Door redactie op donderdag 19 februari 2015
Er is iets opmerkelijks aan de hand. Terwijl de gevestigde Antilliaanse verenigingen in Nederland het steeds moelijker krijgen, richten Antilliaanse studenten en young professionals steeds meer organisaties op. Veel van de gevestigde Antilliaanse organisaties worstelen met hun eigen plannen of houden op te bestaan. Na 25 jaar sluit Vriendengenootschap Nederlandse Antillen en Aruba (VNAA) haar deuren. Ook de Movementu Antiano i Arubano pa Partisipashon (MAAPP) houdt op te bestaan. Minder geld Overlegorgaan Caribische Nederlanders (OCaN), de meest invloedrijke Antilliaanse organisatie in Nederland, moet het met flink minder geld gaan doen omdat het Rijk geen subsidie meer geeft. En de oudste Antillianen vereniging Sirkulo Antiyano Tilburg (SAT) krijgt geen huisvestingssubsidie meer en beraadt zich wat te doen. Jongeren wachten niet op ouderen Maar er is iets opmerkelijks aan de hand. In het najaar van 2014 besluiten de jongerenorganisaties om nauw met elkaar te gaan samenwerken. Zij willen niet langer wachten op de oudere generaties, want zouden teveel tijd besteden aan het doorhakken van knopen. Alleen de Vereniging Antilliaans Netwerk (VAN) heeft zich bij de jongeren aangesloten. Jongeren op social media De jongeren die de organisaties runnen zijn bijna klaar met hun studie of hebben al een paar jaar ervaring als vrijwilliger in de stichtingen en verenigingen. Ze maken gebruik van sociale media en spelen zo in op jongeren om mee te doen aan hun activiteiten. Daardoor zijn ze succesvoller in het mobiliseren van de achterban. Creatief met geld De jongerenorganisaties hebben weinig tot geen ervaring met het naar binnen halen van subsidiegelden. De organisaties zoeken allerlei creatieve manieren om geld via hun achterban te krijgen of ze zoeken sponsoren als ze met vakantie op de eilanden zijn. Maar zelfs als ze gesponsord worden, zijn het geen grote bedragen. Als ze 1500 euro in kas hebben voor een jaar is dat al veel voor hun begrip. Daarom spreken ze studenten aan op hun kwaliteiten. Bijvoorbeeld studenten met een grafische studie, om flyers, posters en websites voor hen te maken. Kosten? De studenten doen het gratis, in ruil voor een ervaring rijker. Jongeren organisaties Hieronder een paar van de nieuwe Antilliaanse organisaties: De grote nieuwkomer van 2014 is de Stichting CN’ers, gerund door jongeren. Deze stichting wil graag het Caribisch Nederlands talent stimuleren door studenten een kans te bieden om vrijwilligerswerk in Europa te gaan doen. Ook heb je Kiva Curacao, de stichting die zich inzet voor Curaçaose studenten en young professionals. ABC Compas, is een vereniging voor Antilliaanse studenten met een technische studie. En tot slot heb je de studentenclub ByGonga in Rotterdam.
Door redactie op woensdag 3 december 2014
Vrijdag is het Sinterklaasavond. Een van de verhalen die jaarlijks terugkeert, is die van San Nicolas i probesa (Sinterklaas en armoede) van de Curaçaose schrijver/dichter Elis Juliana geschreven in de jaren vijftig. Met name voor de bewoners van Curaçao is het een klassiek en bekend verhaal. Het verhaal gaat over Juancito, zoon van een alleenstaande moeder uit een arme woonwijk. De dag na pakjesavond staat Juancito met een triest gezicht naast de deur kijkend naar de andere kinderen die spelend met hun Sinterklaascadeaus vrolijk voorbij komen. Hij is aangeslagen en kan maar niet begrijpen waarom hij niets heeft gekregen. Hij heeft er alles aan gedaan om een cadeau van Sinterklaas te krijgen. Hij heeft zelfs een uitgebreide brief naar Sinterklaas en Zwarte Piet geschreven. In de brief beschrijft Juancito de trieste situatie waarin hij verkeert. Hij vraagt naast een cadeau voor zich zelf ook om medicijnen voor zijn zieke moeder. Met deze brief hoopt hij dat hij ook iets krijgt van Sinterklaas. Maar helaas. Het verhaal van Elis Juliana is een verhaal over de tegenstelling tussen arm en rijk en de droom van een kind.
