Door Carmon op dinsdag 16 februari 2016
Nederlanders uit Europees Nederland vestigen zich graag in Caribisch Nederland. Tussen 2010 en 2014 verhuisden 3.400 inwoners van het Europese deel van Nederland naar een van de drie eilanden van Caribisch Nederland. Dit meldt Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Caribisch Nederland bestaat uit drie eilanden. Van de drie is Bonaire het grootst met 18.000 inwoners. Sint Eustatius heeft 3. 960 inwoners en Saba, het kleinste eiland, heeft 1.920 inwoners. Toename bevolking wegens migratie Tussen 2010 en 2014 is de bevolking van Caribisch Nederland gegroeid met bijna 3.800 inwoners. Dat is grotendeels toe te schrijven aan de migratie en in veel mindere mate door natuurlijke aanwas (geboorten). De nieuwe bewoners kwamen voor het overgrote deel uit Nederland. Ook migratie vanuit Midden- en Zuid-Amerika, de Verenigde Staten en Canada droegen bij aan deze bevolkingstoename. Verdeling migratie uit Nederland Van de 3.400 Nederlanders uit Nederland waren er 1.750 autochtone Nederlanders. 1.300 mensen uit Nederland was van Antilliaanse herkomst. Onder de Antilliaanse Nederlanders waren er 1.000 van de eerste generatie en 300 van de tweede generatie. Twintigers komen graag Vooral onder 20- tot 30-jarigen van Nederlandse herkomst is Caribisch Nederland in trek. Migratie is normaal gesproken het hoogst onder twintigers en neemt af met de leeftijd. Maar voor Caribisch Nederland is het aantal veertigers dat daarheen migreert verhoudingsgewijs hoog. Dus ook opvallend veel veertigers verkassen naar Caribisch Nederland. Cijfers voor Aruba, Curaçao en Sint Maarten Ter vergelijking: tussen 2010-2014 verhuisden in totaal ruim 22.000 mensen van Nederland naar Curaçao, Aruba en Sint Maarten. 7.500 autochtone Nederlanders, 11.500 Antilliaanse Nederlanders van de eerste generatie en 3.300 Antilliaanse Nederlanders van de tweede generatie.
Door redactie op vrijdag 12 februari 2016
De World Health Organization (WHO) heeft het oprukkende zikavirus uitgeroepen tot internationale noodsituatie voor de volksgezondheid en hoopt zo dat de bestrijding sneller gaat. Experts vrezen dat het virus zich razendsnel zal verspreiden en dat kan fatale gevolgen hebben. Inmiddels is het virus in 24 landen in Latijns-Amerika en het Caribische gebied aangetroffen. Op Curaçao zijn tot nu toe vier gevallen bekend. Curaçao is dan ook door het Amerikaanse instituut voor de volksgezondheid CDC en de Pan American Health Association (Paho) op de lijst gezet van landen waar zika is geconstateerd. Er is geen negatief reisadvies afgegeven. Maar Curaçao heeft de afgelopen dagen goed carnaval gevierd. Zal na carnaval het aantal zika-gevallen toenemen? Is het zikavirus verspreid tijdens carnaval? Gezondheidsexperts zijn bang dat het zikavirus zich tijdens het carnaval heeft verspreid. De combinatie van de virusepidemie en de miljoenen schaars geklede mensen op straat zijn volgens kenners een 'explosieve cocktail'. Het virus wordt verspreid door de zogenoemde Aedes aegypti-muggen, die begin februari het hoogtepunt van hun paartijd beleven, precies tijdens carnaval. De feestgangers dragen tijdens dit feest geen beschermende kleding. Daarom is waarschijnlijk dat het aantal zika-gevallen zal toenemen. Wat doet Curaçao tegen de zikavirus? Protocol voor zwangere vrouwen   Het ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur (GMN) heeft op basis van het advies van de Pan American Health Association (PAHO), richtlijnen opgesteld voor zwangere vrouwen. In het protocol is vastgelegd hoe medici om moeten gaan met het virus en zwangerschap. Inspectie woningen   Het ministerie is sinds december 2014 bezig met het controleren van muggenbroedplaatsen. In september 2015 volgde de tweede ronde. En toch wordt het ministerie de laatste dagen overspoeld met klachten over zika en muggenbroedplaatsen. Het inspectieteam dat belast is met het elimineren van die broedplaatsen is daardoor voornamelijk bezig met het reageren op klachten, waardoor het reguliere werk in het gedrang komt. Zwerfvuil   Een andere belangrijke factor is het ophalen van (zwerf)vuil. Tijdens een project dat in december 2014 is gestart en drie maanden duurde is er ruim 3,6 miljoen kilo vuil verzameld. Op illegale stortplaatsen werd nog eens 2,6 miljoen kilo vuil aangetroffen. Medio september 2015 is er ook zo’n actie uitgevoerd, waarvan echter (nog) geen cijfers bekend zijn. Het is de bedoeling dat het project wordt uitgebreid. Maar volgens Melvin Cijntje van de partij