Door redactie op woensdag 4 juli 2018
"Antillianen zijn het vaakst verdacht." Het is zomaar een krantenkop, zoals Antillianen wel vaker negatief in het nieuws komen. Als je niet beter zou weten zou je denken dat het woord Antillianen synoniem staat voor schorriemorrie. Het beeld bestaat in Nederland dat Antillianen luie criminelen zijn. Geert Wilders is ze dan ook liever kwijt dan rijk: "We willen afscheid nemen van de Antillen. Wij gunnen de eilanden volledige soevereiniteit, hoe eerder hoe beter." Als de eilandbewoners zich vol willen proppen met verdovende middelen is dat prima. Maar dan wel op de Antillen. Hier zijn ze niet welkom. Behalve als ze getalenteerd zijn. Dan zijn namelijk wel welkom, zoals dat ook geldt voor andere bevolkingsgroepen. Neem profvoetballer Adam Maher. Die moest kiezen tussen het Marokkaanse en Nederlandse voetbalelftal. Hij koos voor Oranje. Terecht volgens verschillende wijsneuzen, want hij was hier immers opgegroeid. Een argument dat ineens niet meer van relevantie is wanneer Maher een uitkeringstrekkende scootersleutelaar was geweest. Antilliaanse topsporters hoeven niet te kiezen. Hun land hield namelijk in 2010 op te bestaan. Internationale sportbonden besloten daarop het lidmaatschap van de Nederlandse Antillen te beëindigen. Indien sporters nog wilden participeren aan toernooien kon dat (voorlopig) alleen nog maar onder de Nederlandse vlag. En zo gebeurde het dat wereldwijd vier miljard mensen keken naar een man in een oranje pakje bij de 100 meter sprintfinale. De eerste Nederlander in de finale van het koningsnummer sinds Tinus Osendarp in 1936 Zijn naam? Churandy Martina. Voor het grote Nederlandse publiek was hij de grote onbekende. Merkwaardig. Het is namelijk al zijn derde deelname aan de Olympische Spelen. Hij won zelfs al eens een zilveren medaille. Of nee, toch niet. Wacht. Toch wel. In de finale van de 200 meter in Beijing, het onderdeel waarop hij ook vanavond uitkomt, werd hij tweede achter de ongenaakbare Usain Bolt. Erg lang kon hij echter niet genieten van zijn resultaat. De Verenigde Staten diende namelijk een protest in, omdat Martina met zijn voet de binnenste baanlijn passeerde. En dat mag niet. De jury diskwalificeerde Martina. De boze Antilliaanse bond spande een arbitragezaak aan bij het CAS. Hun verweer was dat de Amerikanen hun protest te laat hadden ingediend. U leest het goed. Antillianen die ophef maken over niet op tijd zijn. Het zal u dan ook niet verbazen dat de Antillianen hun zaak kansloos verloren. Toch kreeg Martina zijn medaille. Amerikaan Shawn Crawford, opgeschoven naar de tweede plaats vanwege de diskwalificatie van Martina, wilde zo niet winnen en overhandigde hem zijn zilveren medaille. De goedlachse Martina bewijst dat het snel kan gaan. Letterlijk. Niet al te lang geleden was hij zo’n Antilliaan. Tegenwoordig is hij onze Nederlandse held. Hij is blij omdat de Nederlanders blij zijn, en de Nederlanders zijn blij omdat hij blij is. Hij kreeg het voor elkaar om Antillianen voor de verandering eens niet direct met bolletjesslikkers te associëren. Hij maakte van lui relaxed. Heel Nederland zal hem vanavond aanmoedigen. Dat moet de eerst bejubelde Antilliaan vleugels geven, resulterend in een welverdiende medaille. Hup Holland! Met dank aan: Johan Brinkel (http://johanbrinkel.weblog.nl) Website BAAT013 stopt ermee. Dat heb je hier kunnen lezen. We sluiten af door nog een aantal weken succesvolle artikelen uit het verleden opnieuw te plaatsen. Bovenstaand artikel verscheen dus al eerder op deze site.