Door redactie op woensdag 26 november 2014
Het Chikungunya-virus verspreidt zich razendsnel over Curaçao. In de afgelopen maanden is er een flinke toename van het aantal besmettingen met het Chikungunya. De wachtkamers van de huisartsen zitten vol. Chikungunya is een infectieziekte die wordt veroorzaakt door een virus. Dit virus wordt overgedragen door de beet van geïnfecteerde muggen: de aedesmuggen. Zij steken vooral overdag. De tijd tussen het oplopen van Chikungunya-virus en het ontstaan van klachten is tussen de 1-12 dagen. Maar meestal word je binnen 2 tot 4 dagen ziek. Veel mensen ziek Hoeveel mensen het Chikungunya-virus hebben, is moeilijk in te schatten. Om vast te stellen of iemand Chikungunya heeft, moet hij of zij zich laten testen. Uit cijfers van de GGD blijkt dat er momenteel 8.000 gevallen van Chikungunya gemeten zijn. Verwacht wordt dat dit er eind november 11.000 zijn. Ziekteverschijnselen en symptomen plotseling opkomende hoge koorts ernstige spier- en gewrichtspijn (in polsen, enkels en/of vingers) hoofdpijn lichtschuwheid huiduitslag die enkele weken tot maanden kan aanhouden. De acute symptomen na een infectie met Chikungunya-virus verdwijnen meestal binnen 1-2 weken, maar de gewrichtspijnen (artritis) en vermoeidheid kunnen lang aanhouden (maanden tot jaren). Geen vaccin of geneesmiddelen Er bestaan geen vaccins of medicijnen tegen Chikungunya. De medicijnen die je krijgt, verzwakken de pijn en symptomen en remmen de groei van het virus. Maar ze bestrijden het virus niet. Uiteindelijk moet je uitzieken en moet je lichaam met de eigen weerstand de ziekte overwinnen. Chikungunya is niet besmettelijk Alleen muggen kunnen het virus overdragen. Mensen die besmet zijn met Chikungunya kunnen de aandoening dus niet rechtstreeks doorgeven aan anderen. Muggen raken besmet als ze geïnfecteerde mensen steken. Geen levensbedreigende infectie Een geruststelling is dat Chikungunya geen levensbedreigende infectieziekte is. Het komt slechts sporadisch voor dat mensen overlijden door de ziekte. Ongeveer één op de duizend patiënten overlijdt aan de gevolgen van Chikungunya. Meestal betreft dat pasgeborenen, ouderen en mensen die andere gezondheidsproblemen hebben. Spuitacties De overheid van Curaçao houdt momenteel spuitacties om de mug die het virus verspreidt uit te roeien. Maar met deze acties worden alleen de grote wegen bereikt en alleen de volwassen muggen aangepakt. Het gif bereikt de achtertuinen en kleine hoekje niet.  Bevolking neemt Chikungunya niet serieus Volgens huisartsen neemt de bevolking Chikungunya niet serieus. De voorzitter van de huisartsen, dr. Homan Jeung, zegt dat mensen teveel steunen op hun huisarts. Maar het virus is niet te behandelen en alleen maar te voorkomen door de hoeveelheid muggen te verminderen. De spuitacties van de GGD zijn bij lange na niet voldoende om het probleem aan te pakken, aldus Jeung. Mensen moeten zelf aan de slag om broedplaatsen in de achtertuinen weg te halen. Vooral nu het regenseizoen begint. Scholen ondervinden hinder Scholen ondervinden hinder van het Chikungunya-virus. De directrice van het Rooms- Katholiek Centraal Schoolbestuur, Lisette van Lamoen-Garmers, heeft te maken met zieke leerkrachten en zieke leerlingen. Ze moet soms kinderen naar huis sturen en gepensioneerde leerkrachten oproepen om ervoor te zorgen dat de lessen doorgaan. Bedrijfsleven Doordat er veel medewerkers ziek zijn, heeft de Chikungunya ook het bedrijfsleven in haar greep. Vliegtuigmaatschappij Insel Air moet alle zeilen bijzetten om ervoor te zorgen dat er geen vluchten geannuleerd worden. Insel Air Aruba helpt Insel Air Curaçao om passagiers te vervoeren en er worden tijdelijk stewardessen vanuit Venezuela ingehuurd.