Pueblo Soberano (PS) is de overheid zelf de grootste vervuiler en de laatste tijd worden steeds meer illegale stortplaatsen door de burger ontdekt. Campagne   Op de televisie- en radiokanalen zijn er reclamespots. De informatie wordt ook via de Facebook-pagina van het ministerie verspreid: GMN TV. Ook worden er posters geplakt op diverse locaties op Hato. Speciaal informatienummer   Er is een speciaal informatienummer (9345) voor zika. Volgens de minister van GMN komen per dag zo’n tien à vijftien vragen binnen van bezorgde mensen en klachten over vuildump. De Amigoe (een krant op Curaçao) heeft meerdere keren naar het nummer gebeld, maar niemand nam op. Het ministerie is nu bezig met het beschikbaar stellen van een 0800-nummer. Welke maatregelen kun je zelf treffen? Mocht je toch op reis besluiten te gaan, volg dan de volgende regels: Draag bedekkende kleding Smeer onbedekte huid in met een muggenwereldmiddel dat DEET bevat. Voor kinderen en zwangere vrouwen geldt wel: mijd concentraties boven de 30%. Slaap altijd onder een klamboe of in een muggenvrije ruimte. Voor vrouwen die zwanger zijn of zwanger willen worden, wordt aangeraden het reisadvies van de WHO en de Nederlandse overheid te volgen. Wat is het zikavirus? Het zikavirus is een virus dat wordt verspreid door zogenaamde Aedes-muggen. Door het oplopen van het virus kan iemand zika koorts krijgen. Meestal verloopt de ziekte vrij mild, maar er zijn aanwijzingen dat een infectie tijdens de zwangerschap kan leiden tot bepaalde neurologische geboorteafwijkingen (microcefalie), al is er nog geen wetenschappelijk bewijs gevonden voor dat verband. De Aedes-muggen verspreiden, naast het zikavirus, ook dengue en chikungunya. De muggen zijn vooral tijdens daglicht actief en leven vooral in stedelijke gebieden. Wat zijn de symptomen? Het zikavirus is een relatief mild virus. Een groot deel van de mensen die het virus oplopen hebben geen last van symptomen. Mochten er toch symptomen optreden, zijn dat de volgende: Spier- en gewrichtspijn vaak in handen en voeten Plotselinge koorts Oogontsteking Huiduitslag vaak beginnend met het gezicht Gevoelloosheid Minder vaak: hoofdpijn, gebrek aan eetlust, overgeven, diarree en buikpijn Waar komt het voor? Het zikavirus is al ontdekt in Centraal- en Zuid-Amerika, de Caraïben en Zuidoost-Azië. De WHO verwacht dat het virus zich naar nog meer landen zal verspreiden. Op dit moment komt het virus vooral veel voor in de volgende landen: Barbados, Frans-Guyana, Mexico, Thailand, Bolivia, Guadeloupe, Nicaragua, Venezuela, Brazilië, Guatemala, Panama, Virgin Islands, Colombia, Guyana, Paraguay, Curacao, Haiti, Puerto Rico, Dominicaanse Republiek, Honduras, Salomonseilanden, Ecuador, Kaapverdië, Saint-Martin, El Salvador, Martinique en Suriname. Is er een behandeling voor de besmetting? Nee, momenteel zijn er geen medicijnen beschikbaar om het zikavirus te behandelen. Nu WHO heeft gesproken van een ‘wereldwijde noodsituatie’ zal er wel alles aan worden gedaan zo snel mogelijk een vaccin op de markt te brengen. Gevolgen besmetting De gevolgen van het oplopen van het zikavirus zijn meestal te overzien. Bovendien kun het virus hoogstwaarschijnlijk maar eenmaal oplopen. Na een infectie met het virus, ben je de rest van je leven immuun. Bovendien heeft het oplopen van het virus geen invloed op een mogelijke zwangerschap in de toekomst. Voor zover bekend is het virus binnen drie weken na infectie uit het lichaam verdwenen. Vanaf dat moment vormt het virus dan ook geen gevaar meer voor een ongeboren kind.
Door Carmon op dinsdag 22 december 2015
Terugblikkend op het jaar 2015 kunnen wij stellen dat wij erg tevreden zijn over wijze waarop onze trouwe baat013.nl bezoekers en facebookvrienden onze inspanningen hebben gewaardeerd. Een zeer welgemeende dank je wel aan iedereen die direct en/of indirect een bijdrage heeft geleverd. Wij gaan door en kijken er graag naar uit om jullie ook in het komende jaar 2016 door een Antilliaanse bril te informeren over relevante nieuws, bijzondere en opvallende mensen, gebeurtenissen en wetenswaardigheden.  De redactie van baat013.nl neemt een winterbreak en gaat op woensdag de 27 januari a.s. weer van start met nieuwe publicaties op deze site. Op onze Facebook-pagina beraad antillianen arubanen tilburg kunt u ons blijven volgen en onder andere genieten van de kerst- en nieuwjaarstemming. De redactie wenst u, uw familie en uw vrienden fijne eindejaarsfeestdagen en vooral veel geluk, kracht, wijsheid en gezondheid in 2016.