Door redactie op woensdag 20 juni 2018
Op Facebook is een groep die ‘You Know You've Lived in Curacao if...’ heet. Op deze pagina delen mensen die op Curaçao wonen of woonden hun herinneringen. De pagina heeft al meer dan 10.000 deelnemers. Zowel ‘yiu di korsou’ als makamba’s. Ik ben zo’n makamba uit Tilburg die graag de foto’s en berichtjes op deze Facebook-pagina bekijkt. Meestal gaat het over alledaagse dingetjes: Ken je de mensen die op deze foto staan? Waar kun je in Nederland pastèchi kopen? Wie is ook geboren of bevallen in de kraamkliniek op Rio Canario? Soms barsten er opeens politieke discussies los, waarbij het er fel aan toe kan gaan. Een vriend (wél yiu di korsou) vroeg me waarom ik me zo betrokken voel bij Curaçao. Ik kon hem niet goed antwoord geven. Ik bracht een groot deel van mijn jeugd op Curaçao door. Een heerlijke tijd. Als 15-jarige net terug in Nederland lachten ze me op de nieuwe school uit om mijn rare accent. Het koste het me jaren om te wennen aan Nederland. Maar toen ik eenmaal weer geaard was, verwaterde mijn band met Curaçao. Pas in 2010, ik was er 19 jaar niet meer geweest, ging ik er weer naartoe. Samen met een vriendin met wie ik op Curaçao op de middelbare school had gezeten. We logeerden bij een derde vriendin die er nog woont. Het was net de week van orkaan Thomas. Het stormde, stortregende en onweerde en de stroom viel uit. Toch voelde ik me weer helemaal thuis. En dat gevoel herhaalde zich in 2012 en begin dit jaar, toen ik weer naar Curaçao ging. Als ik vanuit het vliegtuig het eiland al zie liggen, ben ik zo blij. En ik pijnig mijn hersens: waarom is dat zo? Is het de zon die nergens zo voelt als daar? Zijn het de mensen die zo vertrouwd zijn? Is het de natuur van Banda Bou die ik zo prachtig vind? Of is het minder poëtisch en voelt ieder mens zich gewoon fijn op de plek waar hij of zij is opgegroeid? En had ik dezelfde gevoelens gehad voor de Veluwe of voor Maastricht als ik daar mijn jeugd had doorgebracht? Ik weet het niet. Ik weet wel dat in ieder geval 10.000 mensen in de Facebook-groep mijn positieve gevoelens voor Curaçao delen. En die mensen zijn ook allemaal realistisch: ze weten dat het niet altijd rozengeur en maneschijn is op Curaçao, en dat er veel problemen zijn. Maar zou het niet mooi zijn als we met z’n 10.000 met al die liefde iets voor Curaçao kunnen betekenen? Hoe? Tja… daar moet ik nog over nadenken. Wie het weet mag het zeggen! Marjan van Wijngaarden          
Door redactie op woensdag 13 juni 2018
Jaarlijks komen 1000 studenten uit Curaçao, Aruba, Sint Maarten en Caribisch deel in Nederland studeren. De meeste kiezen voor economie of rechten. Maar Gabi Ras uit Curaçao niet. Zij studeert Knowledge Engineering aan de Universiteit van Maastricht. Een studie die haar helemaal naar Iran bracht. “Daar is het net zo rommelig als op Curaçao.” Als kind al had Gabi een passie voor science fiction, robots en kunstmatige intelligentie. Haar kennis deed ze op via televisie en internet. “Ik kijk graag naar science fiction films en ik lees er graag over. Een van de mooiste boeken die ik heb gelezen is Space Odyssey, een reeks van vier boeken van Arthur C. Clarke. Het verhaal gaat over een computer die doorgeslagen is en mensen doodt. Kunstmatige intelligentie tegen de mens, dat is wat mij boeit.” Wisselen van studie Gabi kwam in 2010 naar Nederland om te studeren. Eerst deed zij Industrial Design aan de Technische Universiteit Eindhoven. Maar haar passie voor kunstmatige intelligentie