Door redactie op woensdag 22 oktober 2014
In Oisterwijk, gemeente Brabant, is een straat vernoemd naar Boy Ecury. Boy Ecury was een Arubaanse verzetsstrijder in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij gaf zijn leven voor de vrijheid van Nederlanders. Segundo Jorge Adelberto (Boy) Ecury wordt op 23 april 1922 geboren op Aruba als zevende van dertien kinderen. Ecury komt uit een katholiek gezin van de welgestelde zakenman Dundun Ecury en heeft een gelukkige jeugd. Naar Nederland Na de middelbare schooltijd op Aruba wordt Boy in 1937 door zijn vader naar Nederland gestuurd voor verdere studie. Op de Brabantse kostschool krijgt Boy het als enige zwarte jongen zwaar te verduren. Hij groeit uit tot een eigenzinnige jongen met een sterk verlangen naar rechtvaardigheid. Hij haalt een handelsdiploma op het St. Louis Instituut in Oudenbosch. Verzetsactiviteiten in het Papiaments Dan breekt de oorlog uit. Boy's verzet tegen het onrecht om hem heen groeit. Aanvankelijk pest hij de Duitsers op vrij onschuldige wijze. Langzaam maar zeker wordt zijn verzet echter serieuzer. Hij stelt zich fel en provocerend op jegens de bezetter. Dit leidt ertoe dat hij vanaf het begin van de oorlog actief is in het verzet. Eerst samen met zijn beste vriend, Luis de Lannoy, een medestudent uit Curaçao. Later voegt ook Delfincio Navarro zich bij hen. Ze communiceren in het Papiaments via brieven. Samen plegen ze aanslagen op met brandbommen volgeladen Duitse vrachtauto's, en laten ze treinen ontsporen. Ook helpen ze onderduikers en brengen Geallieerde piloten in Tilburg in veiligheid. Onderduiken In 1942 moet Ecury weg uit Tilburg omdat het te gevaarlijk voor hem wordt. Hij duikt onder op verschillende adressen in Oisterwijk, Delft en Rotterdam. Ook sluit hij zich aan bij een verzetsgroep in Oisterwijk. Als zijn vriend De Lannoy na verraad op 10 februari wordt gearresteerd, doet Boy een poging om hem uit de gevangenis in Utrecht te bevrijden. Maar dat mislukt. Hierna begint Ecury met zijn donkere uiterlijk ook in Oisterwijk te veel op te vallen. Hij sluit zich eind 1944 aan bij de Knokploegen in Den Haag waar hij acties voorbereidt en pleegt, waaronder een liquidatie op een lid van de NSB. Arrestatie en executie Op zondag 5 november 1944, nadat hij de hoogmis in de H. Elisabethparochie bezocht, wordt Boy Ecury in Rotterdam gearresteerd. Hij is verraden door een bekende, Kees Bitter. Hij wordt overgebracht naar de gevangenis het Oranjehotel in Scheveningen. Ecury wordt op 6 november 1944 op de Waalsdorpervlakte gefusilleerd. Hij sterft met een glimlach op de lippen. In 1947 is zijn stoffelijk overschot met militaire eer op Aruba herbegraven. Film en boek Cineast Ted Schouten, een neef van Ecury, maakt begin jaren tachtig voor TeleAruba een televisiedocumentaire over zijn leven. Dankzij de film krijgt Ecury in 1984 postuum het Verzetsherdenkingskruis.  Daarna schrijft Schouten een boek dat in 1985 verschijnt en in 2000 door de Arubaanse regering is heruitgegeven: ‘Boy Ecury, een Antilliaanse jongen in het verzet’. In 2003 maakt cineast Frans Weisz met medewerking van Ted Schouten een film over het leven van Ecury. In het weekend van 25 en 26 oktober viert Oisterwijk 70 jaar bevrijding. Bij die 70 jaar vrijheid past het daarom stil te staan bij het leven van Boy Ecury.