Door redactie op woensdag 4 november 2015
Officieel is het al een tijdje herfst en dat is duidelijk te merken. De dagen worden korter en langzaamaan ook kouder. Tijd voor vallende bladeren, seizoen groenten en… winterkost! De vier seizoenen in Nederland bepalen grotendeels wat we door het jaar heen eten. In de herfst eten we typische seizoengroente, zoals pompoen en verschillende soorten paddenstoelen. In de winter staan er veel verschillende stamppotten en erwtensoep op het menu. Groenten De seizoengroenten die prima groeien bij lage temperaturen en volop verkrijgbaar zijn, zijn pastinaak, knolselderij en groene kool. En ook spruitjes, boerenkool, winterpostelein, koolraap, zuurkool, winterwortel en rode biet zijn groenten die bij dit seizoen horen. Wintergroenten zijn rond deze periode vaak goedkoper dan groente van ver. Winterkost recepten Typische gerechten die nu op tafel komen zijn erwtensoep boordevol vlees, rookspek, rookworsten en natuurlijk knolselderij. En ook allerlei stamppotten aangevuld met een stuk vlees zoals andijviestamppot, zuurkoolschotel, boerenkool, spruitjesstamppot en hutspot (met wortelen en ui). Antillianen Eten Antillianen deze typische Hollandse gerechten als snert en stamppot? Nee, helaas. Slechts 14 procent eet ‘wel eens’ gestampte andijvie, zuurkool of boerenkool. Dit blijkt uit een onderzoek van het bureau MCA Communicatie uit 2008. Onder autochtone Nederlanders is stamppot wel in trek. Maar liefst 78 procent eet het ‘wel eens’. Erwtensoep bevalt de Antilliaan al iets beter. 23 procent van de ondervraagden eet ‘wel eens’ erwtensoep. Ook Nederlanders moeten overigens relatief weinig hebben van snert. Van de ondervraagden zegt 66 procent de soep wel eens te eten. Uitdaging Kloppen deze cijfers nog? De redactie van Baat wil graag weten hoeveel Antilliaanse Nederlanders nu erwtensoep of stamppot eten. En anders wat dan? Wat is jouw favoriete winterkost? Geef hieronder je antwoord!
Door redactie op donderdag 24 september 2015
Het Papiaments, sinds 2007 een officiële taal op de Nederlandse Antillen, is rijk aan kleurrijke en grappige uitdrukkingen en zegswijzen waar je zowel vrolijk als verdrietig van kunt worden. Veel daarvan stammen nog van vroeger en worden tegenwoordig minder gebruikt. Maar gelukkig zijn er steeds meer jongeren die er belangstelling voor hebben en ze ook meer gebruiken in het dagelijks leven. Daarom besteedt BAAT013 geregeld aandacht aan deze vanuit het leven gegrepen spreekwoorden en gezegden. Hieronder een paar voorbeelden waarbij de Papiamentse uitdrukking vetgedrukt wordt weergeven met daaronder het Nederlandse equivalent of omschrijving. Hoewel het Papiaments maar in een klein taalgebied wordt gesproken is aan onderstaande spreekwoorden en gezegden te zien met hoeveel creativiteit, humor en liefde deze taal zich heeft weten te ontwikkelen en handhaven. Er bestaan twee hoofdvormen van het Papiaments, die vooral in spelling van elkaar verschillen. Het Papiamento dat wordt gesproken op Aruba heeft een etymologisch georiënteerde spelling, terwijl Papiamentu, dat gesproken wordt op Curaçao en Bonaire, fonetisch gespeld wordt. Chupòn no ta yena un yu su barika: Blijf iets dat hoe dan ook moet gebeuren niet steeds maar uitstellen. Mihó mitar glas yen ku henter un glas bashí: Beter een half ei dan een lege dop. Beter iets dan helemaal niets. No ta tur dia ta Pasku. Tur dia no ta lechi dushi: Het is niet altijd rozegeur en maneschijn. Bo no meste pone pushi kwida piská: Je moet de kat niet op het spek binden. Gladys ta bas di redu. Henter ora e ta kana bati bleki: Gladys is een eerste klas roddelaar. Zij doet als maar roddelen Gai ta kanta ora galinya kaba di pone webu: Met andermans kleren pronken. Doctor da Costa Gomez a yega di bisa: “Mi ta un yagdó ku konose mondi”: Doctor da Costa Gomez heeft ooit gezegd: “Ik ken mijn papenheimers wel”. Anzwé chikitu tambe ta kwe piská: Je moet niemand onderschatten. Wilfrido ta moneda di dos kara: Wilfrido is onbetrouwbaar. Hij schaakt op twee borden. Danki di mundu ta pishi di yewa: Dank voor stank krijgen. Riba mi dia di kasamentu mi tabata sintimi manera un puta den misa: Op mijn trouwdag was ik als een kind zo zenuwachtig. Kada kachó tin ku lembe su mes webu: Een ieder moet zijn eigen boontjes doppen. Ora buriku muri, warawara ta hasi fiesta: De een zijn dood is de ander zijn brood. Pa skapa di kachó, konènchi ta drenta den infrou: Een kat in nood maakt rare sprongen. Kargadó di saku largu no ta konfia su kambrada : Zo als de waard is vertrouwt hij zijn gasten. Muhé por pone diabel su boka keda baba: Je moet vrouwen niet onderschatten. Kada pakiko tin su pasobra: Geen oorzaak zonder gevolg. Na tera di galiña, kakalaka no tin palabra: Waar een meerdere komt, moet een mindere wijken. Sende un bela na Dios i un otro na diabel: Twee heren tegelijk dienen. Kachó tin kwater pia ma e no por kana den dos kaminda: Men kan geen twee dingen tegelijk doen. Ook wel: Men kan niet overal tegelijk zijn. Giambo bieuw a bolbe na weya: Een oude vlam is weer opgelaaid, E ta sintá ey pa res i mantek’ibela: Hij zit daar voor spek en bonen. Manchi ta bashí manera ratón di kèrki, E ta kana ku sanka na man: Manchi is zo arm als Job. Hij heeft helemaal niks te makken. Mi no ke ta un pruga den su karson: Ik zou niet graag in zijn schoenen willen staan. Kanaster sin kuminda no ta kue piská: Kosten gaan voor de baat. Blachi bèrdè tin ku seka p’e kai: Alles op z’n tijd. Loke nochi tapa, di dia ta saka: Een leugen komt op den duur altijd uit. Ter afsluiting Weet u wat het Nederlandse equivalent is van deze Papiamentse uitdrukkingen? Plaats dan uw reactie achteraan dit bericht! · Kaminda djente ranka, lenga ta pasa. · E no a rèkè ni mèkè. · Meste grawatá kaminda ta kishikí. Zie ook: Oude uitdrukkingen en gezegden in het Papiaments deel 1