bleef. Na het halen van haar eerste jaar wilde ze toch iets anders doen. Het werd Knowledge Engineering. Daar vond ze haar passie. Robots spelen voetbal Tijdens haar studie kreeg Gabi de kans om met robots te werken. Ze kwam terecht in het Dutch NAO Team. NAO is het type robot waarmee ze werkt. “Een robot kan in principe alles,” vertelt ze. “Maar deze robots spelen voetbal. Ik leer mijn robot alles over voetbal.” Team doet mee aan competities Het Dutch NAO Team bestaat uit Bachelor en Master-studenten, die door een senior medewerker worden ondersteund. Het team is een samenwerkingsverband tussen de Universiteit Maastricht, Technische Universiteit Delft en Universiteit van Amsterdam. Het Dutch NAO Team doet mee aan verschillende competities van de Robocup. Robots spelen in 2050 tegen de mens Doel van Robocup is om in 2050 robots voetbal te laten spelen tegen de mens. Robocup organiseert jaarlijks wereldcupwedstrijden. Een keer per jaar organiseert een grote wedstrijd en daarnaast andere wedstrijden. Begin april was er eentje in Iran. Gabi deed ook mee. Ze vond het prachtig om naar Iran te gaan. “Wat ik van Iran vond? Even rommelig als Curaçao,” grapt Gabi. Robots kunnen niet denken Robots programmeren vindt Gabi fantastisch. “Als je een computer in een robot doet, wordt het tastbaar. Het gaat bewegen en de robot doet ook wat jij wilt.” Maar, zegt Gabi: “Jij programmeert steeds een robot. Ze kunnen niet zelf denken. Ze kunnen veel. Op het gebied van schaken bijvoorbeeld kunnen ze de mens al verslaan. Maar in 2050 met voetballen de mens verslaan? Daar is het nog te vroeg voor. “ Gabi is nu bezig met de voorbereiding voor de wereldcup voetbal in Brazilië in juli. Met de robots uiteraard. Voor meer informatie: http://www.dutchnaoteam.nl http://www.robocup.nl Website BAAT013 stopt ermee. Dat heb je hier kunnen lezen. We sluiten af door nog een aantal weken succesvolle artikelen uit het verleden opnieuw te plaatsen. Bovenstaand artikel verscheen dus al eerder op deze site.
Door redactie op woensdag 6 juni 2018
Frank Martinus Arion (1936) is een bekende Curaçaose schrijver, dichter en taalwetenschapper. Hij heeft van 1955 tot 1981 in Nederland gewoond en heeft Nederlandse taal en letterkunde gestudeerd aan de universiteit van Leiden. ‘M’a kai den sneeuw’ Hieronder een gedicht van Frank met de titel “Ma kai den sneeuw”. Een gedicht dat goed past bij de winterse weersomstandigheden van de afgelopen dagen. Het gedicht alsmede de gebruikte Papiamentse tekst en spelling dateren uit de jaren zestig. Ik ben in de sneeuw gevallen Ik ben in de sneeuw gevallen Kun je me niet redden? Val dan neer naast mij En help me huilen. Als je Papiamentu kon spreken Noemde ik je DUSHI Vroeg ik je me met een zoen te redden Maar je kunt niet zwart worden. En ze hebben me gezegd. En ze hebben me bezworen Trouw je met een blanke vrouw Kom je je zwarte land niet meer in. Ik ben in de sneeuw gevallen Kun je me niet redden? Val dan neer naast mij En help me huilen. M’a kai den sneeuw M’a kai den sneeuw Bo n' por sakami? Kai bande mi anto judami jora. Si bo por a papia Papiamentu lo ma jama bo DUSHI pidi bo un sunchi pa sakami ma bo n' por bira pretu. I nan a bisami I nan a hurami: Si bo kasa ku un muhe blanku bo n' por drenta bo tera pretu mas. M’a kai den sneeuw Bo n' por sakami? Kai bande mi anto judami jora. 'M'a kai den sneeuw', in: Frank Martinus Arion, Ta amor so por. Willemstad, Curaçao: Libreria Salas, 1961. Vertaling: Nydia Ecury en Esther Jansma.
