn no ta yena un yu su barika: Blijf iets dat hoe dan ook moet gebeuren niet steeds maar uitstellen. Mihó mitar glas yen ku henter un glas bashí: Beter een half ei dan een lege dop. Beter iets dan helemaal niets. No ta tur dia ta Pasku. Tur dia no ta lechi dushi: Het is niet altijd rozegeur en maneschijn. Bo no meste pone pushi kwida piská: Je moet de kat niet op het spek binden. Gladys ta bas di redu. Henter ora e ta kana bati bleki: Gladys is een eerste klas roddelaar. Zij doet als maar roddelen Gai ta kanta ora galinya kaba di pone webu: Met andermans kleren pronken. Doctor da Costa Gomez a yega di bisa: “Mi ta un yagdó ku konose mondi”: Doctor da Costa Gomez heeft ooit gezegd: “Ik ken mijn papenheimers wel”. Anzwé chikitu tambe ta kwe piská: Je moet niemand onderschatten. Wilfrido ta moneda di dos kara: Wilfrido is onbetrouwbaar. Hij schaakt op twee borden. Danki di mundu ta pishi di yewa: Dank voor stank krijgen. Riba mi dia di kasamentu mi tabata sintimi manera un puta den misa: Op mijn trouwdag was ik als een kind zo zenuwachtig. Kada kachó tin ku lembe su mes webu: Een ieder moet zijn eigen boontjes doppen. Ora buriku muri, warawara ta hasi fiesta: De een zijn dood is de ander zijn brood. Pa skapa di kachó, konènchi ta drenta den infrou: Een kat in nood maakt rare sprongen. Kargadó di saku largu no ta konfia su kambrada : Zo als de waard is vertrouwt hij zijn gasten. Muhé por pone diabel su boka keda baba: Je moet vrouwen niet onderschatten. Kada pakiko tin su pasobra: Geen oorzaak zonder gevolg. Na tera di galiña, kakalaka no tin palabra: Waar een meerdere komt, moet een mindere wijken. Sende un bela na Dios i un otro na diabel: Twee heren tegelijk dienen. Kachó tin kwater pia ma e no por kana den dos kaminda: Men kan geen twee dingen tegelijk doen. Ook wel: Men kan niet overal tegelijk zijn. Giambo bieuw a bolbe na weya: Een oude vlam is weer opgelaaid, E ta sintá ey pa res i mantek’ibela: Hij zit daar voor spek en bonen. Manchi ta bashí manera ratón di kèrki, E ta kana ku sanka na man: Manchi is zo arm als Job. Hij heeft helemaal niks te makken. Mi no ke ta un pruga den su karson: Ik zou niet graag in zijn schoenen willen staan. Kanaster sin kuminda no ta kue piská: Kosten gaan voor de baat. Blachi bèrdè tin ku seka p’e kai: Alles op z’n tijd. Loke nochi tapa, di dia ta saka: Een leugen komt op den duur altijd uit. Ter afsluiting Weet u wat het Nederlandse equivalent is van deze Papiamentse uitdrukkingen? Plaats dan uw reactie achteraan dit bericht! · Kaminda djente ranka, lenga ta pasa. · E no a rèkè ni mèkè. · Meste grawatá kaminda ta kishikí. Zie ook: Oude uitdrukkingen en gezegden in het Papiaments deel 1