Door redactie op donderdag 17 september 2015
De vakantieperiode is voorbij. Wie in deze periode naar de Antillen is gegaan, deed dit per vliegtuig. Het is een verre vliegtuigreis en je doorkruist een aantal tijdszones. ‘Heb jij last van een jetlag?’ is een vraag die je dan vaak hoort. Maar wanneer heb je er het meeste last van? Als je aankomt op Curaçao of als je aankomt in Nederland? Een jetlag is de verstoring van het natuurlijke slaap/waakritme die optreedt wanneer iemand in korte tijd, bijvoorbeeld per vliegtuig, naar een plaats op aarde gaat waar het volgens de plaatselijke tijd aanzienlijk vroeger of later is dan op de plaats van vertrek. Doordat je op korte tijd een groot aantal tijdszones doorkruist, raakt je biologische klok (of bioritme) soms ontregeld. En dit kan voor onaangename neveneffecten zorgen. Wat is een jetlag? Ons 24 uur ritme van slaap en activiteiten wordt beheerst en gereguleerd door onze biologische klok in de hersenen. Dat is geen zichtbare tikker maar een gevoelsklok. Deze biologische klok wordt elke dag op tijd gezet door het daglicht en is aangesloten op het eind van je oogzenuw. Daar komen de signalen van licht en donker binnen waardoor je hersenen weten of het al tijd is om te gaan slapen of dat je nog wel een filmpje kunt kijken. Biologische klok raakt in de war Zo’n klok kan het moeilijk krijgen wanneer je naar een verre tijdzone vliegt. Je biologische klok verwacht duisternis maar krijgt een portie extra licht of andersom. Hierdoor raakt die klok in de war en dat kan soms een paar dagen duren. Daarnaast moeten ook je organen zich aanpassen aan de nieuwe situatie en tijd. Je al bijna slapende nieren en lever moeten ineens langer doorwerken. Dat zou jij waarschijnlijk ook niet leuk vinden en daarom gaan ze klagen bij je hersenen met als gevolg hoofdpijn, klachten in de maagstreek of somberheid. Jetlag symptomen en signalen Een jetlag kan je herkennen aan verschillende symptomen na een vliegreis. Het belangrijkste symptoom is extreme vermoeidheid. Dit kan zelf zo erg zijn dat je er ziek van wordt. Daarnaast kan je last krijgen van verschillende lichamelijk en psychische klachten zoals vermoeidheid, hoofdpijn, maagklachten, slechte concentratie, pijnlijke gewrichten en zelfs geheugenverlies. Hoe meer tijdzones je passeert, hoe meer last je kunt krijgen van jetlag symptomen. Niet iedereen heeft evenveel last van een jetlag Ongeveer driekwart van de reizigers heeft last van een jetlag, maar niet iedereen is even gevoelig voor de effecten daarvan. De ene persoon heeft het er moeilijker mee dan de andere. Er zijn mensen die na een goede nachtrust snel zijn aangepast aan het nieuwe ritme. Anderen hebben na een lange vliegreis soms wel dagenlang last van een jetlag. Over het algemeen geldt: hoe ouder, hoe minder last. Vrouwen hebben doorgaans iets meer last van een jetlag dan mannen. Je vliegt naar Nederland Mensen die naar het noorden of zuiden reizen, krijgen geen jetlag omdat ze geen tijdzones doorkruisen. Als je naar het oosten (bijvoorbeeld van de Antillen naar Nederland) reist heb je het meest last van een jetlag, dit omdat je bij elke doorkruiste tijdzone een uur verliest. Je vliegt naar de Antillen Bij het reizen naar het westen (bijvoorbeeld van Nederland naar de Antillen) krijg je wel een jetlag, maar omdat je bij elke doorkruiste tijdzone een uur er bij krijgt wen je meestal makkelijker aan het tijdsverschil. Maar een jetlag wordt ook veroorzaakt door een andere omgeving, andere gebruiken en door de opwinding van vakantie. De vliegreis om op een bepaalde bestemming te komen is bovendien een aanslag op het menselijk lichaam. Een paar dingen die je tegen een jetlag kunt doen · Geef zo min mogelijk gehoor aan je biologische klok. Kruip dus niet bij aankomst direct onder de wol als het nog middag is, maar probeer zo lang mogelijk wakker te blijven. Is het op de plaats van bestemming al avond, maar ben je nog niet moe? Ga dan toch gewoon naar bed. Je lichaam past zich op deze manier het snelst aan. · Blijf overdag zoveel mogelijk in daglicht, liefst in de felle zon. Je lichaam krijgt zo meer signalen dat het dag is, en zal minder snel in de slaapstand schieten. · Zorg ’s avonds voor een hele donkere kamer. Gebrek aan licht stimuleert het slaapproces in je hersenen. · Kun je ’s avonds de slaap echt niet vatten, dan kun je melatonine slikken. Dit stofje wordt door de pijnappelklier aangemaakt in de hersenen en zorgt ervoor dat je slaperig wordt. Melatonine in een pilletje heeft datzelfde effect. Slik melatonine ongeveer een half uur voor het naar bed gaan.