Door redactie op donderdag 31 mei 2018
Donderdag is het 10 oktober. Curaҫao bestaat dan 3 jaar als land binnen het Koninkrijk. Hieronder een bijdrage van Jeroen Baldwin, een Tilburger die op Curaçao woont en werkt. Jeroen is sportredacteur van de Amigoe, een Nederlandstalige krant op Curaçao. Hond Ik ben aan het werk en stond net buiten even een sigaretje te doen. Mijn oog viel op een - jaren geleden - stuk gestort beton en ik zag er twee hondenpootjes in vereeuwigd staan. Ik schoot in de lach. Mooi, die honden op Curaçao. Ze horen er helemaal bij. Een oom van een vriend van me sprak ooit de gedenkwaardige woorden ‘als de honden op Curaçao weten hoe de honden in Nederland leven, staan ze vanavond nog in de vertrekhal op Hato’. Ik moest ook denken aan een ander beeld en mijn lach werd nog veel breder. Het was 11 oktober 2010. Ik woonde nog in Nederland en zat achter mijn computer, op zoek naar beelden van alle gebeurtenissen op Curaçao, een dag eerder. U weet wel, 10-10-‘10. Er kwam aardig wat voorbij, maar wat precies weet ik eigenlijk niet meer. Een boel belangrijke mensen op een spreekgestoelte in elk geval die veel gewichtige woorden uitspraken. Vergeef me als ik de precieze setting niet meer weet, maar in mijn gedachten ging het zo: op zeker moment moest de vlag van Curaçao gehesen worden. Een plechtig moment, want het zou voor het eerst zijn dat de vlag van het autonome Curaçao gehesen werd. Niks meer Antilliaanse vlag. Nee, de diepblauwe vlag met het grote en kleine gele sterretje. Ik kan me zo voorstellen dat er aan dat moment heel wat vooraf was gegaan. De boel rondom het Brionplein, waar alles zou gaan plaatsvinden, was keurig opgeruimd. Bepaalde elementen hadden een likje verf gekregen; rottend hout was vervangen door nieuwe planken; er waren tribunes geplaatst; er waren planten, bloemen, van alles. Alles om er een dag van te maken waarop alles klopte. Waarop alles volgens plan verliep. Vroeg op de dag al was de omgeving van het Brionplein afgezet. Geen auto’s, geen andere zaken die in de weg konden staan. Er was een veiligheidscordon opgebouwd en alles was klaar voor een prachtige avond. Een avond waarop Curaçao Land Curaçao zou gaan worden. Het was de eerste echte ‘Nos Mes Por’-actie. Nadat vele hotemetoten hun zegje hadden gedaan was het tijd om de vlag te hijsen. Zoals ik al zei, het was een zeer plechtig moment. Iedereen was stil. Degene op het spreekgestoelte kondigde het hijsen van de vlag aan, maar op het moment dat hij daarmee bezig was, viel zijn oog op iets dat niet thuis hoorde op deze avond en deze plaats, in zijn beleving althans. Een andere camera pakte het tafereel op. Vanuit het niets kwam daar plotseling een hond het Brionplein opgelopen. Alsof het een gewone dag was kruiste de hond het Brionplein. Terwijl hij liep, keek hij nog eens in de camera en leek zijn schouders op te halen. Hij kwam uit de haag mensen die het plein omzoomden en verdween er ook weer, aan de andere kant. De hond keek alsof hij wilde zeggen ‘hallo, ik loop hier altijd, hoor’. Ik probeerde me in de hond te verplaatsen om na te gaan wat hij dacht. Het zal zoiets geweest zijn als: ‘eigen land, eigen vlag, veel gedoe, maar het blijft gewoon Curaçao, hoor. Het Curaçao waar ik rond loop, op zoek naar wat te bikken en naar een lekker ding dat ik dan het hof kan maken. Lekker belangrijk allemaal. Morgen loop ik hier weer. Dan zijn jullie er vast niet’. Website BAAT013 stopt ermee. Dat heb je hier kunnen lezen. We sluiten af door nog een aantal weken succesvolle artikelen uit het verleden opnieuw te plaatsen. Bovenstaand artikel verscheen dus al eerder op deze site.
Door redactie op woensdag 23 mei 2018
In Oisterwijk, gemeente Brabant, is een straat vernoemd naar Boy Ecury. Boy Ecury was een Arubaanse verzetsstrijder in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij gaf zijn leven voor de vrijheid van Nederlanders. Segundo Jorge Adelberto (Boy) Ecury wordt op 23 april 1922 geboren op Aruba als zevende van dertien kinderen. Ecury komt uit een katholiek gezin van de welgestelde zakenman Dundun Ecury en heeft een gelukkige jeugd. Naar Nederland Na de middelbare schooltijd op Aruba wordt Boy in 1937 door zijn vader naar Nederland gestuurd voor verdere studie. Op de Brabantse kostschool krijgt Boy het als enige zwarte jongen zwaar te verduren. Hij groeit uit tot een eigenzinnige jongen met een sterk verlangen naar rechtvaardigheid. Hij haalt een handelsdiploma op het St. Louis Instituut in Oudenbosch. Verzetsactiviteiten in het Papiaments Dan breekt de oorlog uit. Boy's verzet tegen het onrecht om hem heen groeit. Aanvankelijk pest hij de Duitsers op vrij onschuldige wijze. Langzaam maar zeker wordt zijn verzet echter serieuzer. Hij stelt zich fel en provocerend op jegens de bezetter. Dit leidt ertoe dat hij vanaf het begin van de oorlog actief is in het verzet. Eerst samen met zijn beste vriend, Luis de Lannoy, een medestudent uit Curaçao. Later voegt ook Delfincio Navarro zich bij hen. Ze communiceren in het Papiaments via brieven. Samen plegen ze aanslagen op met brandbommen volgeladen Duitse vrachtauto's, en laten ze treinen ontsporen. Ook helpen ze onderduikers en brengen Geallieerde piloten in Tilburg in veiligheid. Onderduiken In 1942 moet Ecury weg uit Tilburg omdat het te gevaarlijk voor hem wordt. Hij duikt onder op verschillende adressen in Oisterwijk, Delft en Rotterdam. Ook sluit hij zich aan bij een verzetsgroep in Oisterwijk. Als zijn vriend De Lannoy na verraad op 10 februari wordt gearresteerd, doet Boy een poging om hem uit de gevangenis in Utrecht te bevrijden. Maar dat mislukt. Hierna begint Ecury met zijn donkere uiterlijk ook in Oisterwijk te veel op te vallen. Hij sluit zich eind 1944 aan bij de Knokploegen in Den Haag waar hij acties voorbereidt en pleegt, waaronder een liquidatie op een lid van de NSB. Arrestatie en executie Op zondag 5 november 1944, nadat hij de hoogmis in de H. Elisabethparochie bezocht, wordt Boy Ecury in Rotterdam gearresteerd. Hij is verraden door een bekende, Kees Bitter. Hij wordt overgebracht naar de gevangenis het Oranjehotel in Scheveningen. Ecury wordt op 6 november 1944 op de Waalsdorpervlakte gefusilleerd. Hij sterft met een glimlach op de lippen. In 1947 is zijn stoffelijk overschot met militaire eer op Aruba herbegraven. Film en boek Cineast Ted Schouten, een neef van Ecury, maakt begin jaren tachtig voor TeleAruba een televisiedocumentaire over zijn leven. Dankzij de film krijgt Ecury in 1984 postuum het Verzetsherdenkingskruis.  Daarna schrijft Schouten een boek dat in 1985 verschijnt en in 2000 door de Arubaanse regering is heruitgegeven: ‘Boy Ecury, een Antilliaanse jongen in het verzet’. In 2003 maakt cineast Frans Weisz met medewerking van Ted Schouten een film over het leven van Ecury. In het weekend van 25 en 26 oktober viert Oisterwijk 70 jaar bevrijding. Bij die 70 jaar vrijheid past het daarom stil te staan bij het leven van Boy Ecury. Website BAAT013 stopt ermee. Dat heb je hier kunnen lezen. We sluiten af door nog een aantal weken succesvolle artikelen uit het verleden opnieuw te plaatsen. Bovenstaand artikel verscheen dus al eerder op deze site.
Door redactie op zaterdag 12 mei 2018
Curaçaose Tilburger Roderick (Roy) Pieters wordt de nieuwe Gevolmachtigd Minister van Curaçao in Nederland. Hij is door partij Pueblo Soberano voor die post naar voren geschoven. Roy Pieters (61) is geboren op Curaçao. Hij woont al 40 jaar in Tilburg, waar hij gestudeerd heeft en daarna is blijven wonen. Hij is gehuwd en heeft een dochter van 19. Op lokaal, regionaal en landelijk niveau is Pieters al meer dan 35 jaar actief als vrijwilliger betrokken bij allerlei uiteenlopende zaken die van belang zijn voor de maatschappelijke positie van Antillianen en Arubanen in Nederland. Maar hij is niet alleen een belangenbehartiger puur sang. Mensen die met hem hebben gewerkt, weten dat hij een duidelijke eigen visie heeft over hoe hij zaken wil bereiken.. Voorzitter Sirkulo Antiyano Tilburg Pieters is voorzitter van Sirkulo Antiyano Tilburg (SAT), de oudste Antilliaanse zelforganisatie