Door redactie op woensdag 2 september 2015
Deze dagen draait in Nederland de documentaire ‘Sombra di Koló’ van Angela Roe. Ik mocht een interview met haar doen en heb de documentaire twee keer gezien. De film gaat over de betekenis van huidskleur en ras vandaag de dag en de relatie tussen kleur en sociale klasse. In de film stelt Angela de vraag ‘vertel me iets over kleur’. Ik werd geraakt door deze vraag en vroeg me af of mijn kleur ook een rol speelt in mijn leven. Nee, mijn kleur speelde geen rol bij mijn studie, bij het vinden van een baan en in mijn sociale leven. Ik heb er geen hinder van ondervonden. Maar omdat ik anders uitzie heb ik wel gevallen meegemaakt waarbij mijn kleur er aan te pas kwam. Naar Parijs Ik ben geboren op Curaçao en in 1978 in Nederland komen studeren. Ik kwam in Tilburg terecht om bedrijfseconomie te studeren aan de Katholieke Hogeschool Tilburg, tegenwoordig Tilburg University. Ik woonde op de studentenflat en we gingen met een groep naar Parijs. We liepen daar op straat en je zag heleboel zwarte mensen. Op een gegeven moment zei één van de medestudenten tegen mij: “je bent eigenlijk helemaal niet zwart”. Voor mij was dit de eerste keer dat over mijn kleur werd gesproken. Schoonmaakploeg Na mijn studie ging ik werken bij de Belastingdienst. Als je het gebouw binnenkwam moest je langs een portier. Een hele vriendelijke man. Een van de eerste keren dat ik binnenkwam zei hij tegen mij dat mijn collega’s net weg waren. Als ik hard rende kon ik ze nog inhalen. Met mijn collega’s bedoelde hij de schoonmaakploeg. Hoogste verdieping Een ander keer vroeg hij mij wat ik te zoeken had op de vierde verdieping. Het was een oud gebouw met vier verdiepingen. Hoe hoger je functie hoe hoger de verdieping. Ik werkte als Rijksaccountant en die zaten op de vierde verdieping. Ik moest in het begin mijn identiteitspapieren laten zien om de lift te kunnen pakken. Nadruk op het anders zijn. In die tijd dat ik bij de Rijksoverheid werkte hadden ze een beleid om allochtonen in dienst te nemen. En ze hadden allerlei faciliteiten voor de allochtoon. Als in mijn rapportages een woord of zin verkeerd was, werd ik meteen naar een cursus Nederlands gestuurd. Mijn leidinggevende moest ook naar een cursus ‘hoe om te gaan met allochtonen’ en mijn team kreeg ook een workshop want er was een allochtoon in hun midden. We kregen uitleg van een duo, een zwarte en een witte meneer. Ze noemden zich Sjors en Sjimmie. Ik vond ze heel eng. Ik had totaal geen moeite met mijn leidinggevende en teamleden. Maar door het constant de nadruk te leggen dat ik anders was werd je ook anders behandeld. Uitblinker Na de Belastingdienst kwam ik bij Interpolis terecht, een verzekeringsmaatschappij. Wat een opluchting was dat. Ik werd niet onder een vergrootglas gelegd. Ik was een collega. Maakte ik een taalfout, dan werd deze gewoon verbeterd want iedereen maakt fouten. Bij Interpolis was ik een specialist op het gebied van levensverzekeringen. En zo werd ik ook behandeld. Natuurlijk werden er grappen gemaakt over mijn accent. Vooral de vette ‘W’ was erg populair. Maar omdat ik ervoor zorgde om uit te blinken in mijn vak werden dit soort grappen niet meer gemaakt. Mijn kleur? Als ik op vakantie ben op Curaçao ga ik veel naar het strand en krijg dan een hele bruine kleur. In het begin bij mijn terugkeer in Nederland kreeg ik steevast verbaasde opmerkingen hierover. “Goh ik wist niet dat je bruiner kon worden.” Laatst kwam ik de eerste dag dat ik op Curaçao was een vriendin van mijn moeder tegen. Ik vertelde haar wie ik was. Ze keek me aan en zei: ”Hoe kom jij zo wit, je was toch vroeger bruin”? Carmine Palm
Door Carmon op dinsdag 30 juni 2015