in Nederland, die in november 2013 50 jaar bestaat. Helaas is de vereniging in moeilijk vaarwater geraakt doordat de gemeente Tilburg de subsidie aan SAT per 1 januari 2013 heeft ingetrokken. Veel kennis van Nederlandse en Curaçaose samenleving Volgens Helmin Wiels, partijleider van Pueblo Soberano, is het feit dat Pieters in het verleden voorzitter was van het Overlegorgaan Caribische Nederlanders (OCaN), en ook voorman van voorganger Landelijk Inspraakorgaan Antillianen (LIA), een van de belangrijkste redenen waarom hij voor deze post naar voren geschoven is. Ook heeft hij veel kennis van zowel de Nederlandse- als de Curaçaose samenleving en heeft hij een uitgebreid netwerk in Nederland, aldus Wiels. Aanstelling is economisch voordelig Maar ook het feit dat Pieters al in Nederland woont, speelde volgens de PS-leider een rol bij zijn voordracht. Volgens Wiels is het economisch voordeliger om iemand in Nederland als gevolmachtigd minister aan te stellen, dan om iemand met zijn hele gezin vanuit Curaçao naar Nederland over te vliegen. Ook BAAT vindt Pieters een uitstekende kandidaat voor het Gevolmachtigd Ministerschap omdat hij optimaal aan de functiecriteria voldoet. Ervaring als bestuurder Pieters is directeur/mede-eigenaar van Ad Interim Management and Organisation Consultants BV en heeft als bestuurder, manager en consultant veel ervaringen met begeleiding van veranderingsprocessen bij bedrijven, overheden, profit en non-profit organisaties, en GGZ-instellingen. Officiële vertegenwoordiging van Curaçao in Nederland Het ’Curaçaohuis’ (het Kabinet van de Gevolmachtigde Minister) met de Gevolmachtigde Minister aan het hoofd is gevestigd in Den Haag en is de officiële vertegenwoordiging van Curaçao in Nederland. Als Gevolmachtigd Minister van Curaçao is Pieters ook lid van de Ministerraad van het Koninkrijk. Deze Rijksministerraad wordt gevormd door de ministers van de Nederlandse regering samen met de Gevolmachtigd ministers van Curaçao, Aruba en Sint Maarten. Op deze manier neemt de Gevolmachtigde Minister van Curaçao deel aan politiek overleg in Nederland over Koninkrijksaangelegenheden, zoals internationale verdragen, defensie aangelegenheden en zaken die te maken hebben met de Nederlandse nationaliteit. Ook behartigt hij de belangen van Curaçaoënaars in Nederland. BAAT is trots Het bestuur van BAAT is uiteraard erg trots dat een Curacaoēnaar uit de Curaçaos Tilburgse gemeenschap voor deze belangrijke functie naar voren is geschoven. Wij wensen hem veel succes! Website BAAT013 stopt ermee. Dat heb je hier kunnen lezen. We sluiten af door nog een aantal weken succesvolle artikelen uit het verleden opnieuw te plaatsen. Bovenstaand artikel verscheen dus al eerder op deze site.
Door redactie op zaterdag 5 mei 2018
BAAT heeft Sirkulo Antiyano Tilburg (SAT) voorgedragen voor de MAAPP Award 2013. Deze onderscheiding wordt uitgereikt aan vrijwilligers die zich op een uitzonderlijke wijze inzetten voor de Antilliaans/Arubaanse gemeenschap in Nederland. De MAAPP (Movimentu Antiano i Arubano pa Promové Partisipashon) houdt zich bezig met politieke en maatschappelijke ontwikkelingen die invloed kunnen hebben op Nederlanders van de Antilliaanse en Arubaanse afkomst. Samen met de beraden stimuleert de MAAPP de Antilliaanse en Arubaanse gemeenschap in Nederland om actief deel te nemen in en aan de Nederlandse samenleving. BAAT vindt dat SAT de MAAPP Award verdient en in het zonnetje moeten worden gezet voor hun inzet voor de Antilliaanse/Arubaanse gemeenschap in de afgelopen 50 jaar. Waarom? SAT bestaat 50 jaar De vereniging Sírkulo Antiyano Tilburg (SAT), voorheen Tilburgse Antilliaanse Kring (TAK), is in 1963 opgericht en bestaat dit jaar 50 jaar. SAT werd als studentenvereniging opgericht door een groep Antilliaanse en Arubaanse studenten die toen in Tilburg woonden en studeerden. Van TAK naar SAT Daarna vestigden zich steeds meer Antillianen en Arubanen in Tilburg. Tilburg is inmiddels de vierde Antillianengemeente van Nederland. Daarom werd studentenvereniging TAK na tien jaar omgevormd tot de zelforganisatie en vereniging Sirkulo Antiyano Tilburg en kreeg een eigen verenigingsgebouw.   Woonkamergevoel Door de zeer gedreven inzet van de Antilliaanse en Arubaanse vrijwilligers in Tilburg bracht SAT de Antilliaanse en Arubaanse landgenoten samen. Ze faciliteerde (culturele en sociale)  ontmoetingen, sportactiviteiten en festiviteiten met als doel ‘het ver van huis gevoel’ samen te delen. Door het eigen verenigingsgebouw heerste jarenlang het woonkamergevoel waar je weer even de Antilliaanse en Arubaanse vibe kon voelen.   SAT als voorbeeld In de loop der jaren kreeg SAT steeds meer een maatschappelijke rol en werd (soms tegen wil en dank) de vertegenwoordiger van de Antillianen en Arubanen richting de gemeente Tilburg. SAT heeft ook vaak voor besturen van andere Antilliaanse en Arubaanse organisaties als voorbeeld en model gefungeerd. Rol van behoeder Helaas is door het huidige politieke- en maatschappelijke klimaat in Nederland geen ruimte en draagvlak meer voor de rol van behoeder van de eigen cultuur en identiteit. SAT vervulde die rol jarenlang met verve. Twee jaar geleden heeft de gemeente Tilburg de subsidie van SAT volledig ingetrokken. SAT gaat door zonder subsidie Het typeert de gedrevenheid en vasthoudendheid van de Antilliaanse en Arubaanse vrijwilligers die momenteel met man en macht aan het werk zijn om SAT zonder subsidie zich opnieuw uit te vinden. Met als doel in de huidige moeilijke tijden een rustpunt en anker te zijn voor de Antilliaanse en Arubaanse Tilburgers. BAAT vindt dat de gemotiveerde vrijwilligers van SAT ervoor hebben gezorgd dat SAT de vijftig heeft gehaald. Daarom verdienen zij samen de MAAPP Award 2013. De winnaar van de MAAPP 2013 wordt op zes september bekend gemaakt. Website BAAT013 stopt ermee. Dat heb je hier kunnen lezen. We sluiten af door nog een aantal weken succesvolle artikelen uit het verleden opnieuw te plaatsen. Bovenstaand artikel verscheen dus al eerder op deze site.
Door redactie op donderdag 19 april 2018
Het zat er al een tijdje aan te komen en nu is het zover. Per 1 oktober sluit Sírkulo Antiyano Tilburg (SAT) haar contact- en ontmoetingscentrum aan de Goirkestraat in Tilburg. Afgelopen zaterdag was er een ‘Ayo Goodbye Party’. Roy Pieters, een van de bestuursleden van SAT, benadrukt dat het gebouw aan de Goirkestraat dicht gaat, maar dat SAT als vereniging niet opgeheven wordt. Twee jaar geleden trok de gemeente Tilburg haar huisvestingssubsidie in. Deze subsidie maakte het SAT mogelijk om er een eigen verenigingslocatie op na te houden. Met het intrekken van de subsidie kwam het voortbestaan van de ontmoetingsplek op losse schroeven te staan. Door de vasthoudendheid van een paar actieve en betrokken Antilliaanse en Arubaanse vrijwilligers kon het SAT-gebouw na intrekking van de subsidie toch open blijven. Maar nu valt het doek dan definitief. De reden: de benodigde financiële middelen om de exploitatie van een eigen ontmoetingscentrum te betalen, kunnen toch niet opgebracht worden. Dream or Donate mislukt Een initiatief van het bestuur om kopstukken uit de Antilliaanse gemeenschap in Tilburg en ‘Captains of Industries’ op de Antillen die ooit in Tilburg gestudeerd hebben om een donatie te vragen, had niet het beoogde effect. Volgens de website ‘dreamordonate.com’, heeft een laatste oproep aan mensen die SAT een warm hart toedragen om een bedrag te doneren om de achterstallige huisvestingskosten te betalen slechts € 90,00 opgeleverd, terwijl er minimaal € 15.000,00 nodig was. Geen rust- en ankerpunt meer? Het SAT-gebouw is in de jaren zeventig in gebruik genomen. Dit was een tijdperk waarin de Antillianen en Arubanen in Tilburg een hechte gemeenschap met een hoge sociale cohesie vormden (historie SAT deel 1 en deel 2). Jarenlang was het ontmoetingscentrum van SAT een rust- en ankerpunt waar je het ‘ver van huis gevoel’ kon delen en waar er een woonkamergevoel heerste waar je weer even de Antilliaanse en Arubaanse vibe kon voelen. Technologische ontwikkelingen De laatste