Sleeves is een Curaçaose coverband met een breed repertoire, van rock tot dance, van soul tot jazz. Ze geven het publiek waar ze voor zijn gekomen: music, fun and entertainment. Sleeves heeft nu een cover gemaakt van de hitsingle van Kenny B. ‘Parijs’. De cover heet ‘Papia papiamentu ku mi’, en er hoort zelfs een videoclip bij. De redactie van Baat sprak met met Eric Jan van Leeuwen, de zanger van Sleeves. Vertel eens iets over jullie zelf? Een jaar of acht geleden kwamen drie man, Bik, Maarten en Mike samen om iets gezelligs te doen met muziek. Dat was het begin van Sleeves. Bik en Maarten zitten nog steeds in de band. Al gauw werd het aantal muzikanten groter en ook de muzikaliteit. Ik zelf kwam er een half jaartje later bij, naast de lead zangeres. Tussendoor hebben we aardig wat wisselingen gehad, maar de huidige bezetting is al een paar jaar hetzelfde. Sleeves bestaat uit 11 leden. Waarom zijn jullie met zoveel? Dat is puur voor de gezelligheid en omdat het onze hobby is. Commercieel is een grote band op een eiland niet handig. Het is te groot en dus te duur. Vandaar dat wij per persoon een lagere prijs hebben dan in kleinere bands. Zo is het toch nog enigszins aantrekkelijk om te spelen. Omdat we zo groot zijn, spelen we ook niet zo vaak op het eiland: vier tot zes keer per jaar. Dan blijft het ook leuk voor ons en voor het publiek. Het is echt altijd feest als we spelen. En het voordeel van zo’n grote bezetting is dat we kunnen we schakelen van Van Halen naar Cool and the Gang, van snoeiharde gitaren naar feestelijke blazers nummers. Onze 4 koppige blazerssectie maakt het wat mij betreft echt af. Waar komen jullie vandaan en wat is jullie muziekachtergrond? We zijn een enorm gemixte band, Yu di Korsou en Nederlanders die hier tussen de 5 en de 25 jaar wonen. We hebben in de band enorm veel kennis. , Zo hebben we het hele nummer ‘Papia papiamentu ku mi’ met eigen middelen gemaakt. De muzikale productie deden we in de studio van onze goede vriend Gino Cova die zijn eigen reclame bureau Icon heeft. De videoclip is geregisseerd door Maarten die veel ervaring heeft in regie, toneel en filmwerk. En Yuri, die een professioneel videoproductiebedrijf heeft (Caribbean Legacy), heeft de schitterende beelden gemaakt. Waar treden jullie op? Komen jullie ook nog een keer in Nederland? We zijn vanwege de grootte van Sleeves beperkt in waar we optreden. Meestal treden we op in de grotere uitgaansgelegenheden met een flink podium of op grotere evenementen. Ook zijn we te vinden op onze buureilanden, Bonaire, Aruba en in de toekomst ook op St Maarten. Nederland zit er voorlopig niet in. We houden toch echt van de Happy hours met mooi weer. Waarom een cover van het nummer ‘Parijs’ van Kenny B.? Het was puur een ingeving van onze Saxofoonspeler Edwin en opgepakt als geintje. Vanaf het moment dat we online gingen waren we de grip kwijt. Overal, ook in Nederland, kun je het downloaden of beluisteren. Daar komt nu een schitterende Caribische clip bij die mensen helemaal in de sfeer van Curaçao brengt. De clip is echt bedoeld is als een positieve kijk op ons eiland. Heeft Kenny B. het nummer gehoord en wat vindt hij ervan? Ik heb werkelijk geen idee, ik ben wel erg benieuwd! Praten jullie zelf Papiaments? Echt multicultureel, zoals Curaçao is, hebben we, Antilliaanse, Surinaamse, Indische, Nederlandse en zelfs Duitse roots en vrijwel iedereen kan zich verstaanbaar maken in Papiaments en Nederlands. Denken jullie dat ook dit nummer gaat scoren zoals ‘Parijs’? We hebben echt geen idee, maar de aandacht nu is hartstikke leuk. Het origineel is natuurlijk echt briljant, daar liften we misschien op mee. Al hebben we geen commerciële intenties. Onze gedachte is dat de clip en het nummer positieve reclame moet zijn voor Curaçao. Het wordt in ieder geval door veel mensen enorm gewaardeerd. Welk nummer zouden jullie graag nog eens willen coveren en waarom? Dit was gewoon een spontane actie en we zien verder wel. Go with the flow! Wil je verder nog iets aan ons kwijt? Volg ons vooral op onze Facebook-pagina. Verder veel kijk- en luisterplezier en… te despues!