decennia is dat veranderd, onder andere vanwege zowel sociaal maatschappelijke als technologische (internet, Facebook, Skype, Whatsapp, etc.) ontwikkelingen. Mensen kunnen gemakkelijk contact hebben en houden met het thuisfront. Daarnaast is er kennelijk onvoldoende geanticipeerd en gereageerd op de sociaal maatschappelijke veranderingen bij de Antilliaanse/ Arubaanse gemeenschap in Nederland en Tilburg in het bijzonder. Ziel en zaligheid Uiteraard zijn er binnen de Antilliaanse gemeenschap mensen die het jammer vinden dat de ontmoetingsplek verdwijnt. Er zijn mensen die tot op het laatste moment met hun hele ziel en zaligheid geknokt hebben voor het behoud van SAT-gebouw. Daar tegenover staan er ook velen die aangeven totaal geen binding te hebben met SAT en het SAT-gebouw in de Goirkestraat. Geen binding meer Een korte ronde en navraag bij verschillende Antillianen en Arubanen in Tilburg laat een eenduidig beeld zien. Er zijn mensen, met name uit de begin jaren van TAK/SAT, die zeggen dat ze het erg jammer vinden, maar tegelijkertijd zeggen dat ze al jaren geen binding meer hebben met SAT als vereniging. Er is ook een grote groep die vindt dat SAT een negatief imago heeft gekregen en dat zij zich niet associëren met SAT. Weer anderen zeggen de behoefte en de meerwaarde van een eigen ontmoetingsplek in de huidige vorm niet in te zien. Een vereniging voor alle Antillianen in Tilburg De toekomst van de vereniging SAT, die vorig jaar november haar 50-jarig bestaan vierde, is ongewis. Het bestuur zegt bij monde van Roy Pieters dat zij met een plan bezig zijn voor de doorstart van SAT als vereniging. Daarvoor hebben zij aangeklopt bij de prominenten uit Curaçao voor financiële raad en daad. Deze prominenten hebben wel een voorwaarde. SAT moet weer worden zoals vroeger: een vereniging voor alle Antillianen in Tilburg met leden. En SAT moet weer een binding hebben met Curaçao op sociaal, maatschappelijk, cultureel en politiek gebied. De vraag is en blijft: wie gaat SAT echt missen en hoe moet de nieuwe SAT er uit gaan zien om wel een solide en relevante positie te verwerven in de Antilliaans en Arubaanse Tilburgse gemeenschap?   Website BAAT013 stopt ermee. Dat heb je hier kunnen lezen. We sluiten af door nog een aantal weken succesvolle artikelen uit het verleden opnieuw te plaatsen. Bovenstaand artikel verscheen dus al eerder op deze site.
Door redactie op woensdag 11 april 2018
Oude muntnamen en muntstukken, wie kent ze nog? Daarom een overzicht van oude, (bijna) niet meer courante muntsoorten die op Curaçao zijn gebruikt als betaalmiddel of rekenmunt. Soms waren het officiële namen, maar vaak ook vondsten die in het dagelijks gebruik ontstonden. Bijvoorbeeld het oude en nog steeds gebruikte dòlò (verbastering van dollar). Serka Shon Nènè un bleki di ‘black marón’ tabata kosta doria dos plaka i un bleki sardinchi marka Brunswyck tabata kosta un giotín. Un kakiña tabata kosta dos plaka i un paki di pinda herebé tabata kosta dies plaka serka Tomasa. Na barku di fruta na Punda bo por a kumpra un brasa di bakoba kaska hel pa un chilín. Bubu = 100 centen (gulden) Sèn chikito = ½ cent Sèn grandi = 1 cent Chilín = 62 ½ cent Depchi = 10 centen Dies plaka = 25 centen Diesun plaka = 27 ½ cent Doria = 30 centen Doria un plaka = 32 ½ cent Doria dos plaka = 35 cent Doria tres plaka = 37 ½ cent Doria kwater plaka = 40 centen Doria sinku plaka = 42 ½ cent Dos sèn grandi = 2 centen Dos plaka = 5 centen Fuèrtè = 2,50 (rijksdaalder) Gurdein / Gardein = 50 cent (halve gulden) Heldu = 100 centen (gulden) Giotín = 50 cent (halve gulden) Kuater plaka = 10 centen Kuater ria = 60 centen Locha = 5 centen Mei fuèrtè = 1,25 Ria = 15 centen Nuebe ria = 1,35 Nuebe plaka = 100 centen (gulden) Ocho plaka = 20 centen Ocho ria = 1,2 Ocho ria kuater plaka = 1,3 6 sèn grandi = 6 centen   Website BAAT013 stopt ermee. Dat heb je hier kunnen lezen. We sluiten af door nog een aantal weken succesvolle artikelen uit het verleden opnieuw te plaatsen. Bovenstaand artikel verscheen dus al eerder op deze site.