Door redactie op zondag 14 juni 2015
De zomer en de zomervakantie komen er weer aan. Ook voor Reggie Curiël. Wat betekent de zomer voor Reggie? Hij blogt hierover op www.vertaalweb.com. Hieronder zijn verhaal. Reggie, eigenaar van vertaalweb is geboren op Curaçao en woont met zijn vrouw en twee dochters in Delft. Summertime oftewel de zomervakantie is in aantocht De zomervakantie is in aantocht. Ik weet dat het pas juni is, maar geloof me het gevoel begon al in de laatste week van mei, zo’n beetje. De lente doet dan pogingen om zich te laten gelden, voordat de zomer hetzelfde gaat proberen, maar dan met meer intensiteit . Na ruim 30 jaar Nederland heb ik geleerd dat de lente en haar grote broer zomer, hun best doen, maar soms ook roemloos en ook grandioos ten onder gaan. Dat valt voor mijn Caribische botten niet altijd mee want die snakken inmiddels naar een beetje zon. Zoals gisteren bijvoorbeeld. De kinderen vlogen naar school of kwamen te laat aan, afhankelijk van mee- of tegenwind. Nu is het weer hier thuis toch altijd al een onderwerp van gesprek. Als Antilliaanse man tussen drie vrouwen die allemaal hier geboren zijn valt het niet altijd mee. Zeker in de winter haak ik volledig af. Als ik twee pubers zie discussiëren of er een kans in zit dat ze kunnen schaatsen dan gaat bij mij het licht uit. De winter bekijk ik het liefst vanachter het raam met de verwarming aan. Wintersport is ook niks voor mij, ooit wel eens een Antilliaan op ski's gezien? Ze zullen er best zijn maar ik ken ze niet, in ieder geval niet zij die het vrijwillig doen, of ze moeten in Nederland geboren zijn. Zo tegen de tijd dat de lente zich gaat roeren kom ik thuis ook onder mijn steen vandaan, word ik weer wat gezelliger en heb ik weer hoop dat ik binnenkort mijn korte broek en slippers uit het vet kan halen, zeg maar het uniform van een Caribische man. Mijn dochters lachen zich iedere keer weer een breuk, dat zijn dus die momenten dat ik me realiseer dat ik echt van een andere planeet kom, in dit geval Curaçao. Maar goed zoals ik al zei in het begin, de zomer nadert. Mijn dochters bereiken een fase die een beetje te vergelijken is metaalmoeheid. Aan de buitenkant merk je er niet altijd wat van, maar het is wat er van binnen gebeurt, waar het gevaar schuilt. Geen zin en ben moe worden afgewisseld met het tellen van de weken dat het nog duurt voordat die grote zomervakantie eindelijk aanbreekt. En de gevaren voor mij, die zijn ook best wel aanwezig. Zie het maar als het lopen in een mijnenveld. Je hebt een beetje een idee waar die mijnen liggen en je springt van het ene veilige gedeelte naar het andere. Maar als je verkeerd gesprongen bent, dan ontploft het in alle hevigheid. En als een wat geagiteerde dochter zegt dat ik er weer eens niets van begrijp, dan besef ik inderdaad dat het tijd wordt dat de zomer aanbreekt. De kinderen zijn dus aan vakantie toe zijn. Maar voor dat het zover is moet de jongste, die in groep 7 zit, nog aan een werkstuk over het heelal opleveren, gelukkig een overzichtelijk onderwerp dus dat gaat vast soepel verlopen. Daarnaast heeft ze de gebruikelijke CITO- en andere toetsen voordat het echt vakantie is En voor de oudste is de aankomende toetsweek van het Gymnasium plus nog een van de laatste hordes die genomen moeten worden op weg naar de zomer. Met veel extra vakken waaronder Chinees lopen de stressniveaus snel op. Kortom er moet nog wat water door de Rijn (ik hoop niet letterlijk) voordat het echt zomer is en we op vakantie kunnen. Het is uiteraard niet alleen maar kommer en kwel. Integendeel zelfs, ze kijken alvast vooruit naar de vakantie. Eindelijk weer naar Curaçao, naar Opi en Oma Konta (mijn ouders) want het is alweer een tijdje geleden. Voor mijn jongste dochter is zwemmen van levensbelang in de zomer. Iedere ochtend is haar eerste vraag bij het ontwaken of ze die dag kan zwemmen. Dus komende vakantie is het ultieme genot, zwemmen in die helderblauwe Caribische zee. Eerlijk gezegd kan ik ook niet wachten. Mijn kinderen zijn hier geboren en duiken ook de Noordzee in. Dat bekijk ik in de regel met afgrijzen. Ik geloof dat ik ooit een teen in die bruine massa heb gestoken maar ik was bang dat ik mijn teen nooit meer zou terug zien, dus zwemmen in de Noordzee kan op weinig begrip van mijn kant rekenen. Ik verheug me dus op het moment dat ik de zee op Curaçao kan in rennen en mijn zwem DNA weer ontwaakt. Ik kan me nog een moment herinneren dat mijn vrouw voor het eerst op Curaçao was en met mij samen bij Boca Sami het water in liep. Ik was helemaal in extase tot ik haar stem achter mij hoorde met de vraag wat die zilveren dingen waren die om haar benen heen cirkelden. Dom genoeg antwoordde ik vissen. Ik heb de rest van de tijd naar haar gezwaaid op haar handdoek. Het water is ze daar niet meer in gegaan. We werken er nog aan. Onze oudste dochter verheugt zich op het eten, de loempia’s bij Rio Canario, de Truk’i pan bij Saliña, eten bij Plasa Bieu of bij Pop’s place aan Caracasbaai. Wij Antillianen hebben wat met eten, eten staat voor familie, voor samen en voor gezelligheid. Er is geen leven mogelijk zonder eten, nou ja misschien wel maar dan is het half niet zo gezellig. Mijn oudste dochter is in dat opzicht echt een yu di Korsou. Haar herinneringen zijn geordend aan de hand van de eet ervaringen die ze heeft en op Curaçao gaat dat over loempia’s, galiña, pan ku lomitu, arepa di pampuna, kortom alles wat mijn eiland te bieden heeft. Na het landen moeten we loempia’s halen want daar heeft ze zoooooo een zin in. Niet de weirde shit zoals ze zelf zegt. De laatste keer aten we bij mijn ouders tussen de middag en die hadden echt Antilliaans gekookt: Kolo Stoba ku Rabu i Funchi. Nu eten mijn dochters alles en proberen ook alles dus met enthousiasme werd opgeschept. De langwerpige stukken vlees werden wat vreemd bekeken en op een goed moment besloot een van de twee toch te vragen wat het was want het smaakte een beetje vreemd. Mijn vrouw had het al door gehad, die had vriendelijk bedankt en was bij een vegetarische maaltijd gebleven. Ze is inmiddels ervaringsdeskundige. Ik antwoordde Rabu. Rabu papa, wat is dat? vraagt mijn dochter nog. En dom dom dom, varkensstaart zei ik. Hun blik was priceless, maar dan niet in de Mastercard betekenis van het woord. Laat ik het zo zeggen, varkensstaart eten ze niet meer. Voor mij maakt het allemaal niet zo veel uit. Na drie jaar merk ik dat ik er echt aan toe ben om naar huis te gaan. Ik kan er zelfs emotioneel van worden, ik heb de afgelopen tijd hier een daar een traan weg gepinkt. Natuurlijk mis je je familie en deze vakantie is voor een groot deel familiebezoek. Maar het is meer. Het is zoals de zangeres Izaline Calister zingt in Mi Pais, het is mijn land. Het land waar mijn navelstreng begraven ligt en die na meer dan 30 jaar nog altijd aan mij trekt. Het doet wat met me als ik de luchthaven uitloop en door de warmte wordt begroet. Dit is geen Zuid Spanje, Griekenland of Italië, dit zijn de tropen en die warmte die ken je en hoe lang geleden ook, het voelt telkens weer als thuis aan. Maar we zijn nu pas in juni en zoals eerder gezegd we zijn er ook nog niet. We zijn wel onderweg. Ook mijn vrouw heeft een paar tentamens te halen voor die tijd. Er moet nog aan een werkstuk gewerkt worden. Toetsweek komt er ook aan en dat vereist de nodige voorbereiding. Dat is niet alles want er moeten ook muziek- en danslessen nog gevolgd worden. Beachvolleybal trainingen staan nog op het programma. En dan zelfs ook nog een wedstrijd. Oh ja, en naar de WK beachvolleybal finale gaan kijken. Vergeten we niets? Een paar weken school natuurlijk maar dat gaat prima lukken, dat weet ik gewoon. Het zijn allemaal doorzetters. Ze hebben de beste eigenschappen van hun moeder geërfd en gelukkig niet te veel slechte van hun vader. Wordt vervolgd.
Door redactie op woensdag 3 juni 2015
Op 1 juni 2012 is baat013.nl live gegaan. Drie jaar later heeft baat013.nl een solide positie verworven als informatiebron voor iedereen die op een andere manier met de Antillen of Aruba te maken heeft. De uitgangspunten van de site zijn de afgelopen jaren wel wat gewijzigd. Eerst was de rol en functie van Baat013 die van ‘beraad’. Later ging Baat013 door als communicatie- en mediaplatform. Ook de doelstelling werd aangescherpt: door een Antilliaanse bril mensen informeren over nieuws, cultuur en politiek. Over mensen De lezers van de website zagen in die drie jaar artikelen verschijnen over politiek, cultuur, nieuws, sport en verhalen van de eilanden. Maar in het laatste jaar verschijnen er meer artikelen over mensen. Wat doen zij en wat houdt hun bezig? Hieronder een overzicht van het laatste jaar: Delilah Eugenio weet alles over Food of Slavery Mildred Straker vertelt haar verhaal Maristella Martes portretteert ouderen Marjan van Wijngaarden houdt van Curacao Marvin Madera gaat terug naar Curaçao John Bernabela actief in het rolstoelbasketbal Elmus Da Costa Gomez en Tumbafestival 2015 Hermien Visscher en Marc Oldeman hebben een wijngaard op Curaçao Ireno Baranco en zijn gedachten Rose-Marie van Abeelen en Mariëta Emers krijgen een Koninklijke onderscheiding Gabi Ras en Chandni Dwarkasing doen aan slacklinen We horen graag jouw verhaal Heb jij ook je eigen verhaal of een onderwerp dat je met baat013.nl wilt delen? Neem contact met ons op!